Column

Een stille couppoging in Den Haag. Nu: crisis

Om geliefd te worden helpt het om buitenstaander in Den Haag te zijn. Buitenstaanders zijn de nieuwe helden. Geen geflikflooi meer in de binnenwereld. Buitenstaanders roepen ‘partijkartel’ en meteen groeien de virtuele zetels. Zij willen een referendum tegen een compromis over orgaandonatie, en de handtekeningen worden met honderden gezet. Zij presenteren zich als nieuwe partij van dan Pim, dan Rita of dan Thierry, en opiniepeilers registreren prompt stijgende tussenstanden.

Het gevolg is dat traditionele politici voortaan intensief contact met de maatschappij zoeken. Ze willen geen burger meer missen. En de maatschappij denkt: deze kans op beïnvloeding laten we niet lopen, we huren een lobbyist in.

Prachtige paradox: Den Haag stelt zich open voor het land, het land stuurt lobbyisten op Den Haag af.

Nu is het met lobbyisten als met obers en leraren: je hebt goeie en slechte. Sommigen leren het nooit, hoe netjes ze hun schoenen ook poetsen.

De grap is: juist de goede lobbyisten verstaan traditionele politiek. Ze gaan op in de macht – om de macht te sturen. Ze begrijpen dat de lobbyist compromissen in de binnenwereld moet accepteren. Dat ze nooit helemáál hun zin krijgen.

Mede daarom sluimert nu een fascinerend conflict in de lobbyistenwereld. In hun vereniging, de BVPA, is de vlam in de pan geslagen. Het bestuur zou te passief zijn, zodat discussie over ethiek en kwaliteit van de beroepsgroep uitblijft. Drie oud-voorzitters keerden zich op de ledenvergadering in maart tegen het bestuur, dat met één stem meerderheid standhield. Crisis.

De voorzitter, lobbyist Jaap Jelle Feenstra van Havenbedrijf Rotterdam, schreef hierna een vlammend stuk op de BVPA-website, waarin hij zijn drie voorgangers beticht van een couppoging: „Dat deze sprekers al van plan waren als interim-bestuur de leiding van de vereniging over te nemen, vind ik bedenkelijk.”

Ik sprak de meeste betrokkenen, en begreep eruit dat de crisis nog lang niet over is.

Pas toen realiseerde ik me hoe pijnlijk dit is. Een beroepsgroep die leeft van de pretentie dat zij de Haagse binnenwereld beïnvloedt, kan elkáár blijkbaar niet eens meer beïnvloeden. Zelfs hier gaat de attitude van de buitenstaander – ik zeg wat ik denk en ik doe wat ik zeg – nu blijkbaar boven de schappelijkheid die hun vak vereist.

Ik zei het tegen een van de oud-BVPA-voorzitters, Peter van Keulen van lobbykantoor Public Matters, en hij moest het bedremmeld beamen.

„Wij lobbyisten”, zei hij, „ogen nu als kinderen van schoenmakers, die met gaten in hun schoenen rondlopen”.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Jutta Chorus.