De natuur bleef toen de tram verdween. En nu? Fietsasfalt

Toerisme De hellingen waarover de Amstel Gold Race voert, lokken ook amateurfietsers naar Zuid-Limburg. Voor de niet-klimmers onder de fietsers komt er een fietspad over een oud tramtracé. Maar er is verzet: sommigen willen liever een wandelpad.

Wielrenners nabij Cadier en Keer. Lokale overheden in Zuid-Limburg willen er een oud tramtracé veranderen in een fietsroute tussen Maastricht en Aken. Foto Chris Keulen

Jürgen Mingels wil geen Amsterdamse toestanden in het Limburgse Heuvelland. De hoofdstad verliest een deel van haar aantrekkingskracht door de enorme drukte. Voor de woonomgeving van Mingels, voorzitter van de Vereniging tot Natuurbehoud Cadier en Keer, geldt dat ook. Op zondagen gaat hij al niet meer wandelen. Te druk. „Het ergst was die keer dat ik rustig op een bankje in de natuur dacht te zitten. Tot er op het pad voor me een ruiter, een jeepchauffeur en een groep mountainbikers met elkaar ruzie gingen maken.”

Een nieuwe bedreiging voor de rust ziet Mingels in de plannen voor een fietspad van Aken naar Maastricht, over het tracé van een trambaan die van 1922 tot 1938 in bedrijf was. Omdat de tram geen grote stijgingen aankon, zijn de hoogteverschillen te overzien en de hellingen niet te steil. Mingels: „Het betekent wel nieuw asfalt dwars door het Nationaal Landschap Zuid-Limburg en Natura 2000-gebieden.”

Mingels leidt rond op de verstilde Zwarte Weg net buiten Cadier en Keer. Hier liggen paddentrekroutes. In de hellingen direct langs de holle weg vind je dassenburchten. „Nog wel.” Een nieuw pad betekent verstoring van het leefgebied. Strooizout dat de omgeving in spoelt. Begroeiing en dood hout op en langs de onverharde paden moet straks wijken vanwege de veiligheid.

Hoop op Brussel

Het gaat de planners van de trambaanfietsroute niet alleen om een nieuwe verbinding en verhoging van de toeristische aantrekkingskracht van Zuid-Limburg. Het project moet ook een voorbeeld van grensoverschrijdende samenwerking worden. De streek wil „een voorbeeldregio zijn voor het moderne Europa”, jubelt een promotiefilmpje, „en tonen hoe de samenhang tussen twee culturen een ziel krijgt”. De hoop is dat Brussel bijdraagt aan de begrote 3,7 miljoen euro. Voorshands betalen de provincie (2 miljoen) en de gemeenten Vaals, Gulpen-Wittem, Eijsden-Margraten (elk vier ton) en Maastricht (twee ton).

CDA-wethouder en voortrekker Armand Opreij uit Eijsden-Margraten ziet de fietsroute al helemaal voor zich: langs natuurschoon, de Amerikaanse begraafplaats, hoeves, kloosters en kastelen en dan eindigen in „de keizersstad” Aken. Daar kun je nog aansluiten op de Vennbahn, een voormalig treintracé.

Van verzet tegen het plan begrijpt Opreij weinig. „Het lijkt wel alsof we een ringweg willen aanleggen. Maar het wordt een fíétsroute. Meer fietsen is goed voor het milieu en de gezondheid. En meer mensen kunnen genieten van de rust en stilte.”

Juist voor de hellingen

Maar naast Mingels zijn er meer tegenstanders. Wiel Dreessen (Eijsden Margraten Lokaal), met 52 jaar het langstzittende raadslid van Nederland, hekelt de procedure. Volgens de Gemeentewet moeten de gemeenteraden bij ingrijpende zaken worden geraadpleegd. „Dat is niet gebeurd. Begin dit jaar hebben de wethouders bovendien een overeenkomst getekend. Daar waren ze niet voor gemandateerd.”

Volgens Opreij is die laatste fout „gerepareerd”. Hij zegt de raden steeds „te hebben meegenomen” in het maken van nieuwe plannen. Dit najaar „kunnen ze zich nog uitspreken over de bestemmingsplanwijzigingen die nodig zijn voor de fietsroute”.

Dreessen is niet onder de indruk: „Dan is het te laat en kunnen we alleen nog details wijzigen.”

Hij ziet de noodzaak van de trambaanfietsroute evenmin. Wegen genoeg. „Veel fietsers komen juist voor de hellingen.” Vanuit zijn huiskamer ziet Dreessen hoe ze de Bemelerberg proberen te bedwingen. Komende zondag de profs in de Amstel Gold Race. De overige dagen van het jaar de liefhebbers.

Het tracé van de voormalige trambaan zou als wandelroute wél een attractie kunnen worden, denken Dreessen en Mingels. Van de bezoekers van het Heuvelland zegt 61 procent voor het wandelen te komen. Dreessen: „Dat kan zonder ingrepen en zonder verstoring van de balans.”

    • Paul van der Steen