Recensie

Grote moeite met de dierlijke echtgenote

David Barnett Is het herontdekte Vrouw of vos, over een vrouw die in een vos verandert, nou een ontroerend liefdesverhaal? Of gaat het over seks en angst? Barnett schippert tussen satire en legende, maar het intrigeert genoeg om lang over na te praten.

Wat doe je als je echtgenote tijdens een boswandeling opeens verandert in een vos? Dat is de vraag waarvoor Richard Tebrick zich ziet gesteld in Vrouw of vos, de novelle van David Garnett uit 1922 die nu in vertaling is verschenen. Het antwoord: je neemt haar mee naar huis, stuurt het personeel weg en schiet de honden dood.

Garnett (1892-1981) was lid van de Bloomsbury Group, de groep kunstenaars en schrijvers waarbij ook Virginia Woolf hoorde. Het verhaal over de vrouw die in een vos veranderde was zijn grootste literaire succes. Her en der hoor je dat het een ontroerend, tragisch liefdesverhaal zou zijn. Maar het gaat ook over angst, en seks.

In het begin laat Richards vossenvrouw zich nog aankleden en wordt haar penetrante geur met parfum bestreden. Het huwelijksleven wordt voortgezet met kaartspelen en pianospel. Maar Silvia jaagt op eenden, verscheurt een konijn, en wil het huis uit, het bos in. Uiteindelijk raakt Richard haar kwijt aan de natuur.

Vrouw of vos is een parabel die je op verschillende manieren kunt lezen. Je vraagt je af of de novelle niet vooral gaat over een man die grote moeite heeft met de ‘dierlijke’, lichamelijke kant van zijn echtgenote. Garnett beschrijft hoe Richard zijn vrouw meteen nadat ze in een dier is veranderd oppakt, op veelzeggende, intieme wijze: ‘zo kwamen ze eindelijk samen’. Richard denkt dat de transformatie tijdelijk is, en dat het zijn schuld is, ‘omdat hij meer een geliefde dan een echtgenoot was’. Je zou kunnen lezen: ze hebben seks gehad in het bos en voor Richard is Silvia een ander wezen geworden door de hartstocht die ze toonde. Want tot nu toe is hun huwelijksleven kalm verlopen, ‘alsof zij en haar man geen echtpaar waren of zelfs niet tot verschillende geslachten behoorden’.

Maar nu heeft Richard een wezen in huis dat zich steeds wilder gaat gedragen. Na Silvia’s transformatie hebben ze nog een keer seks, wanneer Richard dronken is; weer nuchter smeekt hij God om vergiffenis voor deze zonde. Hij houdt van haar maar zij is niet te houden. Later, wanneer Silvia als vos in het bos leeft en kleine vosjes heeft gekregen, komt Richard dag in dag uit met die puppy’s spelen. Het wordt een grote idylle, zijn jaloezie ten opzichte van de mannetjesvos is gauw overwonnen. Hij helpt Silvia’s puppy’s met jagen, geniet van hun schuldeloosheid en wil niets liever dan een dier zijn, ‘de dieren zijn gelukkiger’. Maar hij kan het niet, zijn droom heeft met de echte natuur weinig te maken – zelfs zijn nageslacht heeft hij niet zelf verwekt. En zo zit de tragiek van Vrouw of vos niet zozeer in de vrouw die in een vos verandert, maar in het feit dat haar echtgenoot haar in die transformatie niet kan volgen.

Een meesterwerk is de novelle niet, daarvoor aarzelt Garnett te veel; wat wil hij vertellen, een legende, een satire, een sentimenteel verhaal? Een duidelijker keuze voor één toon had het boek sterker gemaakt. En hij lijkt een beetje neer te kijken op Richard, ook dat is jammer. Maar het is wel een intrigerend, multi-interpretabel verhaal, om lang over na te praten. Het roept ook een spiegelverhaal op – over een echtgenoot die van het ene op het andere moment mens bleef, en de vrouw die door hem het bos in werd gestuurd.