Van ‘Inception’ tot ‘Harry Potter’: Escher is overal

Achtergrond Eschers beroemde zwart-witprenten vol optische illusies inspireerden hippies en kunstenaars, zien we in documentaire ‘Het oneindige zoeken’. Maar zijn onmogelijke architecturen komen vooral in films terug.

Filmstill Inception (2010)

„Ik vrees dat er maar één persoon een goede film zou kunnen maken over deze prenten”, zegt de plechtige vertelstem aan het begin van documentaire Het oneindige zoeken, over de door wiskundige patronen geïnspireerde Maurits Cornelis Escher (1898-1972). Om daar omineus aan toe te voegen: „Ikzelf.” Maar daar hebben uiteenlopende filmmakers, van de bedenkers van Harry Potter tot het universum van Marvels striptovenaar Dr. Strange, zich niets aan gelegen laten liggen. Eschers werk duikt ook op andere onverwachte plekken in populaire filmcultuur op.

Relativiteit (1953)

Eschers ‘Relativiteit’ (1953)

Een van Eschers beroemdste prenten, en ook degene die bij filmmakers het meeste tot de verbeelding spreekt. De houtsnede Relativiteit (1953) beeldt een onmogelijk, zwaartekracht tartend trappenhuis af. Hoe je het werk ook draait, de mannetjes op de diverse trappen blijven maar naar boven en beneden lopen. Het is een beeld dat hij later weer op zal pakken in zijn lithografie Stijgen en dalen (1960). Het is ook een beeld dat talloze filmmakers inspireerde. De Italiaanse horrorfilmer Dario Argento is van hen waarschijnlijk de beste. Zijn Suspiria (1977) is een en al hommage aan het werk van de graficus. Niet alleen de oneindige trappen uit Relativiteit en Stijgen en Dalen keren op talloze plaatsen in het decor van de behekste balletacademie terug, ook Eschers vogels en vissen uit Lucht en water (1938) zwemmen en vliegen over het behang. De trappenhuizen uit Relativiteit duiken ook op in uiteenlopende films als het David Bowie-vehikel Labyrinth (1986), Harry Potter and The Sorcerer’s Stone (2001) en onder de voeten van Ben Stiller in A Night at the Museum: Secret of the Tomb (2014).

Filmstill Harry Potter and The Sorcerer’s Stone (2001)
Filmstill Harry Potter and The Sorcerer’s Stone (2001)

Stijgen en dalen (1960)

Eschers ‘Stijgen en dalen’ (1960)

In een interview met filmwebstek The Daily Beast ter gelegenheid van de release van zijn tijdruimtereisfilm Interstellar (2014) gaf Christopher Nolan het ruiterlijk toe: Escher is een van zijn grootste inspiratiebronnen. Voor Interstellar liet Nolan zich echter vooral op scenarioniveau door Escher inspireren door een universum op te voeren waarin diverse tijden tegelijkertijd kunnen bestaan.

Zijn droom-in-een-droom-film Inception (2010) heeft visueel de meeste referenties naar Escher. Zo komt bijvoorbeeld de zogeheten Penrose-trap die Escher gebruikte in zijn lithografie Stijgen en dalen (1960) op een cruciaal punt in de plot voor om het verschil tussen droom en werkelijkheid te laten zien. De Penrose-trap is vernoemd naar de gelijknamige Britse wiskundige die in 1958 een optische illusie bedacht waarop het lijkt dat je een rondje op een vierkante of driehoekige trap loopt, waarbij je echter steeds weer op de trede van vertrek uitkomt. Op Eschers tekening zie je torenwachters een oneindige doorlopende trap beklimmen. Dromenbouwer Arthur (Joseph Gordon-Levitt) legt in de desbetreffende scène aan nocive Ellen Page uit dat het noodzakelijk kan zijn om dergelijke gesloten „loops” te gebruiken om de grenzen van hun droomarchitectuur te bepalen.

Filmstill Inception (2010)
Filmstill Inception (2010)

Hand met spiegelende bol (1935)

Eschers ‘Hand met spiegelende bol’ (1935)

Eschers Hand met spiegelende bol (1935) wordt ook wel Zelfportret in bolspiegel genoemd, en is een van zijn vroegste, en tegelijkertijd puntgaafste illustraties van het idee dat de wereld altijd ook – afhankelijk van je perspectief – een andere wereld kan zijn. Het zijn kip-en-ei-vragen, vlinders die dichters dromen en andersom. Geen wonder dus dat dit beeld terugkeert in de eerste Matrix-film (1999), een film over het illusoire karakter van wat wij onze werkelijkheid noemen. Aan het begin van de film kan hoofdpersoon Neo kiezen of hij uit die computersimulatie wil ontsnappen of voor altijd onwetend blijven. Neemt hij de rode of de blauwe pil die kapitein Morpheus hem voorhoudt? De glazen van Morpeus’ zonnebril (die hij draagt als hij ‘in’ de matrix is) weerspiegelen zijn uitgestoken hand, én die van Neo als hij zijn keuze maakt. Het is een verdubbeling van Eschers wereld: want we zien de beide keuzes in een enkel filmbeeld vereeuwigd. Maar anders dan bij Escher zien we niet de hand die de pil vasthoudt én de weerspiegeling ervan in hetzelfde beeld. Zou dan toch alles illusie zijn?

Filmstill The Matrix (1999)
Filmstill The Matrix (1999)
In het kader van Leeuwarden Fryslân Culturele Hoofstad is in het Fries Museum in Leeuwarden vanaf 28 april de tentoonstelling ‘Escher op reis’ te zien. Inl: friesmuseum.nl
Lees hier de recensie van ‘Het oneindige zoeken’
    • Dana Linssen