Op het Sierplein verdwenen de camera’s, en hup, daar waren de criminelen weer

Sierplein

Het Sierplein in Nieuw-West zucht onder een inbraakgolf. Die kwam zodra de camera’s – het plein was immers „weer veilig” – werden weggehaald. En dat terwijl een ruime meerderheid van bewoners en ondernemers vóór cameratoezicht was.

Het Sierplein in Slotervaart, stadsdeel Nieuw-West, met diverse winkels in de U-vormige plint. Zowel ondernemers als bewoners klagen over toegenomen criminaliteit sinds de gemeente een paar jaar terug de beveiligingscamera’s verwijderde.

Zodra de schemering valt op het Sierplein en de winkels op Tweede Paasdag hun deuren sluiten, verdwijnt ook het volk dat op de been is. In een hoek van het plein, in het donker, zittend op zijn fiets, leunend tegen de muur, rookt een jongen (19) eerst een sigaret, en meteen daarna een joint. „Als het donker wordt”, zegt hij, „begint hier de shit.”

Met ‘shit’, bedoelt de jongeman („geen voor of achternaam, schrijf maar op Kili.Z., mijn rapnaam”): de criminaliteit. Straatroven, inbraken, zakkenrollerij. In politie-jargon: criminaliteit met een hoge impact op de samenleving.

De afgelopen drie maanden werd minstens vijftien keer ingebroken bij winkeliers op het Sierplein in Amsterdam-Slotervaart (stadsdeel Nieuw-West). In het weekend en doordeweeks, altijd vroeg in de ochtend, drongen criminelen de winkels op het plein binnen. Soms sloegen ze de voorruit aan diggelen en wurmden zich daarna naar binnen. Dan weer verschaften ze zich toegang via de, slecht verlichte, achterkant van de winkels.

Daar aan die achterkant zijn de gesneuvelde toiletraampjes en achterruiten provisorisch vervangen door houten of stalen platen. De deuren zijn er extra beveiligd met metalen anti-diefstal-strips. Gedeukte deurposten getuigen van grof breekijzer-geweld.

Welke ondernemers de afgelopen jaren slachtoffer werden van inbrekers? Je kunt hier beter vragen: wie niet? Bij eigenlijk alle winkeliers aan het Sierplein werd op zijn minst één poging gewaagd.

In de statistieken van het plein ziet dat er zo uit: café ’t Siertje (één poging), de groenteboer (één inbraak), de kekabzaak (één inbraak), het reisbureau, de banketbakkerij (één inbraak), de drogisterij (twee inbraken), de kledingzaak (één inbraak,) de Albert Heijn (tweemaal een „sigarettenroof”), het tankstation om de hoek. Bij de kapsalon aan het plein was het in één maand (16 januari en 16 februari dit jaar) zelfs twee keer raak. Eigenaresse Malika Jalarbi: „Ik was er misselijk van en kreeg geen hap door mijn keel meer. Ik heb een week niet gewerkt.”

Volgens de groenteboer werd in de buurtkrant trots verkondigd dat de camera’s waren weggehaald omdat de buurt veilig was. ‘Gelijk daarna begonnen de inbraken weer’

De inbrekers beperken zich niet tot het plein. Ook achter en naast het plein hoef je niet lang te zoeken om bij een gedupeerde winkelier uit te komen. Bijvoorbeeld het Indiase winkeltje (drie inbraken) links van het plein. Een gloednieuw rolluik van staal („negenduizend euro”) moet voorkomen dat criminelen voor de vierde keer inbreken, zegt Parteek Chhibber (22). „We werden er echt helemaal gek van.” En rechts van het plein, aan de Johan Huizingalaan, waren het Thaise restaurant, de brillenwinkel (met hippe Ray-Ban zonnebrillen) op de hoek en de kledingmaker (twee inbraken) al eens de pineut.

Duizend euro verdween bij kledingmaker Abuzer Koca. Plus twee dure merkjassen. En zijn hele winkel lag overhoop, zegt hij. Koca: „Vroeger was ik nooit bang. Tegenwoordig word ik midden in de nacht wakker. Ik ben heel gespannen.” Op deze zonnige aprilmiddag wordt een stalen rolluik geïnstalleerd aan de voorkant van zijn zaak. Na de camera’s en de extra sloten op de achterdeur, de volgende stap. Zo hoopt hij de inbrekers definitief buiten te houden. „Wat kan ik verder nu nog doen?”

