Opinie

    • Menno Tamminga

Macht? Kijk eens in je winkelwagentje

Economen zeggen wel eens dat wij als consumenten het beleid van bedrijven kunnen bijsturen. Dat onze dagelijkse boodschappen een machtig wapen zijn. Als kiezer bedrijven we politiek, als klant bedrijfspolitiek. Wie krijgt ons geld? Klinkt mooi, blijkt lastig. De eerste vraag is: prijzen of straffen? Unilever verhuist naar Rotterdam. Puik! Een beloning waard. Maar Unilever is geen merknaam, dus daar sta je dan, speurend naar zo’n miniscuul Unilever-logo.

Tweede vraag: waar winkel je? Bij de eigenaar van Albert Heijn verdient de nieuwe topman Frans Muller 135 maal het gemiddelde in zijn bedrijf. Laat staan hoeveel meer dat is dan een vakkenvuller. Maar hallo, Jumbo? Daar keert de eigenaar zichzelf 40 miljoen dividend uit, maar met vakbonden wil hij niet onderhandelen. Die vragen te veel. Maar als ik stop met winkelen bij ‘Appie’ en Jumbo, tref ik dan de eigenaar, de topman of de medewerker, die zijn baan verliest als we daar allemaal wegblijven? En overigens verdient Unilever-topman Paul Polman volgens een becijfering in Het Financieele Dagblad 292 maal zo veel als het gemiddelde bij Unilever.

Lees ook het interview met Hoekstra over de beloningsrel bij ING

Zo komen we als vanzelf bij de beloningsrel rond ING-topman Ralph Hamers. Hij zou 3 miljoen euro krijgen, het blijft 2. Vorige week verscheen president-commissaris Jeroen van der Veer van ING voor een Tweede Kamer-tribunaal. Vonnis? Schuldig aan een voorgenomen beloningsexces.

Deze week stuurde minister van Financiën Wopke Hoekstra (CDA) een vlees-noch-visbrief over de beloningen in de financiële sector naar de Kamer. Ook hier de strafreflex: kunnen we geld terugpakken van topmanagers als we een bank moeten redden? Het is misschien ook lastig als oud-partner van McKinsey, dat marktwerking bij wijze van spreke als credo heeft. Als minister moet je je nu verzetten tegen bedrijven die zich beroepen op marktwerking voor een loonexplosie.

ING verschool zich achter beleid van bijna tien jaar geleden. De bank ging zich toen na politiek overleg spiegelen aan beloningen bij internationale bedrijven. Die waren lager. Verrassing… de beloning van de Polmans en de Mullers van deze wereld is nadien door het dak gegaan. Dus nu wil ING mee.

Daar zie je de fnuikende invloed van politieke inmenging. Het maakt lui. Mensen stoppen met zelf nadenken als ze de politieke zegen hebben ontvangen.

Hoe dan wel? U kent wellicht de typering van rijke mensen: ze zijn anders, ze hebben meer geld. Zo is het met ING ook. Een geldgigant. Zij beheert het geld van klanten. Dat is geen recht, dat is een voorrecht. Een voorrecht van politieke huize. Want alle geld is politiek. Van het muntrecht vroeger tot de bankvergunning en het toezicht nu. Nationale identiteit telt. Wie zich, zoals ING, tooit met nationale symbolen (de leeuw, het oranje) snapt dat dondersgoed.

Dan kun je wel zeggen dat je Europese topklasse bent. En dat Hamers dus op dat niveau beloond moet worden, maar dat is een boodschap van managers aan managers. Dat zegt politici niks. En een deel van je klanten en je mensen ook niet.

Dus zal ING haar topkader anders moeten stimuleren en motiveren dan alleen met extra geld. Door de beste klantenbank te zijn? Koploper in financiële technologie? Het voorrecht dat je een cruciale schakel leidt in het geldverkeer? Of gewoon werkplezier?

Wie die motivatie kan geven, is zijn beloning van 2 miljoen euro dubbel en dwars waard.

Menno Tamminga schrijft over ondernemingsbeleid en economie.

    • Menno Tamminga