Opinie

Verontwaardiging over gifgasaanval Syrië moet vervolg krijgen

Het waren weer slachtoffers, weer kinderen, weer verschrikte gezichtjes achter een zuurstofmasker. De beelden die afgelopen weekeinde uit Syrië kwamen en op de zoveelste aanval met gifgas door het regime van Bashar al-Assad duidden, hebben geleid tot een roep om vergelding. Na jaren oorlog en tientallen gifgasaanvallen is de mondiale publieke opinie dus nog in staat tot verontwaardiging. Hoe bont Assad het ook maakt en hoe lang hij ook met steun van Iran en Rusland volhardt, de buitenwereld is ook na al die jaren niet van plan zomaar alles door de vingers te zien.

Dus wordt er al dagen gezocht naar een passend antwoord. In de VN-Veiligheidsraad loopt de spanning tussen Rusland en de VS op. De VS voeren druk overleg met onder andere Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Wat te doen? Wat ís een passend antwoord?

Rusland bestrijdt met klem dat er bewijzen zijn voor een gifgasaanval. Volgens de Russische VN-ambassadeur hebben de tegenstanders van het Syrische regime de aanval in scène gezet. „Fake news”, meende hij. Russische militairen hebben de plek van de vermeende aanslag bezocht en niets verdachts gevonden.

Gezien die glasharde ontkenning ligt niets meer voor de hand dan een onafhankelijk onderzoek en de mogelijkheid om misdaden te vervolgen als zo’n onderzoek daar aanleiding toe geeft. Dat is de koninklijke weg: de toepassing van internationaal recht. Maar dat is een trage aanpak.

Zinvol militair ingrijpen is echter ook niet eenvoudig. Een jaar geleden heeft Trump al eens raketten laten afvuren op een Syrische basis als vergelding voor een gifgasaanval. De eenmalige actie weerhield Assad er niet van op de ingeslagen weg voort te gaan. De vraag is dus hoe zinvol herhaling van zo’n incidenteel salvo is.

Is het Westen bereid tot een grotere ingreep? Europa en de VS hebben de afgelopen jaren Syrië min of meer overgelaten aan Rusland en Iran. De burgeroorlog leek zich bovendien in een eindfase te bevinden. IS is versplinterd, rebellen verloren steeds meer terrein, Rusland, Iran en Turkije proberen een vredesproces van de grond te krijgen. Een ingreep van het Westen komt erg laat, mogelijk te laat.

En het Westen heeft geen strategie. Het schaarde zich achter de rebellen en eiste vertrek én vervolging van Assad. Maar het gaf de rebellen onvoldoende steun om het van Assad te winnen. Het Westen zit nu klem tussen verontwaardiging en machteloosheid.

Dan is er ook nog de permanente chaos in het Witte Huis, de plek die eigenlijk het kalme commandocentrum van een georkestreerde internationale actie zou moeten zijn. De Amerikaanse president heeft op dit moment geen minister van Buitenlandse Zaken, zijn nationaal veiligheidsadviseur is net twee dagen op post en zijn persoonlijke advocaat kreeg maandag bezoek van de FBI. Het stomste dat Trump nu zou kunnen doen is een buitenlandse crisis aanwakkeren uitsluitend om van binnenlandse problemen af te leiden. Bovendien weet ook Trump niet wat hij wil. Dit weekend dreigde hij onmiddellijk met vergelding, maar een week eerder wilde hij de 2.000 Amerikaanse militairen nog zo snel mogelijk uit Syrië terugtrekken.

Verontwaardiging is goed, maar verontwaardiging zonder gevolgen is goedkoop. Maar pas als de weg van het internationaal recht niet of niet snel genoeg begaanbaar is, is een weloverwogen, goed voorbereide internationale militaire actie te overwegen.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.