Straf Syriëganger in beroep verhoogd tot ruim 3 jaar

Martijn N. probeerde in 2014 en 2016 Syrië te bereiken om daar naar eigen zeggen ‘te wonen en te trouwen’.

De stad Jalamah aan de Turks/Syrische grens. Foto Omar Haj Kadour/AFP

De 24-jarige Martijn N., die twee keer een poging deed om naar Syrië te reizen, heeft in beroep een hogere celstraf gekregen. Het hof in Den Haag legde hem vrijdag veertig maanden onvoorwaardelijke celstraf op. Eind februari veroordeelde de rechter N. nog tot 31 maanden cel waarvan 12 voorwaardelijk.

De straf gaat omhoog omdat het hof de kans op herhaling groot acht. Als N. vrijkomt, reist hij mogelijk nog een keer uit. Ook speelt mee dat N. tot nu toe alle vormen van behandeling afwees en niet in gesprek wil. Het hof vindt daarom dat N. “de door de Nederlandse maatschappij uitgestoken hand consequent afwijst”, en rekent hem dat zwaar aan.

Uitreispoging tijdens verlof

Begin 2014 probeerde N. naar Syrië af te reizen, een plan dat hij eind 2013 al had voorbereid. Hij wilde zich daar aansluiten bij een jihadistische groepering, volgens de rechter mogelijk IS of Al-Qaeda. Hij werd na vijf maanden door Turkije opgepakt en uitgezet naar Nederland. Interpol registreerde hem als terreurverdachte. N. werd veroordeeld voor “een poging om deel te nemen aan een criminele terroristische organisatie en het voorbereiden van moord, doodslag en brandstichting met een terroristisch oogmerk”.

Lees ook: Experts: Nederland moet IS’ers helpen bij terugkeer

Na terugkeer werd N. opgenomen in een psychiatrische kliniek. Tijdens een verlof in 2016 probeerde hij opnieuw de reis te maken, ondanks dat zijn paspoort al was afgenomen. N. reisde via Düsseldorf naar Istanbul op zijn nog niet ingenomen identiteitskaart. Het telefoontje dat N. via Bulgarije en Turkije naar Syrië wilde uitreizen, bereikte oud-minister van Justitie en Veiligheid Ard van der Steur (VVD) te laat. Hij kon niet meer op tijd een arrestatiebevel uitvaardigen. N. werd opnieuw door Turkije opgepakt en uitgeleverd aan Nederland.

‘In Syrië trouwen en wonen’

N. wilde naar Syrië reizen om daar te trouwen en te wonen, zo beweerde hij zelf. Tijdens de eerste behandeling van de zaak beweerde hij geen radicaal gedachtegoed te hebben, al zei hij wel: “De islamitische wetgeving heeft mijn voorkeur”. Uit zijn telefoongeschiedenis bleek dat hij wel degelijk contact had gehad met jihadist Soufiane Z. Uit verklaringen van zijn vader bleek bovendien dat N. had gezegd achter IS te staan.

    • Maartje Geels