De onduidelijke ex

Wie: Jeroen V. (34)

Kwestie: stalken van ex-vriendin

Waar: rechtbank Midden-Nederland

Het gaat te ver om te stellen dat een stalkingszaak een ‘eitje’ is voor de politie, maar in vergelijking met andere daders zijn stalkers vaak makkelijk op te sporen én te veroordelen. Alleen al omdat in de aard van het delict besloten ligt dat de stalker steeds contact zoekt en ook wil dat zijn slachtoffer weet wíé contact zoekt.

In het zoeken van dat contact zijn ze creatief. Een stalker wist contact te houden met het onderwerp van zijn obsessie via haar rekeningafschrift. Door steeds 10 of 20 cent over te maken, kon hij boodschappen versturen in de betaalomschrijving. Daarmee leverde hij ook het bewijs tegen zichzelf op schrift aan.

Ook in de zaak tegen Jeroen V. (34) is er meer dan voldoende bewijs. In oktober zocht hij in tien dagen tijd ongeveer achthonderd keer contact met zijn ex, telefonisch en met berichtjes. „Daar moet u druk mee zijn geweest”, merkt de politierechter op. Jeroen beaamt het. Hij was zichzelf niet toen hem duidelijk werd dat de relatie met zijn vriendin misliep, zegt hij. „Eerst was er nog contact, en kreeg ik antwoord, maar dat hield ineens op, en toen bleef ik met vragen zitten.” De belangrijkste vraag was natuurlijk: waaróm het uitging tussen hen.

Jeroen is zonder advocaat naar de zitting gekomen, was er bijna een uur voor aanvang en ziet er fris uit – jonger dan zijn leeftijd.

De rechter zegt dat Jeroen tijdens het bellen en sturen van berichtjes vaak onder invloed van alcohol was. Dat ontkent hij niet. Maar daardoor weet hij ook veel niet meer. Op de vraag of hij recentelijk nog contact heeft gezocht met zijn ex antwoordt hij bijvoorbeeld wat onvast: „Voor zover ik weet niet.”

Jeroen woont tijdelijk weer bij zijn moeder. Of hij een beroep heeft, of een opleiding, wordt niet besproken. Op zijn strafblad staan meerdere overtredingen die met alcohol te maken hebben. Maar, zegt de rechter, „als ik zo naar u kijk, denk ik niet meteen: die moet afkicken”.

Hoewel Jeroen „de volle verantwoordelijkheid” wil nemen voor zijn daden, merkt hij toch even op dat het anders zou zijn gelopen als zijn ex duidelijker was geweest. „Er is door haar nooit gezegd: punt erachter.” Ze zei volgens Jeroen alleen dingen als: ik wil rust, ik kan niet in de toekomst kijken.

De rechter haalt nog even in herinnering dat Jeroen toch ook door de politie is gebeld voor „een normstellend gesprek”. Daarbij wordt een verdachte duidelijk gemaakt dat zijn of haar gedrag strafbaar is. „Toen had het voor u toch wel duidelijk kunnen zijn.” Jeroen knikt.

Zijn ex wordt door de rechtbank omschreven als „een kwetsbare vrouw” die net uit een slechte relatie kwam, toen ze Jeroen ontmoette. Jeroen „wil geen kwaad over haar spreken”, maar „zó kwetsbaar was ze nou ook weer niet”, zegt hij. „Ik heb weleens een klap in m’n gezicht van haar gekregen en vele scheldkanonnades als ze gedronken had. En, het was nog niet uit, of ze lag in bed bij m’n beste vriend. Nou ja, dat wás dus m’n beste vriend.” In haar slachtofferverklaring zegt de vrouw dat ze hoopt dat een veroordeling Jeroen zal helpen.

De officier stelt dat je „in Nederland” een relatie moet kunnen verbreken, zonder dat maandenlang in berichten wordt gevraagd waarom. Hoewel de verdachte wel veroordelingen op zijn strafblad heeft voor bijvoorbeeld rijden met alcohol, is hij op het gebied van stalking een first offender. Daarom eist zij een taakstraf en een maand voorwaardelijke gevangenisstraf. De rechter neemt die eis van de officier over: Jeroen moet een taakstraf van 80 uur uitvoeren, krijgt een contactverbod en een meld- en behandelplicht bij de reclassering.