Warmtepomp: niet ideaal, wel innovatief

Energietransitie Nu de cv-ketel zijn langste tijd heeft gehad, dringt de warmtepomp zich op als potentiële vervanger. Maar de kosten zijn hoog en lang niet elk huis krijg je er warm mee.

In Nederland is de warmtepomp tot nog toe nog niet bepaald ingeburgerd: in hoogstens 200.000 van de bijna 8 miljoen huizen heeft die inmiddels een plekje gekregen. Foto Bas Czerwinski/ANP

Minister Eric Wiebes die adviseert om geen traditionele cv-ketel meer aan te schaffen. De verwarmingsbranche die de gasketel nog maar drie jaar geeft. En het kabinet dat wethouders aanmoedigt stadswijken snel aardgasvrij te maken. Het is duidelijk, de cv-ketel heeft met het afbouwen van de gasproductie zijn langste tijd gehad, maar in zo’n 85 procent van de huizen doet die nu nog zijn werk.

„Een jaar geleden waren de meeste beleidsmakers nog bezig met groene elektriciteit”, zegt Jan Willem van Hoogstraten van EBN, dat als staatsbedrijf steeds meer een rol speelt in de warmtevoorziening van de toekomst. „Nu groeit het besef bij beleidsmakers: de belangrijkste uitdaging is het verduurzamen van de warmtevraag.”

Een belangrijke rol bij die verduurzaming lijkt weggelegd voor de warmtepomp. In met name Zweden en Finland is zo’n pomp al jaren een gebruikelijke manier om een huis te verwarmen. In Nederland was hij tot nog toe nog niet bepaald ingeburgerd: in hoogstens 200.000 van de bijna 8 miljoen huizen heeft die inmiddels een plekje gekregen. Maar dat kunnen er snel meer worden. „Ik denk dat de warmtepomp de komende jaren voor ongeveer een kwart van de huizen de juiste oplossing is”, zegt Frans Rooijers van adviesbureau CE Delft.

Vijf vragen, en antwoorden, over die nog onbekende plaatsvervanger van de cv-ketel.

Lees hier het advies van vijftien partijen die willen dat vanaf 2021 gasgestookte cv-ketels alleen nog maar vervangen mogen worden door een duurzaam alternatief.

1. Hoe werkt zo’n pomp?

Voor eengezinswoningen zijn er grofweg drie soorten. De lucht-warmtepomp haalt zijn warmte uit de buitenlucht via een ventilator die naast het huis staat. Een bodem-warmtepomp haalt zijn warmte uit de bodem of uit opgepompt grondwater. Deze twee apparaten zijn ‘all-electric’ en gebruiken dus geen gas.

Het derde type – de hybride warmtepomp – wordt geïnstalleerd naast de gewone cv-ketel en vormt eigenlijk een tussenstap richting een gasloze toekomst. Die elektrische pomp verwarmt het huis, terwijl de cv-ketel warm water voor de kraan levert. En als de buitentemperatuur onder de 5 °C zakt, springt de cv-ketel bij voor de gewone verwarming.

Een warmtepomp werkt zoals een koelkast: met koelvloeistof en een compressor. Met warmte van buiten wordt koelvloeistof omgezet in heet koelgas. De hitte van dat koelgas wordt vervolgens overgedragen op het verwarmingssysteem binnen.

Ook als het buiten kouder is dan kamertemperatuur, weet een warmtepomp warmte uit die lucht (of grond) te halen. Dat klinkt vreemd, maar een koelkast trekt zich er ook niks van aan dat het in de keuken warmer is dan in de koelkast: hij koelt gewoon door. Moderne lucht-warmtepompen werken nog als het 20 graden vriest, al zijn ze in vrieskou wel minder efficiënt. De hybride warmtepomp slaat af als het buiten kouder dan 5 °C wordt.

Een warmtepomp vergt weinig onderhoud, zeggen kenners. Adviseur Dick van der Kooij van Techniplan noemt hem zelfs onderhoudsvrij. „Het is net als bij een koelkast. Of hij doet het, of hij is kapot.”

2. Is een warmtepomp beter voor het milieu?

Wie een blik werpt op zijn elektriciteitsverbruik, begint al snel te twijfelen aan het groene karakter van de pomp. Het totale stroomverbruik kan zomaar verdubbelen. Toch is er serieuze milieuwinst, want het gasverbruik dat je uitspaart belast het milieu meer dan de grotere stroomvraag. De CO2-besparing loopt volgens adviseur Milieu Centraal uiteen van 35 procent voor de hybride warmtepomp tot 60 procent bij de bodem-warmtepomp.

Die uitstoot gaat op papier naar nul als alle stroom via zonnepanelen wordt opgewekt. Het is alleen de vraag of je zo mag rekenen. Zonnepanelen leveren hun stroom grotendeels in de zomer, terwijl de verwarming vooral ’s winters aan staat. In de winter komt onze stroom vooral nog van kolen- en gascentrales.

„Dat zal de komende vijftien jaar nog het geval zijn”, geeft Henk Visscher toe, hoogleraar woningkwaliteit aan de TU Delft. „Maar innovaties moeten worden ingezet zodat de prijs kan dalen. Doe je dit nu niet, dan dwarsboom je de ontwikkeling voor later.” Ook Rooijers van CE Delft zit op die lijn. „De ideale oplossing voor gasloze verwarming is er nog niet. De alternatieven zijn nog niet uitontwikkeld. Het wordt alleen maar goedkoper als je echt aan de slag gaat.”

