Wat nou druk? We beelden het ons allemaal in

Druk-druk-druk We proppen steeds meer activiteiten in een uur. Bovendien zijn we overal bereikbaar. „Het eindeloze geregel leidt tot dat haasterige gevoel.”

Illustratie Lynne Brouwer

We rennen rond, switchen tussen verschillende taken, nemen nauwelijks de tijd om even rustig een broodje te eten en werken weer door. De wereld lijkt zo door haast gedreven te worden dat we nauwelijks toekomen aan rust of ontspanning. Waar komt dat vandaan? Hebben we meer haast dan vroeger? Zijn we harder gaan werken?

Met dat laatste valt het in ieder geval mee. In het rapport Een week in kaart (2016) van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) staat dat Nederlanders over het algemeen keurige werktijden aanhouden – tussen acht uur ’s ochtends en vijf uur ’s middags – en dat we in het weekend beduidend minder tijd aan betaald werk besteden. Een eerder SCP-onderzoek, Nederland in een dag (2011), laat zelfs zien dat Nederlanders het, in vergelijking met vijftien andere Europese landen, rustig aan doen: in andere landen wordt gemiddeld meer tijd besteed aan betaald werk, huishouden en zorg voor de kinderen. Wie deze cijfers bekijkt, kan zich slechts verbazen over al dat gejakker en gejaag. Waarom worstelen mensen, ondanks de technologische vooruitgang, met tijdgebrek?

„Het switchen tussen taken is toegenomen”, zegt Koen Haegens, auteur van het boek Neem de Tijd. „Kijk je naar het aantal uren dat we aan werk besteden, dan valt het inderdaad allemaal wel mee. Nederland is een redelijk relaxed land. Zelfs met een overheid die ons stimuleert om meer te werken, blijven we hardnekkig vasthouden aan dat relaxte leven.” Volgens Haegens gaat het dan ook niet om het aantal uren dat we werken maar om wat er in die uren gebeurt. „We proppen nu veel meer activiteiten in een uur dan vijftig jaar terug. En die bezigheden zijn ook heel verschillend. Thuis kan je nog een werkmailtje ontvangen. Op je werk moet je tussendoor met andere ouders appen over speelafspraken. Iedereen kan je overal bereiken, dat eindeloze geregel leidt tot dat gehaaste gevoel.”

Niet iederéén voelt zich gehaast

We wijzen tegenwoordig algauw naar de vervagende grenzen tussen werk en privé – altijd bereikbaar zijn via de smartphone, laptop en iPad – als bron voor een gevoel van gejaagdheid, maar dit is niet doorslaggevend, meent de Britse socioloog Oriel Sullivan. Zij publiceerde begin dit jaar met Jonathan Gershuny, hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Oxford, in het vakblad Sociology het artikel Speed-Up Society. Daarin vergeleken ze de haastgevoelens van Britse werkende mannen en vrouwen tussen 2000 en 2015. Ze kwamen tot de conclusie dat, over de gehele bevolking genomen, niet iedereen zich gejaagd voelt. „Haast krijg je vooral door het switchen tussen verschillende taken”, zegt Sullivan via Skype. „In ons onderzoek gaven mensen, die betaald werk met zorgtaken moeten combineren, vaak aan last te hebben van tijdsdruk. En binnen die groep hebben met name vrouwen haastgevoelens.”

Hetzelfde beeld komt naar voren uit SCP-onderzoek. Sinds 2000 onderzoekt het bureau iedere vijf jaar gevoelens van gejaagdheid onder de Nederlandse bevolking. Ook hier voelen vooral hogeropgeleiden en tweeverdieners met zorgtaken de meeste tijdsdruk. Opvallend: het anderhalfverdienersmodel (hij fulltime, zij parttime; de meest voorkomende arbeidsverdeling in Nederlandse gezinnen) bleek er qua tijdsdrukgevoelens niet veel beter vanaf te komen dan de tweeverdienersmodellen. In 2010 gaven anderhalfverdieners zelfs aan iets meer tijdsdruk te ervaren dan tweeverdieners.

„Mogelijk zijn bij tweeverdieners die evenveel werken, de taken beter verdeeld waardoor minder frictie ontstaat”, zegt filosoof Marli Huijer, auteur van het boek Ritme. Op zoek naar een terugkerende tijd (2015). Haast ontstaat wanneer je minder tijd hebt dan je nodig hebt. „Of omdat er een deadline aankomt en je weet dat je hem niet gaat halen.” Dat juist de tweeverdieners met zorgtaken hiermee worstelen, komt volgens Huijer doordat de taken zo nauw op elkaar zijn afgestemd.

Mensen die werk en privé door elkaar laten lopen, nemen vooral de negatieve dingen van het werk mee naar huis

„Als je partner niet ziek is en op je werk een vergadering tijdig is afgelopen, dan is er geen probleem. Maar er hoeft maar iets fout te gaan en de hele dag loopt in de soep.” Bovendien kan een gevoel van gejaagdheid ook door vertraging ontstaan. „Je staat in de file en bent laat, en weet dat de crèche om half zes sluit. Je hebt al eerder te horen gekregen dat je er nu eens voor moet zorgen dat je je kind op tijd ophaalt. Ook weet je dat je straks een zeurderig kind aan tafel hebt. Door dat wachten kan je je dan enorm gejaagd gaan voelen.”

