K-pop: geen psychologisch wapen aan de grens meer, maar een ontroerde Kim

Waar Noord-Korea enkele jaren geleden nog dreigde met een totale oorlog als Zuid-Korea K-pop-liedjes zou blijven draaien aan de grens, omarmt Kim Jong-un de muziek nu.

Kim Jong-un poseert met zijn vrouw Ri Sol Ju voor een groepsfoto met Zuid-Koreaanse artiesten. Foto EPA

Het heeft veel weg van een staatsieportret: de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un en zijn vrouw tussen de Zuid-Koreaanse zangers. De meidengroep Red Velvet gaf zondag een eerste concert in Pyongyang, dinsdag volgde een tweede. Het eerste concert, dat werd georganiseerd onder de vlag ‘De lente komt eraan’, had Kim ontroerd, liet het Noord-Koreaanse staatspersbureau KCNA weten. Het was voor het eerst in ruim tien jaar dat een Zuid-Koreaanse groep zangers optrad.

Behalve het vrolijke Red Velvet, trad ook de singer-songwriter Cho Yong-pil – enigszins lijkend op Elton John – op met gevoelige liedjes. De ontvangst van de zangers vond plaats tegen de achtergrond van diplomatieke toenadering tussen Noord- en Zuid-Korea. Er kan veel veranderen: enkele jaren geleden nog liet Zuid-Korea de K-pop-liedjes uit luidsprekers aan de Noord-Koreaanse grens schallen, bij wijze van psychologische oorlogvoering. Noord-Korea dreigde met een totale oorlog als de muziek niet uitging. Er werden zelfs waarschuwingsschoten gelost.