Vegetarische vis: mooi maar moeilijk

Kweekvis

Kweekvis wordt nu wereldwijd gegeten. Volgende stap: de vegetarische baars. Hij eet plantaardig en zwemt in regenwater.

Een bassin met duurzaam gekweekte vegetarische baarzen, in 2015, in het Belgische Kruishoutem. Foto Fred de Brock

Van te veel licht houden de vissen niet. Daarom is deze loods, in de buurt van Gent, schaars verlicht. Oorspronkelijk leven de baarzen die hier zwemmen in modderige riviertjes en poeltjes, waar ze alles eten wat ze tegenkomen. „Een nogal vijandige omgeving”, zegt Stijn Van Hoestenberghe. Hij is eigenaar van deze visboerderij.

Dat de baarzen geen kieskeurige eters zijn is van belang voor Van Hoestenberghe, want hij geeft ze uitsluitend plantaardig voedsel. Dat levert groot voordeel op vergeleken met andere kweekvis. Die wordt meestal gevoerd met wilde vis en daardoor is er alsnog kans dat er wordt bijgedragen aan overbevissing of verloren bijvangst. Alleen vegetarische vis is écht duurzaam, vindt Van Hoestenberghe.

Sinds kort ligt de vis, die omegabaars is gedoopt, als enige vegetarische, lokale kweekvis in bepaalde Nederlandse supermarkten. Al eerder nam de grootste supermarktketen van België de omegabaars op in het assortiment.

Van Hoestenberghe, die met zijn baard en houthakkershemd niet zou misstaan in een barbecuerestaurant voor hipsters, werd door de universiteit van Leuven gevraagd onderzoek te doen naar duurzame viskweek.

Dat onderzoek leidde tot deze boerderij, waar de vissen, afkomstig uit Australië, in regenwater zwemmen. Het water wordt gerecycled en er wordt restwarmte van de nabijgelegen tomatenkassen gebruikt. OP zijn beurt krijgt de tomatenteler binnenkort weer de reststoffen van de viskweek voor zijn tomaten. De universiteit van Leuven is nog steeds de grootste aandeelhouder. In totaal is 5 miljoen euro in de vissen geïnvesteerd.

Antibiotica

Sinds dit jaar eten mensen wereldwijd meer kweekvis dan wilde vis. Dat moet ook wel: de behoefte aan het eten van vis groeit (bijvoorbeeld door toegenomen welvaart) maar veel wilde soorten zijn nu al overbevist en dus schaars.

„Doodzonde natuurlijk”, zegt Roel Bosma, onderzoeker aan de universiteit in Wageningen. Maar, zegt hij erbij, met gekweekte vis kan ook van alles mis zijn.

Zo zijn geteelde garnalen volgens Bosma „moeilijk te verantwoorden” omdat de kweek meestal ten koste gaat van natuurgebied, net als bij zalm, waarvoor de vissen in kooien in zee worden gehouden. Kweekvis krijgt vaak antibiotica toegediend en er worden chemicaliën gebruikt om visvijvers schoon te houden. Bovendien zitten volgens dierenwelzijnsorganisaties de vissen ook vaak te dicht op elkaar gepropt.

Vooral de veelal in Azië gekweekte tilapia en panga, die overigens met weinig vis in het dieet toe kunnen, hebben veel te lijden gehad onder negatieve berichtgeving.

Sinds een paar jaar is er het keurmerk voor duurzame gekweekte vis, ASC, maar dat wil zeker niet zeggen dat alle problemen zijn bezworen.

Visvoer smaakt goed

Van Hoestenberghe ontwikkelde zijn eigen voer van onder meer lijnzaad, zeewier en soja – grotendeels uit België of buurlanden afkomstig. In het voorbijgaan steekt hij een paar van de bruine korrels in zijn mond. „Wil je ook?” Ze smaken naar supergezonde ontbijtgranen.

De Vlaming, die volgend jaar winst hoopt te maken, is niet de enige die duurzame, lokale vis op de kaart wil zetten. Maar in de praktijk blijkt dat vaak ingewikkeld: zo is de duurzame vis Claresse uit de Nederlandse supermarktschappen verdwenen. Faillissementen komen in de sector ook geregeld voor.

Ben van Dorp, verantwoordelijk voor de inkoop van vis bij een supermarkt, ziet „heel mooie projecten” voorbijkomen. Maar die zijn vaak niet geschikt omdat de supermarkt gebonden is aan zeer hoge eisen, bijvoorbeeld op het gebied van hygiëne. „Dat moet wel écht 100 procent gegarandeerd zijn. We hebben meer nodig dan een mooi visje in de toonbank.”

De omegabaars heeft geen ASC-keurmerk. Te duur, zegt Van Hoestenberghe, en daarnaast denkt hij dat ASC zijn volumes te klein vindt.

Aan marketing geen gebrek, overigens. Een Vlaams reclamebureau verzorgde de campagne rondom omegabaars (slogan: ‘de lekkerste BV’, waarin dat laatste staat voor Belgische Vis). De Vlaamse tv-kok Jeroen Meus ging ook al met omegabaars aan de slag.

Maar werkt het? Gaat dit deel van Europa massaal deze vis eten? „Ik denk dat dit kan slagen”, zegt supermarktinkoper Van Dorp. De verkoop kwalificeert hij als „boven verwachting”. Maar veel meer dan dat het „een paar procent” is van de totale visverkoop, wil hij niet kwijt.

Feit blijft dat Nederlanders vooral zalm, vissticks, haring en tonijn eten. Ze zijn niet enorm geporteerd voor het eten van zoetwatervissen zoals omegabaars. Die smaakt „een beetje aards” volgens Van Dorp en „nootachtig” volgens Van Hoestenberghe – al geldt dat ook voor de panga en tilapia.

Concurrentie uit de tropen

Bosma van de universiteit in Wageningen weet dat het moeilijk is om viskweek rendabel te maken. „Nederlandse kwekers hebben veel te lijden onder goedkope aanbieders uit de tropen.”

Toch gebeurt er wel wat in de lokale kweekvismarkt. Zo hoorde hij over een veelbelovende proef met gekweekte schol. Het blijkt dat schollen, platvissen die vlakbij de bodem leven, er geen probleem mee hebben om te stapelen.

Van belang is dat winkels zoals supermarkten goed blijven betalen voor lokale, gekweekte vissoorten, zegt Bosma, ook als er straks meer concurrentie is.

Op die manier is lokale kweek rendabel. „Want dat slepen met kweekvis uit Azië, wil je liever zoveel mogelijk voorkomen.”

    • Geertje Tuenter