Dolle Mina’s en het dagboek van een puber

Redacteur Margot Poll signaleert welke boeken er ook nog zijn verschenen en kiest er steeds zes om kort te bespreken.

Fijn, weer een roman van Penelope Fitzgerald vertaald, schreef deze krant in 2016 bij de verschijning van De Engelenpoort. Deze week verscheen wederom een roman van de Engelse schrijfster Penelope Fitzgerald (1916-2000) die zich afspeelt in Moskou aan het begin van de twintigste eeuw. In Het begin van de lente komt de van oorsprong Engelse drukker Frank Reid thuis en ziet dat zijn vrouw Nellie er met hun drie kinderen van door is gegaan – waarschijnlijk naar Engeland. Nog geen scène later wordt Frank gebeld door de stationschef: of hij de kinderen wil komen ophalen. Zij zijn alleen uit de trein gestapt met een wasmand vol kleren. En dan begint het verhaal: een nieuw kindermeisje, Russische intriges, Engelse belangen en hoe moet het met de fabriek? En zie, gelukkig gaan ook de luiken van Lipkastraat 22 open. De lente is in aantocht. Penelope Fitzgerald debuteerde toen zij 58 jaar oud was en won in 1979 de Booker Prize voor haar roman Offshore. Zij houdt haar personages een beetje schimmig en doet uitnodigend een beroep op onze fantasie. Voor de liefhebbers van de Britse schrijfsters Rose Tremain en Jane Gardam.

Penelope Fitzgerald: Het begin van de lente. Oorspronkelijke titel: The Beginning of Spring. Vert. Johannes Jonkers. Karmijn, 215 blz. € 18, 95

In 2010 werden de gedichten van C. Buddingh’ (1918-1985) gebundeld met daarin de bekende gorgelrijmen over de imaginaire dieren zoals de blauwbilgorgel. In Bazip, Deibel staan nu de ‘beste verhalen’ van de Dordtse schrijver en vertaler. De titel verwijst enerzijds naar Bazip Zeehok, de ‘naïeve grotestadswees’ die enigszins eenzaam de wereld om hem heen beziet. En anderzijds naar de mislukte voetballer Jopi Deibel die na een vileine trap tegen zijn been (‘ze hadden de botten horen kraken’) nooit meer kon voetballen. In de bundel staan ook zeventien miniaturen, anekdotes, met steeds zo’n onverwachte, niet ter zake doende laatste zin dat het leerzame meesterstukjes zijn. Ontregelen, dat is waar Buddingh’ ook goed in was.

C. Buddingh’: Bazip, Deibel. Samenstelling en uitgebreid voorwoord Wim Huijser. Nijgh & Van Ditmar, 320 blz. € 22, 50

Door in het theater te kijken naar wat andere mensen doen, kun je zelf keuzes maken hoe te handelen in het leven. Prachtig uitgangspunt om in de Ars poetica van de Griekse filosoof en wetenschapper Aristoteles (384-322 v.Chr.) te lezen waar een goede tragedie dan aan moet voldoen. Te beginnen met de drie eenheden: plaats, tijd en handeling om vervolgens tot de ontknoping te komen. Alle toneel- en filmschrijvers hebben zich daar tot op heden bewust of onbewust aan gehouden. Of het nu gaat over de verhaallijn, karakters, muzikale omlijsting, zelfbedachte woorden of morele aanvaardbaarheid van handelingen en uitspraken – Aristoteles legt het aan de hand van voorbeelden, geduldig uit. De vertaling en uitleg van classicus Paul Silverentand, maakt de Ars poetica zeer toegankelijk.

Aristoteles: Ars poetica. Vertaling en toelichting Paul Silverentand. Athenaeum, 109 blz. € 15,-

Ook de ‘eerste vrouwelijke filmregisseur van Nederland’ Nouchka van Brakel zal voor haar films, televisieseries en documentaires steeds die drie eenheden in haar achterhoofd hebben gehouden. In Scènes uit mijn eigen draaiboek vertelt zij aan haar kleinzoon over haar carrière, met wie zij samenwerkte en over alle landen waar zij is geweest (‘zesentwintig vlaggen’) en wat ze daar heeft meegemaakt. Bovenal schetst Van Brakel een fantastisch tijdsbeeld van de jaren zestig met alle vernieuwingsdriften en haar aandeel in de emancipatiebeweging (ik ben Dolle Mina, jij bent Dolle Mina etc). Of hoe zij aangenomen werd op de Filmacademie omdat zij een meisje was en tussen ‘zevenentwintig mannetjeseerstejaars’ in een topjaar bleek te zitten met onder anderen Pim de la Parra, Jan de Bont en Frans Bromet.

Nouchka van Brakel: Scènes uit mijn eigen draaiboek. Querido, 280 blz. € 22,99

Een kleiner en ander tijdsbeeld geeft schrijver Raoul de Jong met zijn Dagboek van een puber. Eenentwintig jaar geleden geschreven en nu zelf van commentaar voorzien. Gedachten over eenzaamheid, hoe je moet voorkomen een meeloper te worden, met wie praat je over verliefdheid (‘blozen in rood en roodbruin’). De overgang naar de middelbare school met als summum dat hij in 1996 wordt verkozen tot ‘Brugger van het Jaar’ op het Erasmiaans Gymnasium in Rotterdam. Een boek voor alle pubers in groep 8 (ook voor meisjes!) en een mustread voor hun ouders. En wat schreef die jongen netjes!

Raoul de Jong: Dagboek van een puber. De Bezige Bij, 110 blz. € 14,99

Ook de Belgische fotograaf Jasper Léonard schept een tijdsbeeld: de wereld van nu in het klein. Met een speciale tilt-shiftlens reist hij de wereld rond en fotografeert vanaf daken, kranen en helikopters mensen en plekken en stelt daar steeds vragen over: hoeveel bruggen zie je? Zie je de persoon die ligt te slapen op het groene matje? Foto’s met heel veel mensen zoals op het strand doen het altijd goed bij zoekopdrachten – vindt daar maar eens het meisje met een ‘fluogele pet’. Die lijkt de fotograaf zelf ook niet te hebben gevonden want juist dat antwoord ontbreekt achterin. Mijn wereld in het klein is voor kinderen (4+) een vrolijk kijk- en zoekboek, voor volwassenen een raadselboek om er achter te komen waar de foto’s zijn genomen – want dat staat er helaas niet bij.

Jasper Léonard: Mijn wereld in het klein. Lannoo, 75 blz. € 17,99