Opinie

Vrouwen, jullie privileges krijg je niet, die eis je op

Vrouwen maken zichzelf ondergeschikt aan de geprivilegieerde man, schrijft .

De man moet zijn privileges afstaan, schreef Philip Huff afgelopen weekend in NRC. De mannen zitten in onverdiende voorrangsposities en kunnen vrouwen die een potentieel gevaar voor hun positie vormen gemakkelijk wegdrukken. Dat is allemaal waar, maar die man gaat die voorkeurspositie natuurlijk nooit inleveren. Er zijn vrouwen voor nodig die die privileges zelf gaan opeisen. Het probleem ligt niet bij de man met zijn privileges, maar bij de vrouw die hem die welgevalligheden toestaat.

Huff is opgevoed in een gezin waarin gelijkheid tussen mannen en vrouwen werd gepredikt. Maar toen hij op een literair festival de inhoudelijke vragen naar zichzelf zag gaan, terwijl de vrouwen meer dossierkennis hadden, toonde de weerbarstige praktijk zich aan hem. Huff voelde zich achteraf schuldig, hij had de vragen aan de vrouwen moeten doorspelen of de interviewer op zijn insteek moeten wijzen, vond hij.

Ik ben het daar, na bijna veertig jaar vrouw zijn, en na lang andere vrouwen in allerlei hoedanigheden te hebben geobserveerd, niet mee eens. Huff is een hoffelijke man, en zijn feminisme staat hem goed. Maar het doet hem ook goed, want in Buitenhof mochten hij en een andere man zondag weer praten over mannen en hun privileges. Waarom mocht daar aan tafel dan geen vrouw op reflecteren?

Ik ben niet opgevoed in een traditie van gelijkheid. Mijn moeder werkte wel, maar is ook de ultieme huisvrouw die van mening is dat de taak van de vrouw primair bij het gezin ligt en dat werken een aardige hobby is, mits het stramien van onderbroeken strijken voor je echtgenoot dat toelaat. De man staat als kostwinner centraal. Mijn vader is het type buitenman die zich alle privileges van mannelijkheid met gretigheid laat aanleunen. Hij kon niet koken, de was niet doen, wist niet hoe hij een bord naar de keuken moest begeleiden en hij bepaalde de programmering van de televisie. Toen mijn ouders gingen scheiden, voltrok zich dus een drama, alhoewel mijn vader weer andere vrouwen wist te vinden die hem zijn privileges gunden.

Mijn vader wist niet hoe hij een bord naar de keuken moest begeleiden

Als opgroeiend meisje en later als vrouw heb ik een ding geleerd: als je geen witte, heteroseksuele man van middelbare leeftijd bent, dan moet je de privileges zelf opeisen. En daar gaat het op twee punten mis: veel vrouwen zoeken in de eerste plaats een succesvolle man. Daarmee staat de vrouw al meteen een heel pakket aan privileges gewillig aan de man af. Als hij maar die marathon naar de top rent, dan zorg ik wel voor de kinderen, en dan straalt dat succes vanzelf wel op mij af. Het is een cliché dat nog steeds diep zit en dat ik in overvloed in mijn omgeving tegenkom. De machtige gorilla op de werkvloer die zelf zo’n vrouw thuis heeft zitten, heeft daarmee een uitermate slecht voorbeeld dat doorwerkt in zijn gedrag naar vrouwen die onder hem werken.

Commentaar: Vrouwen aan de top is een kwestie van zelf het voorbeeld geven

Een volgend groot probleem is dat, omdat ze al vanaf jongs af aan voelen dat ze anders worden aangeslagen, ambitieuze vrouwen er in hun werkend bestaan alles aan zullen doen om serieus te worden genomen. En om serieus genomen te worden, moet je je ook uiterst serieus gedragen. Het verbaast mij hoe serieus vrouwen zichzelf en hun taken nemen, hoe gezagsgetrouw en nauwkeurig ze taken uitvoeren en hoe weinig vrouwen geneigd zullen zijn om eens met een vuist op tafel te slaan, buiten de lijnen te kleuren, een middelvinger op te steken naar hun baas en hun ruimte in te nemen. Het grootste kenmerk van dominante mannen met een krat vol aan privileges, is de enorme ruimte die ze schaamteloos grijpen, waarmee ze de helft van de aanwezigen al tegen de muur aandrukken voordat er ook maar meer dan een alinea is gesproken. Het is dat privilege dat vrouwen angst in boezemt, dat ze terug in hun veel te snel opgezochte organisatie-, coördinatie- en communicatiehok duwt en waar veel te weinig vrouwen tegenaan durven te schoppen. Het zou maar eens gebeuren zeg, dat ik niet serieus word genomen. Maar door wie? Het aantal autonome vrouwen in Nederland dat dezelfde privileges op de werkvloer afdwingt is zo klein, omdat veel te weinig vrouwen beseffen dat het mannen zijn die de norm bepalen. Wie bepaalt dat emoties tonen afbreuk doet aan je capaciteiten op de werkvloer? Wie bepaalt dat jij als vrouw geen grote mond mag hebben? Of een ego dat wellicht nog groter is dan al die gorilla’s bij elkaar? Er is – behalve een handjevol goedwillende Philip Huffs – geen man die wel een stap terugdoet omdat er een vrouw directeur, professor, of partner wil worden.