Meesterwerk van Rem Koolhaas: boekenoase in de woestijn

Architectuur Het Office for Metropolitan Architecture van Rem Koolhaas bouwde in Doha een iconische ‘groundscraper’. Het interieur van de bibliotheek lijkt op een landschap.

De nieuwe Nationale Bibliotheek in Doha, ontworpen door het Office for Metropolitan Architecture (OMA) Foto OMA

1. Boekenheuvels rondom een stadsplein

Toen het Office for Metropolitan Architecture (OMA) in 2007 een gigantische, rechthoekige zerk inzond voor een prijsvraag voor een congrescentrum in Dubai, kondigde OMA-oprichter Rem Koolhaas het einde van het tijdperk van de iconen aan. Een anti-icoon noemde hij de zerk, en een statement dat, zo hoopte hij, het einde zou inluiden van de ‘gekke en zinloze race’ van spectaculaire gebouwen in onder meer de Golfstaatsteden Dubai, Abu Dhabi en Doha.

Natuurlijk is de wedstrijd ‘wie ontwerpt het gekste gebouw’ in het afgelopen decennium gewoon doorgegaan. En al leek het er lange tijd op dat OMA zelf na de Grote Onderbroek, zoals het spectaculaire, lusvormige CCTV-hoofdkwartier in Beijing wordt genoemd, inderdaad was overgestapt op een soberder soort architectuur, met de onlangs geopende Nationale Bibliotheek in Doha hebben Koolhaas en zijn bureau nu weer een onvervalste ‘icoon’ gebouwd. Want al is het gebouw niet een wolkenkrabber maar een lage groundscraper, toch is het de blikvanger van de Education City, de immense onderwijswijk van Doha waar OMA al eerder het hoofdkantoor bouwde van de Qatar Foundation, de opdrachtgever van de bibliotheek. De ruitvormige gevels zijn dan ook al gepromoveerd tot het logo van de Nationale Bibliotheek.

De ruitgevels van golvend glas in een betonnen omlijsting zijn het gevolg van een even eenvoudige als verstrekkende ingreep, die typerend is voor het beste werk van Koolhaas, de geestelijke vader van de Nederlandse ‘conceptuele’ architectuur. Eigenlijk is de bibliotheek met een vloeroppervlak van 45.000 vierkante meter niet meer dan een immense platte doos waarvan de hoeken zijn opgetrokken. Ook het dak, dat bestaat uit vier grote betonplaten die door slechts 24 kolommen worden ondersteund, is omhooggetrokken. De simpele ingreep heeft geleid tot een meesterwerk dat niet alleen een uniek exterieur heeft, maar ook een rijk en verrassend interieur dat lijkt op een landschap.

De hoofdingang bevindt zich onder een van de opgetrokken hoeken en wie daardoor naar binnengaat, staat middenin een imposante ruimte die door het van alle kanten overvloedig binnenvallende licht een kathedraalachtig gevoel oproept. Op de schuine vloeren staan honderden boekenkasten, als wijnranken in een heuvelachtige wijngaard. Te midden van de naar alle kanten uitwaaierende heuvels ligt een verdiept deel voor de collectie oude en kwetsbare boeken, kaarten en manuscripten. In de rechthoekige kuil staan dikke, met Iraans marmer beklede muren, alsof er een verdwenen paleis in het woestijnzand is opgegraven.

Achter het verzonken paleis ligt een lange balk met onder meer een auditorium dat bestaat uit een tribune die is omgeven door een immens gordijn dat is ontworpen door Inside Out, het bureau van Petra Blaisse. Rondom het paleis ligt een vlakte waar her en der tafels, stoelen, banken en zitzakken staan. Zo is Education City met de Nationale Bibliotheek niet alleen een heuvelland met boekenkasten geworden maar ook een levendig stadsplein waarvoor de Qatarezen graag een autorit van een kilometer of tien maken naar de onderwijswijk op de grens van stad en woestijn.

Het interieur van de bibliotheek, met boekenkasten „als wijnranken in een heuvelachtige wijngaard”

Foto Hans Werlemann
Het interieur van de bibliotheek, met boekenkasten „als wijnranken in een heuvelachtige wijngaard”
Foto Hans Werlemann

2. Las Vegas aan de Perzische Golf

„Het publieke leven in Doha speelt zich vooral af in de shopping malls”, zegt Vincent Kerstens, architect bij het Office for Metropolitan Architecture (OMA). Kerstens woonde ruim twee jaar in de hoofdstad van Qatar om daar de door OMA ontworpen Nationale Bibilotheek tot een goed einde te brengen. „Daarom is de bibliotheek ook zo belangrijk voor de stad. Die vormt een nieuw soort publieke ruimte.”

