Recensie

Knipoogjes en traditie inde Kampong Express

Foto Daniel Niessen

De lof van de West-Kruiskade is in deze rubriek al vaker gezongen, maar daar is het dan ook de meest tot de verbeelding sprekende eetstraat van de stad voor. Net als op Katendrecht ligt er een schat aan culinaire geschiedenis. Was de Kaap vorige eeuw decennialang de plek waar Rotterdammers voor het eerst bij de Chinees en later ook de Griek over de drempel stapten, het is als vanouds op de West-Kruiskade dat opeenvolgende generaties ontdekken wat er in de wereldkeuken zoal nog meer te koop is.

Met die dynamiek kan de West-Kruiskade nog jaren vooruit, nu de kinderen van eigenaren van winkels, toko’s en eethuisjes er op dezelfde kilometer in hun voetsporen treden. Supermarkt Wah Nam Hong werd van zijn familie overgenomen door Arjan Chan. In de voormalige Felicity Bakery van zijn ouders op nummer 34b opent Alex Wong met collega-chef Marnix Benschop binnenkort de fusion-Aziaat Nixie en Lexie. Zijn zus Gloria, daarvoor als stewardess werkzaam in Abu Dhabi, begon in 2017 pal ertegenover al Kampong Express. Een Maleisische afhaal annex eethuis, waar ook moeder Wong in de keuken staat.

Eerst wat over dat zaakje zelf. Je hoeft er niet per se een ‘Instagram-meisje’ voor te zijn om er, naar goed hedendaags taalgebruik, ‘blij van te worden’. Gloria richtte het pand in als een kijkdoosje. Knipoog en traditie komen er vrolijk in samen. De ene wand is behangen met op poesieplaatjes lijkende affiches voor oosterse likeurtjes. Een tweede is volgeplakt met pagina’s uit Aziatische kranten. Vanaf een derde muur worden we toegewuifd door tientallen maneki neko’s, het van oorsprong Japanse gelukskatje. Op de placemats van de vijf of zes tafeltjes die verder in het doosje bleken te passen, komen ze nog eens in veelvoud in ons blikveld terug. Overal hangen bovendien rode lampionnetjes, zodat er geen misverstand over kan bestaan dat we bij de hippe Aziaat zitten.

Chinees-Maleisische kluts

Genoeg verkleinwoordjes, want het menu en de service in Kampong Express zijn rechttoe rechtaan. We zitten nog niet of de bediening wil al weten wat het gaat worden. Sommige schotels, waaronder de nasi lemak zijn ‘heritage’-Maleisisch, zoals het op de Engelstalige kaart heet, een aantal andere van Chinees-Maleisische migrantenherkomst. Gloria is van jongs af aan met de kluts vertrouwd: pa en moe zijn Maleisisch, opa en oma hebben een Chinese achtergrond. Gezien de commotie die onlangs op sociale media uitbrak over de bereiding van de Maleisische rendang-met-kip (wel of niet met een krokant korstje; níét dus, volgens de kenners), kiest mijn gezelschap nieuwsgierig voor deze tegenhanger van de Indonesische variant (met rund). Zelf bestel ik de kari ayam, de eveneens traditionele kipcurry geserveerd met geurige kokosrijst, met vooraf vier stokjes kipsaté.

Avontuur

Wie in stijl wil blijven, drinkt er een groot glas scherp, huisgemaakt gemberbier (‘goed voor je immuunsysteem’) of kamong rose bij: een shake van kokosmelk met rozensiroop. Beide voldoen uitstekend als bluswater voor de curry. Die is weliswaar flink pittig, maar ik vind de smaak ervan veel rijker dan die van bijvoorbeeld de wat wekere Thaise. Op haar beurt spreekt mijn tafelgezelschap haar voorkeur uiteindelijk uit voor de doorstoofde Indonesische rendang boven de Maleisische – al is het een finish op tienden van punten aangezien ook zij erg lekker heeft gegeten.

Of, nee, de onvoltooid verleden tijd komt hier net wat te vroeg. Als dessert laten we namelijk ook de kueh dadar nog maar even door komen: smalle, langwerpige cakejes van pandanbladeren gevuld met gebakken geraspte kokos, palmsuiker en vanille. Voor net iets meer dan 40 euro hebben we er dan opnieuw een bijzondere eetervaring bij. Alweer op die avontuurlijke West-Kruiskade.

Wim de Jong is culinair recensent.

Vorige week stond bij de bespreking van restaurant DeliCees per abuis een foto van Tuin van de Vier Windstreken.
    • Wim de Jong