Een licentiecode is in het strafrecht straffeloos te stelen

Deze rubriek belicht elke woensdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Deze week: diefstal van een licentiecode en de zorgplicht van banken.

Foto Istock

Of de Kamer het wetsvoorstel Computercriminaliteit III eens kan aannemen? Er beginnen namelijk gaten te vallen in de handhaving. Deze conclusie ligt voor hand na de vrijspraak van een ex-werknemer die van zijn vorige werkgever zonder toestemming een licentiecode meenam. En niet zomaar één. Het bedrijf had een monopolie in Nederland voor een bepaald softwarepakket; de licentiecode was de sleutel.

De werknemer wilde met een aantal collega’s voor zichzelf beginnen. En wel op dezelfde markt, met hetzelfde softwarepakket. Op de laatste dagen van zijn dienstverband mailde hij de code van het softwarepakket van zijn werk naar zijn privé-email. Daarna was het nieuwe bedrijf in business. De officier van justitie zag in deze handelwijze diefstal dan wel verduistering van een ‘goed’, althans een vorm van heling van gegevens ‘door misdrijf uit een geautomatiseerd werk verkregen’ die uit winstbejag werden gebruikt voor jezelf en tot nadeel van een ander. De werknemer wist ook dat die code een bedrijfsgeheim vormde omdat hij er al jaren werkte. Als je zo’n code naar je privémail stuurt, dan is het aannemelijk dat je dat doet om er zelf gebruik van te kunnen maken.

De strafrechter in Den Haag gaat er niet in mee. Er is pas sprake van verduistering, diefstal of heling als er ook een goed is. En er is pas sprake van een goed als degene die het verliest na het misdrijf er de macht niet meer over heeft. En dat was bij deze code niet zo. Voor een juridische uitbreiding van het begrip diefstal van gegevens moet op de nieuwe wet worden gewacht. Mogelijk is wat de werknemer deed wél onrechtmatig, volgens het civiele recht dus. Maar de strafwet schiet hier nog tekort.

Uitspraak: ECLI:NL:RBDHA:2018:3396

    • Folkert Jensma