Donderdag stelden energiedeskundigen Arie en Martin Kroon in een opiniestuk in de Volkskrant dat van de vervuilende fluorkoolwaterstoffen die in de pompen zitten, 6 procent per jaar weglekt. Maar dat wordt door meerdere deskundigen ontkend. „Die pompen zitten hermetisch dicht. Het is echt niet waar dat ze standaard gas lekken”, zegt Dick van der Kooij van Techniplan Adviseurs.

3. Is de warmtepomp voor iedereen de oplossing?

Lang niet alle huizen zijn geschikt om via een pomp verwarmd te worden. „Ik kijk naar twee dingen: je isolatie moet goed of uitstekend zijn, en je verwarmingen moeten geschikt zijn voor lage temperatuur”, zegt Marcel Kiekebos van Kiekebos & Bakker Klimaattechniek. Vloerverwarming is altijd goed, en sommige (vooral grote) radiatoren ook.

Maar wat is goed geïsoleerd? Een huis dat in de afgelopen 15 jaar is gebouwd, zit goed. Vaak heeft een geschikt huis energielabel A of B, maar dat zegt niet alles. Praktische tip: kijk of je huis ’s winters warm wordt als de watertemperatuur van de cv-ketel 50 °C is, zegt Theo Elfrink van Vereniging Eigen Huis. Dat is ook de temperatuur waarmee een warmtepomp werkt. „Installateurs zetten de cv-ketel vaak veel te hoog, op 80 à 85 graden.”

Wie in een matig geïsoleerd huis woont, kan zijn geld beter eerst steken in het isoleren van spouwmuur en vloer. Rooijers van CE Delft denkt dat voor driekwart van de huizen betere oplossingen zijn. „Als je aangesloten kan worden op een warmte-tracé, verdient dat de voorkeur. Zo’n net, bijvoorbeeld verwarmd door restwarmte van de industrie, is vaak goedkoper. Maar als je in een dunbevolkt gebied woont, heb je geen warmtenet.”

Nog een praktisch punt: een buiten-unit van de luchtwarmtepomp kan stevig geluid maken. Elfrink: „Vraag aan de installateur of hij een warmtepomp in de buurt heeft geplaatst. Dan kun je gaan luisteren, en weet je ook of hij ervaring heeft.”

4. Wat gaat het kosten?

De zogeheten ISDE-subsidie, die in elk geval tot eind 2020 loopt, scheelt minstens 1.000 euro op de aanschaf. Maar zekerheid dat een warmtepomp zichzelf terugverdient, is er niet. Milieu Centraal rekent voor een volledige lucht-warmtepomp met een terugverdientijd van 15 à 30 jaar. Dan is de kans groot dat zo’n pomp zich niet heeft terugverdiend als hij na vijftien jaar de geest geeft.

Anderen zeggen dat de terugverdientijd kan meevallen; door de pomp pas aan te schaffen als je cv-ketel versleten is, of door een (goedkopere) hybride warmtepomp te nemen. Algemene conclusies zijn niet te trekken. Stel, rekent Elfrink voor, dat je voor 3.000 euro, inclusief subsidie, een hybride pomp aanschaft. Wie nu 1.000 kubieke meter gas per jaar verbruikt, heeft dertig jaar nodig om hem terug te verdienen. Wie 2.500 kuub gas opstookt, kan hem in 15 jaar nipt terugverdienen. „Bij de huidige gasprijs tenminste”, zegt hij (60 cent per m3). „Als de gasprijs naar 1 euro gaat, en dat lijkt me niet onrealistisch, wordt het gunstiger.”

5. En wat komt er na de warmtepomp?

Loop je als trotse eigenaar van een hybride warmtepomp een risico als het aardgas in de wijk wordt afgesloten omdat de stadswarmte zich aandient? Gezien de beperkte levensduur van de pomp, loopt dat niet zo’n vaart. Bovendien zijn er hybride warmtepompen die gecombineerd kunnen worden met stadswarmte, zegt Marcel Kiekebos. „Een hybride warmtepomp is prima voor mensen die nu toch ‘iets willen doen’ terwijl hun cv-ketel nog niet is afgeschreven.”

Van der Kooij van Techniplan zegt: we moeten uiteindelijk toe naar warmtepompen op wijkschaal. Die hebben een hoger rendement. In de Haagse Schilderswijk worden woningen en een bejaardenhuis al samen verwarmd met een grote bodem-warmtepomp. „Huizenbezitters zeggen nu: moet ik zoveel investeren? Je moet grootschaliger kijken. Bij collectieve systemen werken we nu al met terugverdientijden van vijf tot tien jaar.”

En ook de warmtepomp, die de CO2-uitstoot halveert, is geen definitieve oplossing. Als Nederland in 2050 klimaatneutraal wil zijn, redden we het daar niet mee, zegt Van Hoogstraten van EBN. Hij pleit voor CO2-vrije stadswarmte: aardwarmte. „Aardwarmte onder 100 graden kun je goed uit de bodem halen. Daarmee kun je huizen prima verwarmen.”