Opinie

    • Mirjam de Winter

Marathon

Een collega beweerde deze week dat hij op zijn achtste al halve marathons liep. „Vandaar die O-benen”, flapte ik eruit, want zoiets kan op die leeftijd natuurlijk nooit gezond zijn. Mijn lullige opmerking had natuurlijk vooral met afgunst te maken. Zelf zat ik op die leeftijd een blauwe maandag op turnen, maar toen ik eenmaal mijn eerste medaille voor mijn prestaties op de evenwichtsbalk had binnengehaald, vond ik dat mijn sportieve carrière voltooid was. Veel beter zou het niet worden, wist ik toen al. Van dat evenwichtsgevoel is inmiddels weinig meer over, zo bleek vorige week weer tijdens een bedrijfsuitje op de bowlingbaan. Voor ieders ogen wierp ik mezelf met bal en al de baan op, waardoor ik languit op de vloer belandde. Collega’s hebben nog geprobeerd de bewakingsbeelden op te vragen, maar die bleken er ‘helaas’ niet te zijn. Ze zullen het bij de koffieautomaat moeten doen met alleen de herinnering eraan.

Sinds die ene turnmedaille heb ik eigenlijk nooit meer serieus aan sport gedaan. Ging op mijn zestiende voor de slanke lijn nog wel eens een rondje joggen, maar nooit zonder een pakje sigaretten in mijn zak te steken voor tijdens de ‘rustmomentjes’. Twee jaar geleden heb ik opnieuw een poging gewaagd. Lid geworden van een atletiekvereniging zelfs, waar ik op het aanmeldformulier mijn doelstellingen moest formuleren. En ik vulde in: „In 2018 de marathon van Rotterdam lopen”. Drie maanden later ontving ik mijn eerste ‘loopcertificaat’ voor vier kilometer hollen. Voldaan streepte ik daarmee ook het onderdeel atletiek van mijn bucketlist. Toch maar mooi een medaille én een certificaat aan de muur, dacht ik zo.

Het zal dus wel nooit iets worden tussen mij en de marathon. Gelukkig is er voor doorzetters als ik dan nog zoiets als de Weight Watchers. Je valt af door – heel gemakkelijk – (calorie)punten te tellen, en na de eerste vijf kilo krijg je al een beloningssticker van de coach, zo is me beloofd. Ik bestelde er online een stappenteller bij, zodat ik mijn vorderingen niet alleen op de weegschaal kan bijhouden, maar tevens op een digitaal wijzerplaatje aan mijn pols. Het klokje beschikt over de knopjes ‘set’ en ‘menu’. Met steeds wisselende cijfertjes zenden ze onafgebroken startsignalen naar me, zonder dat er intussen ook maar één voetstap van me bij de andere is opgeteld. Een handleiding voor het ding ontbreekt, net als een merknaam waarop ik zou kunnen googelen.

Zul je dus net zien. Wil ik ten langen leste serieus werk gaan maken van een energieke en gezonde leefstijl, blijk ik al bijna zo’n senior die het digitale tijdperk niet meer kan bijbenen. De stappenteller tussen mijn oren werkt klaarblijkelijk wel, zij het dan nog slechts in zijn achteruit. En tja, begin dan nog maar eens met een maximum aan motivatie aan een Weight Watchers-afvalrace. Voor wie of wat nog? Mijn man ziet het probleem absoluut niet. Al toen ik nog hardliep voor de marathon zag hij liever dat ik gewoon lekker wat met ’m ging fietsen. En nu is dan het moment daar, vindt ie. Mag ik op een elektrische.

Mirjam de Winter (@mirjamdewinter) is freelance journalist en stadsgids in Rotterdam.

    • Mirjam de Winter