Het gebrek aan straatleven openbaart zich vooral in de zakenwijk in het midden van de uitgestrekte stad. Hier staan tientallen kantoor- en hoteltorens langs brede, boomloze vierbaanswegen met minuscule trottoirs. Zowel overdag als ’s avonds waagt zich slechts een nietige enkeling op straat, terwijl auto’s, voornamelijk grote SUV’s, voorbijzoeven. De wolkenkrabbers, steevast omgeven door parkeerterreinen, zijn doodse, geïsoleerde giganten die al het leven in zich opzuigen. Alleen in de City Center Mall, een reusachtig complex met winkels, restaurants en een ijsbaan onder glazen koepels, doet zich iets voor wat op stadsleven lijkt.

‘Speer ontmoet Disney aan de kust van Arabië’, zo omschreef de Amerikaanse stadssocioloog Mike Davis in 2007 de nieuwe steden in de Golfstaten die de afgelopen decennia uit de woestijngrond zijn gestampt om centra van de financiële wereld, ICT, luchtvaart en toerisme te worden. Vier jaar later wond Rem Koolhaas, de oprichter van OMA dat veel bouwt in Qatar, zich er nog altijd over op. „Luie kritiek” noemde hij Davis’ typering. Veel westerse critici zien in de steden van de Golfstaten alleen het opzichtige consumentisme en de almacht van megalomane projectontwikkelaars, vond hij, terwijl het hier gaat om een „verkenning van de verhouding tussen islam en moderniteit”. „Doha leert je af om cynisch te zijn”, zegt Koolhaas nu bij het zien van de voltooide Nationale Bibliotheek. Niet alle nieuwe steden in de Golfregio zijn ook hetzelfde, vult Kersten aan: „Doha heeft toch meer een menselijke maat dan Dubai.”

Inderdaad zijn de wolkenkrabbers in Doha lager dan die van Dubai. Terwijl Dubai naast de Burj Khalifa, met 828 meter nog altijd het hoogste gebouw ter wereld, een stuk of tien wolkenkrabbers heeft van minstens 350 meter, meet de hoogste toren van Doha slechts 300 meter. Toch lijkt de skyline van Doha op die van Dubai of Abu Dhabi. De zakenwijken van alle drie Golfstaatsteden zijn wouden van wolkenkrabbers die met draaiingen, welvingen, uitkragingen en koepels bijna allemaal hun best doen om op te vallen.

Foto OMA
Foto OMA

„De metropolen van de eenentwintigste eeuw”, heeft Koolhaas de nieuwe steden in de Golfstaten eens genoemd. Toch doet Doha vooral denken aan een stad die al in de twintigste eeuw gestalte kreeg: Las Vegas, de wereldhoofdstad van het ongebreidelde kapitalisme en consumentisme in de woestijn van Nevada. Vooral als het donker is en de in lange linten opgestelde torens in blauw, oranje, turquoise en andere knallende kleuren zijn aangelicht, doet de imposante zakenwijk van Doha denken aan de Strip van Las Vegas, de beroemde voormalige snelweg tussen reusachtige casinohotels die baden in het licht als het donker is.

Ook in andere opzichten is Doha een Arabische versie van Las Vegas. Zo wonen veel inwoners van Doha, net als die van Las Vegas, in gated communities, meestal in huizen in klassiek Romeinse, traditioneel Arabische of een andere retrostijl. Ook heerst in Doha een soortgelijke onbeschaamde kopieerdrift als in de Amerikaanse woestijnmetropool. Zoals Las Vegas bijvoorbeeld in het casinohotel The Venetian een miniatuurversie van Venetië heeft, zo bestaat in Doha de autovrije woonwijk Qanat Quartier op een aangeplempt eiland in de Perzische Golf uit ‘Venetiaanse’ palazzi langs grachten waarvan er een wordt overbrugd door een verkleinde Rialtobrug. En de nieuwste van de vele shopping malls in Doha, de vorig jaar geopende Al Hazm Mall, heeft, net als het casinohotel annex shopping mall Caesars Palace (‘shoppus non stoppus’) in Las Vegas, het aanzien gekregen van het oude Rome. Het centrum van de Romeinse mall in Doha is een kopie van de beroemde Milanese passage Galleria Vittorio Emmanuele II uit 1877. Ervoor staat een glazen piramide die sprekend lijkt op de ingang van het Louvre in Parijs.