De reden dat er juist nu op en rond het plein wordt ingebroken, weten de ondernemers wel. De camera’s. Of beter gezegd: het ontbreken van camera’s. Die camera’s waren er aanvankelijk wel, maar werden in 2014 door de gemeente weg-bezuinigd, zeggen de winkeliers. Buurtbewoner René Hoonderd drinkt in café ’t Siertje een biertje: „Door camera’s voelen die jongens zich bespied, daar houden ze niet van. Ze kennen precies de plekken in de buurt waar geen camera’s hangen.” Zeki Kazanci van de kebabzaak beaamt: „Camera’s schrikken af.”

Vier ijzeren palen

Tot een aantal jaar geleden hingen er gewoon camera’s op het Sierplein. Vier stuks. Ze werden begin 2005 geïnstalleerd, nadat eind 2004 door de stadsdeelraad en de burgemeester was besloten dat het plein een probleemgebied was: er was sprake van zakkenrollerij, winkeldiefstal en inbraken. Op de toppen van vier ijzeren palen werden de camera’s geplaatst – ijzeren punten om de apparaten heen moesten voorkomen dat vandalen ze stuk zouden slaan.

Foto Olivier Middendorp. Die camera’s waren er aanvankelijk wel, maar werden in 2014 door de gemeente weg-bezuinigd, zeggen de winkeliers.

Ook op pleinen in de buurt, in andere wijken en op uitgaansplekken werden in die periode camera’s geplaatst. Tweehonderd ongeveer, die bekeken worden door medewerkers van Stadstoezicht, zo valt te lezen in het rapport uit 2014 Cameratoezicht in Amsterdam en andere grote steden van de gemeente Amsterdam en Bureau Onderzoek en Statistiek.

De uitkomst van de camera-inzet was positief, zegt Malika Jalarbi van de kapsalon: „Vroeger had ik hier recht voor mijn zaak een camera, ik voelde me veilig.” Ze is stellig: zowel ondernemers als winkelend publiek voelen zich veiliger als er camera’s hangen. Tegenwoordig haast ze zich als ze haar zaak afsluit.

Haar punt lijkt te kloppen. Zeventig procent van de ondervraagden op en rond het Sierplein gaf een paar jaar terug aan voorstander te zijn van cameratoezicht, blijkt uit de ‘Evaluatie Cameratoezicht 2012-2013’ van onderzoeks- en adviesbureau Regioplan in opdracht van de gemeente Amsterdam. Een derde van hen voelde zich veiliger door de camera’s. En ook de criminaliteitscijfers waren, nadat de apparaten geïnstalleerd werden, gestaag teruggelopen, blijkt uit datzelfde rapport.

Malika Jalarbi, eigenaresse van de kapsalon op het Sierplein.

En tóch werd, ondanks de ruime meerderheid vóór cameratoezicht, besloten de camera’s weg te halen. Het probleem leek met de dalende criminaliteitscijfers immers opgelost. Dat het ook geld bespaarde was een tweede reden. En dus werden de vier camera’s op het plein niet lang daarna verwijderd. Een D66-idee, zegt de groenteboer smalend. De camera’s worden sindsdien op een plein een paar kilometer verderop gebruikt, aldus de winkeliers.

Volgens groenteboer Mahmut Ceylan werd destijds in de buurtkrant trots verkondigd dat de camera’s waren weggehaald omdat de buurt veilig was. Geïrriteerd: „Gelijk daarna begonnen de inbraken weer.” Kapster Jalarbi: „Het was nog nooit zo heftig als nu. Ik hoor het ook van mijn klanten.”

Gemeenteraadslid Nicole Temmink (SP), na berichtgeving in Het Parool vorige week op Twitter: „Als camera’s helpen om het veiliger te maken, moeten ze weer terug. En niet op kosten van de ondernemers.” Laten we ons inzetten om de camera’s op het Sierplein terug te krijgen, reageerde daarop VVD-wethouder Eric van der Burg, eveneens op Twitter.