Ook negatieve emoties kunnen bijdragen aan gevoelens van gejaagdheid, zegt Anne Roeters, onderzoeker tijdsbesteding bij SCP. „We zijn recentelijk een onderzoek begonnen naar de kinderopvang en de voorlopige resultaten laten zien dat lang niet alle ouders die verschillende taken moeten combineren, zich gejaagd voelen.

Wat kan meespelen is met welk gevoel ouders hun kinderen achterlaten. Als zij zich er goed over voelen, ervaren ze wellicht minder tijdsdruk. Ook zeggen ouders die het halen en brengen als stressvol ervaren, vaak dat ze moeite hebben met de balans tussen werk en privé.”

Rituelen, feestdagen en vaste werktijden

Dat dit afstemmen tegenwoordig zo gecompliceerd is, komt niet zozeer doordat we zoveel harder werken, maar doordat we onze gezamenlijke en persoonlijke ritmes kwijt zijn, meent Huijer. We hadden rituelen, feestdagen en vaste werktijden die onze werkweek bepaalden. Dat is door de 24-uursmaatschappij verdwenen. „We denken precies onze dagindeling te kunnen bepalen. Maar ondertussen worden we telkens geconfronteerd met de tijdspatronen van anderen en de eigen indeling tussen werk en privé loopt ook door elkaar. Je moet je werk afstemmen op crèchetijden, kunt thuis op de computer nog even doorwerken, zelfs de avondmaaltijd hoeft niet meer op een vast tijdstip: iedereen kan eten wanneer hij of zij wil. Er zijn geen grenzen meer tussen de verschillende activiteiten, het is allemaal vloeiend geworden.”

Wat dat betreft was die vaste rustdag, opgelegd door de kerk, zo slecht nog niet, meent Huijer. Ook de traditionele arbeidsverdeling, waarbij de één werkt van negen tot vijf en de ander zorgt voor kinderen en het huishouden had zo zijn voordelen. „Die afstemming heeft eeuwenlang goed gewerkt”, zegt Huijer. „Waarschijnlijk omdat het zo efficiënt is. Zo’n traditioneel model levert in feite de minste haastgevoelens op.”

Niet dat vrouwen weer achter het fornuis moeten, maar Huijer wijst erop dat je bewuster met haastgevoelens kan omgaan door weer duidelijk grenzen aan te brengen tussen de verschillende activiteiten.

De grens tussen werk en privé moet dan ook goed worden bewaakt, zegt psycholoog Esther Kluwer. „Thuis is bij uitstek de plek waar mensen moeten herstellen van werk en de tijd hebben om zich te richten op andere taken. Als je dan continu met het werk bezig blijft, krijg je het gevoel nooit rust te hebben.”

Kluwer, die meerdere onderzoeken deed naar de invloed van werk op gezinsrelaties, wijst erop dat mensen die werk en privé scheiden de positieve, maar niet de negatieve dingen van hun werk mee naar huis nemen. „Bij mensen die werk en privé door elkaar heen lieten lopen, was het precies andersom: zij namen vooral de negatieve dingen van het werk mee naar huis.”

Een clubje minder voor je kind

Een haastig bestaan hoeft nog niets te zeggen over hoe we die drukte ervaren, stelt Anne Roeters. Uit SCP-onderzoek blijkt dat mensen inderdaad verschillen in hun beleving van tijd en in de mate waarin ze van drukte houden. Maar degenen die wel last hebben van de vermenging tussen werk en privé, zou de werkgever een handje kunnen helpen, meent Roeters. „De werknemer zou afspraken kunnen maken wanneer je buiten kantooruren nog wel of niet je mail checkt. In Frankrijk hebben de vakbonden weten door te voeren dat mensen het recht hebben om ’s avonds hun mails niet meer te beantwoorden.”

Ook flexibele openingstijden in de kinderopvang zou de druk van de ketel kunnen halen. En Roeters adviseert werkende ouders wat minder hoge eisen aan zichzelf stellen. „Met name hoogopgeleiden voelen zich erg verantwoordelijk voor hun kinderen en stellen hoge eisen aan zichzelf. Het kan helpen als ze wat losser met hun zorgtaken omgaan. Doe een kind op wat minder clubjes en check iets minder of het wel allemaal goed gaat.” Ze wijst op apps waarmee ouders de laatste updates over hun kind in de opvang kunnen volgen. „Dan heb je er dus weer een extra taak bij.”

Koen Haegens pleit ook voor een strikte begrenzing tussen werk en privé. „In feite moet je een Chinese muur plaatsen tussen de verschillende onderdelen van je leven. Maar dat is wel heel moeilijk. Het hangt toch erg af van het soort werk dat je hebt. En die smartphone wordt alleen maar slimmer met alle appjes en pushberichten die telkens op je scherm verschijnen. Probeer dan maar eens heel strikt te zijn en op je vrije dag geen werkmails te versturen.”