Opinie

    • Carolien Roelants

Misschien wat meer geluid bij de Grand Prix van Bahrein?

las de afgelopen week heel wat artikelen over de Grand Prix van Bahrein. Maar ze kwam niet veel tegen over de doorgaande repressie.
Max Verstappen tijdens de training voor de GP van Bahrein afgelopen vrijdag. Foto Giuseppe Cacace/AFP

Ik ben weer helemaal bij wat betreft de autosport. Iedereen keek reikhalzend uit naar de Grand Prix van Bahrein, las ik, want gelukkig, er mocht weer worden ingehaald! En ook werd er heel wat afgespeculeerd over de haalbaarheid van de toekomstplannen van Liberty Media, de nieuwe Amerikaanse eigenaar van de Formule 1. De oude Ecclestone heeft de organisatie vorig jaar voor 8 miljard dollar verkocht. Alles moet anders, want sponsors en jeugd haken af. Onze eigen held Max Verstappen, zag ik in het AD, wil meer geluid. Dat hoort bij de fanbeleving.

Ja, dit zijn mooie tijden voor het Bahreinse regime. Niet alleen hebben ze daar een enorme hoeveelheid schalieolie gevonden, groter dan de Russische reserves die tot nu de grootste waren. Ook heeft prins Andrew van de Britten de al zeer vriendschappelijke relaties nog wat verder aangehaald met de feestelijke opening van een nieuwe marinebasis. Voor onze veiligheid hier vanzelfsprekend. Zijn broer Charles was anderhalf jaar geleden al langs gekomen voor een tussentijdse opening. En dan de Formule 1. Geweldig verlopen, ook al zijn er geen pitspoezen meer, en dat niet wegens de Bahreinse islam maar de #MeToo. U ziet, ik heb veel artikelen gelezen over de Grand Prix – maar nauwelijks gezeur over de mensenrechten.

Die zag u wel aankomen.

Even terug naar de Arabische Lente die ook in Bahrein heel slecht is afgelopen. De shi’itische meerderheid kwam in februari 2011 in opstand tegen haar sociale, economische en politieke marginalisering door de sunnitische elite, en eiste democratische hervormingen. De koning riep Saoedi-Arabië te hulp – of Saoedi-Arabië vond dat de koning moest worden geholpen, dat kan ook best – en in elk geval sloegen ze gezamenlijk in maart 2011 de opstand neer.

Maar de opstand weigert om helemaal weg te gaan, en het regime wil geen concessies doen. Integendeel. De gemiddelde Bahreinse mensenrechtenactivist zit in de cel na een oneerlijk proces of is zijn/haar staatsburgerschap ontnomen en in sommige gevallen het land uitgestuurd, of heeft juist een reisverbod gekregen. Maar hij/zij wordt in elk geval geïntimideerd. Politieke partijen zijn ontbonden en kranten verboden. Voor alle zekerheid: ik heb het over geweldloze activisten. Op gewelddadig activisme volgt de doodstraf.

Voorbeeld? Ik geef u zo’n geweldloze activist, een prominente, Nabeel Rajab (53), voorzitter van het Bahreinse Centrum voor de Mensenrechten. In 2011 mishandeld, verhoord over kritische tweets en in 2012 tot drie jaar cel veroordeeld wegens het aanzetten tot protest tegen het regime. In juli 2017 twee jaar gevangenis wegens uitspraken in televisie-interviews (valse informatie en kwaadaardige geruchten). Afgelopen februari kreeg hij nog eens vijf jaar erbij wegens kritische tweets uit 2015 over foltering in de gevangenis en over de oorlog in Jemen, waarin Bahrein aan Saoedische kant meedoet (respectievelijk belediging van nationale instituties en belediging van een buurland). In de tussentijd waarin hij in theorie vrij was werd hij voortdurend opgepakt en vastgehouden voor verhoor en rechtszittingen. Hij wordt nog berecht wegens een opinieartikel in The New York Times in september 2016. Vorig jaar herhaalde hij zijn kritiek in een nieuw opinieartikel in de NYT (17 mei). In het heel kort is zijn punt dat het regime het maatschappelijk middenveld in eigen land vermorzelt, en in Jemen meehelpt dat te doen. Check op Twitter @NABEELRAJAB. @F1 heeft hem zojuist geblockt.

En hee, Verstappen! Misschien hierover ook wat meer geluid?

Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt op deze plaats elke week de feiten van de hypes.
    • Carolien Roelants