Duizend euro verdween bij kledingmaker Abuzer Koca. Plus twee dure merkjassen. En zijn hele winkel lag overhoop

Achmed Baâdoud, voorzitter van het dagelijks bestuur in Nieuw-West, laat in een telefonische reactie aan NRC weten een analyse te maken van de inbraak en overvalcijfers. Als daaruit blijkt dat sinds het weghalen van de opname-apparatuur sprake is van „een hausse” aan inbraken, „dan zal ik de eerste zijn die de burgemeester vraagt om te heroverwegen de camera’s terug te plaatsen. Baâdoud pleit al heel lang voor meer politie, niet alleen in zijn stadsdeel maar in de gehele stad, omdat er een structureel tekort aan is.

De wijkagent van het Sierplein reageerde niet op een verzoek per mail om vragen te beantwoorden.

Geen toezicht ’s avonds

Maar verdwenen camera’s zijn niet het hele verhaal. De wijkagent en straatcoaches laten zich alleen overdag zien, zeggen buurtbewoners, terwijl ze juist ’s avonds zo hard nodig zijn.

Tizia (59, „Geen achternaam, dan gaan ze me opzoeken”) hijst stevig aan een sigaret voordat ze de supermarkt inloopt. Ze woont al vijftien jaar in de buurt. Elke dag als ze naar haar werk gaat, ziet ze jonge jongens rondhangen en denkt dan: „Waarom doen de wijkagent en straatcoaches niets?”

Vorige maand werd bij haar ingebroken. De inbrekers sloegen toe toen Tizia aan het werk was: ze stalen geld, sieraden en een – kapotte – laptop. Ook bij haar buren werd ingebroken. Tot overmaat van ramp werd een paar weken later ook nog eens haar portemonnee gerold op het Sierplein toen ze ging winkelen.

Het probleem in de buurt volgens Tizia: er is totaal geen sociale controle meer. Je ziet het ook in de details, zegt ze. Als een jongere een leeg blikje drinken weggooit, durft niemand daar meer iets van te zeggen. „Het wordt smerig.”

In buurtkroeg ’t Siertje herkennen bewoners René Hoonderd en Maria Salle dat wel. Ook op het plein houden bewoners zich niet aan de regels: fietsen en scooters scheuren over het plein terwijl ze eigenlijk af horen te stappen. „Het lijkt wel een racebaan.” Het beeld komt overeen met wat wordt geschetst in de ‘Gebiedsanalyse 2017’ van de gemeente Amsterdam over Slotervaart, waaronder het Sierplein valt. Bewoners in Slotervaart zijn „weinig tevreden” met hun buurt en „voorzien ook geen verbetering in de nabije toekomst”, volgens het rapport.

Achmed Baâdoud bestrijdt dat er in zijn stadsdeel weinig wordt gedaan aan hufterig gedrag. Neem het Osdorpplein in Slotervaart: daar zorgen „gastheren en -vrouwen” ervoor dat er niet langer over het plein wordt „gescooterd” en gefietst, zegt hij. Dit heeft volgens hem een fijn neveneffect: het aantal overvallen daalde drastisch daar, want overvallers komen steevast op de scooter. Op het Sierplein zou Baâdoud ook graag zulke gastheren en -vrouwen inzetten.

Tizia, die zelf dus gerold werd en slachtoffer werd van inbraak, is helemaal klaar met de buurt. Zij ziet nog maar één oplossing: „Verhuizen.”

De ondernemers op het plein denken er anders over. De camera’s moeten gewoon weer terug, dan zal het snel beter worden. Ze piekeren er dan ook niet over hun zaak op een andere locatie te beginnen. Groenteboer Mahmut Ceylan is vastbesloten: „Ik laat me hier niet wegjagen.”

Sjaaltje

De 19-jarige ‘Kili.Z.’ denkt dat camera’s en politie het verschil in Slotervaart niet maken. „Meer camera’s?”, zegt de jongen en hij vist een stoffen sjaaltje uit zijn schoudertasje waarmee hij zijn gezicht kan bedekken. De jongen woont samen met twee broers, een zusje en zijn moeder. Zijn vader zit in de gevangenis. „Ik heb schijt aan camera’s”, zegt de jongeman. „Als er brood op de plank moet komen, maak je soms foute keuzes.”

    • Martin Kuiper