Eelco Blok: „Hoe vaak het niet in de kranten heeft gestaan dat ik het volgende kwartaal niet zou halen.... Maar ik heb zelf altijd steun van de commissarissen ervaren.”

Foto Andreas Terlaak

Zeven jaar varen met tegenwind bij KPN

Afscheidsinterview Eelco Blok vertrekt na zeven roerige jaren als bestuursvoorzitter van KPN. Hij sloeg een vijandige overnamepoging af en bracht het telecombedrijf toen het wankelde in rustiger vaarwater.

Nog een paar dagen en dan stopt Eelco Blok na 35 jaar bij KPN. Hij begon er toen het bedrijf nog PTT heette en alle medewerkers ambtenaren waren.

Het bedrijf is ingrijpend veranderd, Eelco Blok niet. Ook in de week voor zijn vertrek is hij rolvast: altijd terzake. Een nuchtere Zeeuw, stelt hij zelf ook vast, die graag wil winnen – bonk! op de tafel. En die het vandaag – nog een bonk – beter wil doen dan gisteren – laatste bonk.

Hij citeert, waarschijnlijk onbewust, de belofte die hij deed in zijn eerste jaarverslag uit 2011: doing things better then yesterday and even better tomorrow.

Blok is de man die KPN door woelige tijden loodste: langs een scherpe omzetdaling van het mobiele netwerk, achtergebleven investeringen, een hoge schuldenlast, een vijandige overnamepoging, allemaal in de eerste twee jaar van zijn bewind.

Zeven jaar later is KPN nog altijd marktleider op de Nederlandse telecommarkt – qua omzet (6,5 miljard euro) en personeel (13.275 medewerkers) de helft van 2011, financieel een stuk gezonder. Er ging een streep door alle buitenlandse ambities.

Missie voltooid, vindt Blok. „Als ik van tevoren had geweten dat we dat allemaal zo voor elkaar zouden krijgen, dan had ik daar meteen voor getekend. En dan waren de eerste paar jaar met iets minder stress verlopen.”

Als je Eelco Blok vraagt hoe hij het vond, zijn afscheidsreceptie na 35 jaar KPN, dan begint hij over de bijdrage van het KPN Mooiste Contact Fonds aan de Dirk Kuyt Foundation, die gehandicapte sporters helpt te vervoeren naar hun wedstrijden. Dat was het goede doel voor zijn afscheidscadeau.

Prachtig. Maar hoe vond hij het zelf om afscheid te nemen van een bedrijf waar hij decennia „met hart en ziel” werkte, waar hij zijn vrouw leerde kennen, waar hij drie topmannen versleet voordat hij zelf het roer in handen kreeg en waar hij een vijandige overname voorkwam?

Blok is niet van het sentimentele. „Ik weet al een tijdje dat ik wegga, en heb me op voorbereid dat het op 18 april afgelopen is. Dat helpt om afstand te nemen. Op 19 april ben ik alleen nog maar aandeelhouder.”

Over vier weken is hij al aan de slag bij Reggeborgh, de investeringsmaatschappij van de vorig jaar overleden Dik Wessels. Daar gaat hij andere bedrijven begeleiden – hoe precies, dat is nog niet duidelijk – en daarnaast houdt hij genoeg tijd over voor commissariaten bij TNT en Philips Lighting.

Om te ontsnappen uit de bureaustoel spreken we af op de plek waar hij zijn vrije tijd het liefst doorbrengt: aan het water, bij zijn boot. Als fervent wedstrijdzeiler is hij vaste gast in Roelofarendsveen, waar een van zijn boten ligt. Op een trailer, klaar om ergens in Europa een wedstrijd te zeilen met een team van vier man en een eigen coach.

Op de parkeerplaats bij de jachthaven wacht chauffeur Wim in de Audi Q7. Hij reed de KPN-topman jarenlang, 60.000 kilometer per jaar. „Ik ga hem missen, ik kon echt mezelf zijn bij die man”, zegt de chauffeur.

Dus veel grappen en grollen onderweg? Dat ook weer niet: „Meneer Blok is een hele harde werker.”

Die omschrijving komt overeen met KPN’ers die je vraagt naar Blok. Hij is de topman die al om 6, 7 uur ’s ochtends aan de slag is. Het is een imago dat hij zelf een beetje cultiveert, zegt Blok in het café bij de jachthaven. „Het helpt als je je mail af en toe ’s morgens vroeg of in het weekeinde doet.”

Had u niet langer willen blijven?

„Ik heb een bewuste keuze gemaakt dat het na twee termijnen mooi genoeg is geweest. Nu kan ik nog iets anders gaan doen. Als het over dit soort zaken gaat, heb je altijd discussie met jezelf en een aantal mensen om je heen. Maar na zeven jaar is het tijd voor verandering.”

Waar moet uw opvolger, Maximo Ibarra, rekening mee houden?

„Ik ga niet over mijn graf heen regeren. Het bedrijf staat er goed voor en hij krijgt een heel ervaren team.”

Hoe vond u het om als topman in de belangstelling te staan?

„Dat vind ik lastig, het gaat niet om mij maar om het bedrijf. Als hoogste baas weet je dat je in de schijnwerpers staat, zeker als het niet goed gaat. Bijvoorbeeld die keer dat ik met mijn vrouw uit eten was en iemand me in het restaurant aansprak die net een week daarvoor ontslagen was.

