Anne Frank Huis verbood zichtbaar dragen keppeltje

Een Joodse medewerker van het Anne Frank Huis heeft van zijn werkgever een half jaar lang niet zichtbaar een keppeltje mogen dragen. Nadat hij een verzoek had ingediend, kreeg hij in eerste instantie enkel toestemming voor het dragen van een keppeltje onder een pet. Dat schrijft het Nieuw Israëlietisch Weekblad (NIW) donderdag. De Anne Frank Stichting, beheerder van het museum, bevestigt dit.

Publieksmedewerker Barry Vingerling (25) kreeg dinsdag alsnog toestemming voor het zichtbaar dragen van de religieuze uiting. Zakelijk directeur Garance Reus-Deelder van de Anne Frank Stichting zegt tegen NRC dat het „een beetje tijd” kostte een besluit te nemen. De organisatie was naar eigen zeggen niet eerder geconfronteerd met een dergelijke wens van een medewerker, dus er was „geen beleid voor”.

„In de afgelopen maanden hebben we ons afgevraagd of het dragen van een religieuze uiting van invloed is op onze onafhankelijkheid”, zegt Reus-Deelder. Het antwoord was uiteindelijk ‘nee’. Vingerling liet aan het NIW weten dat hij „maanden” stress had. „Dit is voor mij een principiële, morele kwestie. Ik had niet verwacht dat het een issue zou zijn.” (NRC)