„Het is een leercurve, je wordt zelfverzekerder als het beter gaat met het bedrijf. Eind 2012 begonnen we intern de eerste positieve dingen te zien, in 2013 zag de buitenwereld ze ook. Dan wordt de druk van buiten minder.”

Was er ook druk van binnen het bedrijf om te vertrekken? América Móvil stuurde daar op aan, toen het probeerde KPN over te nemen.

„Hoe vaak het niet in de kranten heeft gestaan dat ik het volgende kwartaal niet zou halen… Maar ik heb zelf altijd de steun van de raad van commissarissen ervaren, met name van president-commissaris Jos Streppel.”

KPN wist aan overname te ontkomen met een slimme beschermingsconstructie. Is extra bescherming van Nederlandse bedrijven nodig?

„Voor KPN zijn geen maatregelen nodig, maar het kan andere bedrijven helpen als hen meer tijd gegund wordt om na te denken over de consequenties van een bod en naar alternatieven te zoeken. Tijd is de bepalende factor bij dit soort processen.

„Aan de andere kant: zo zit de markt nu eenmaal in elkaar. Als een Nederlands bedrijf iets overneemt in het buitenland, zijn we trots dat wij dat als klein landje voor elkaar krijgen. Dan moet je ook niet opkijken als hetzelfde bij Nederlandse bedrijven gebeurt.”

Dus het sentiment om KPN in Nederlandse handen te houden vond u overdreven?

„Ja. Hoewel, toen KPN dreigde overgenomen te worden, was er niet veel steun van de Nederlandse overheid. Anders was het bij PostNL en bij AkzoNobel [toen minister Kamp van Economische zaken zich hardop uitsprak tegen overnamepogingen, red.]. Dat vind ik een overdreven reactie van de overheid.”

Was u wel blij dat KPN niet onder uw leiding verkocht werd?

„Dat is een lastige vraag. Ik ben niet perse tegen een verkoop van KPN. Als er een mooi bod neergelegd wordt dat goed is voor aandeelhouders, klanten en medewerkers, dan kun je dat rustig aan de aandeelhouders voorleggen.”

Maar u heeft er 35 jaar gewerkt.

„Ik blijf hetzelfde antwoord geven. Ik vind mezelf niet belangrijker dan het bedrijf.”

Als het over sport gaat wordt Eelco Blok minder zakelijk, iets minder kat-uit-de-boom-kijkerig.

Dat is nou het leuke van de plek waar we nu zitten, zegt hij. Tussen de zeilers. „Niemand kijkt me hier aan als de bestuursvoorzitter van KPN. Ik ben Eelco Blok, die ze al heel lang kennen. Van heel veel wedstrijden.”

Zijn rol aan boord is die van de tacticus. Dat betekent dat hij de schipper aanwijzingen geeft over de strategie: hoe en waar je bij de startlijn moet zijn. Wedstrijdzeilers starten altijd tegen de wind in, en dan is het een kwestie van laveren en overstag gaan – continu rekening houdend met de stroming, de golven, de wind, de andere deelnemers.

Het lijkt veel op de manier waarop hij als KPN-topman begon: starten met straffe tegenwind en dan langs de obstakels koersen.

En willen winnen, altijd maar willen winnen. Hoewel, zegt Blok, „Je verliest meer dan je wint. Er zijn weinig sporters die alles winnen.”

Zelf heeft hij het idee dat hij zeven jaar lang niets verloren heeft. „Ik heb nergens spijt van, inhoudelijk gezien. Hooguit had ik het af en toe iets anders kunnen timen.”

U leverde in 2015 een bonus van 425.000 euro in, na kritiek van de vakbonden. Heeft u daar spijt van?

„Nee. Je weet dat het in Nederland een heel lastig onderwerp is. De raad van commissarissen gaf me een bonus voor de verkoop van E-Plus. We waren toen met grote veranderingen bezig, met inkrimpen, en we hadden strak ingezet in de cao-onderhandelingen. Met Annemarie, mijn vrouw, had ik het erover: deze geest is uit de fles en die krijgen we er niet meer in. Als er gedoe ontstaat moet je een besluit nemen, voordat het in je gezicht explodeert.” 

Zijn die hoge bonussen echt nodig om talentvolle topmannen in Nederland te houden?

„Dat is wel een issue, daar ben ik van overtuigd. Maar ik vind dat ik ook zonder bonus een aanzienlijk bedrag verdien. Ik kan me dingen permitteren die bijna niemand in Nederland zich kan permitteren: ik kan wedstrijdzeilen met een team, op hoog niveau met een coach erbij.”

Was geld ooit het doel?

„Nou, nee. Tien jaar of twintig jaar geleden wilde ik leuk werk, goed verdienen en tijd en ruimte om m’n sport op hoog niveau te kunnen bedrijven. Er is wel eens een jaar waarin het minder was, maar ik heb altijd de wedstrijden kunnen zeilen die ik wilde zeilen. Tenzij er een kwartaalbericht tussendoor kwam.”

Lees verder over beloningsbeleid aan de top: De groeiende kloof zit ’m in de bonussen