Brieven

Brieven 3/4/2018

Topsalaris

Draagvlak wordt moelijk

President-commissaris Jeroen van der Veer van ING is bezorgd (Van der Veer gniffelt om boze Kamer, 29/3). Voor maar 2 miljoen euro is het onmogelijk om een goede topman voor de ING te krijgen. Hij werkt daarom aan draagvlak voor salarisstijging. Ik denk dat zijn zorg onterecht is. Als hij buiten zijn old boys network kijkt, zal hij verrast zijn hoeveel getalenteerde en deskundige mensen hij tegenkomt die uitermate geschikt zijn om de bank te besturen. Zelfs voor 1 miljoen. Daar kun je prima van leven.

Maar wie verzorgt straks mijn bejaarde ouders? Staat er nog iemand aan mijn bed als ik naar het ziekenhuis moet? Daar maak ik me zorgen over. Op dit moment zijn er ongeveer tienduizend vacatures in de zorg. In het artikel ‘Ouderenzorg zit op doodlopende weg’ (29/3) lees ik dat de gemeenten thuishulpen ver onder cao-niveau betalen. Daar kun je echt niet van leven. Als er mensen zijn die meer verdienen dan ze krijgen, dan zijn zij het.

De heer Van der Veer heeft nog een harde noot te kraken om draagvlak te krijgen voor zo’n salarisstijging.

Religiekritiek

Hooivork

Minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) wil het strafrecht aanpassen om harder te kunnen optreden tegen radicale imams, zelfs als dat inhoudt dat de vrijheid van meningsuiting daarvoor wordt ingeperkt (Grapperhaus: imam lastig te vervolgen om uitspraken over Aboutaleb, 27/3). Helaas zijn velen het met hem eens. Maar de opvattingen van radicale imams dienen in een democratische pluriforme rechtsstaat niet via het strafrecht maar via een debat te worden bestreden. Zo’n debat wordt steeds lastiger, omdat gelovigen religiekritiek al snel strijdig vinden met de vrijheid van godsdienst. Het gaat die gelovigen niet om het concreet uitoefenen van hun rechten, het gaat om de symbolische verheffing van religie boven andere maatschappelijke verschijnselen. Hieraan ontlenen ze ook wettelijke uitzonderingsposities als jongensbesnijdenis, ritueel slachten, gelaatsbedekking in de openbare ruimte. Orthodoxe gelovigen menen vaak dat hun leefregels ook dienen te gelden voor ongelovigen en andersgelovigen, en criminaliseren kritiek op hun opvattingen. Zij vertonen hier ‘de twee spiesen van de onverdraagzame hooivork’, zoals Coornhert die in zijn Synode vander Conscientien Vrijheid (1582) liet zien: zowel zelf intolerant tegenover anderen als de kritiek van anderen niet kunnen verdragen. De overheid moet niet de ene spies van de onverdraagzame hooivork willen afbreken, terwijl ze de andere blijft oppoetsen. Gelovigen in ons land vormen demografische minderheden en de orthodoxen onder hen een minderheid in een minderheid. Dankzij de scheiding tussen kerk en staat kan de overheid wel degelijk optreden. Ze kan aangeven dat bepaalde opvattingen zich weliswaar binnen de wet bewegen, maar onwenselijk zijn voor individu en samenleving. Ze kan gematigde moslims beschermen tegen hun fanatieke medegelovigen. Hetzelfde met vrouwen wier doek van het hoofd wordt getrokken als met vrouwen die juist worden lastiggevallen omdat ze doekloos zijn. Hierbij bedenken we dat alle religies stromingen kennen die haatdragende of anderszins onwenselijke opvattingen huldigen. Wie kritiek beperkt tot de islam, is geen religiecriticus, maar een ordinaire islamofoob.

Referendum

Wie heeft zich vergist?

In de analyse van het referendum over de inlichtingenwet vindt het kabinet dat het verkeerd campagne gevoerd heeft. Hebben mensen tegengestemd? Daar is dan ergens iets fout gegaan. Geen enkel moment overwegen leden van het kabinet dat zijzelf zich inhoudelijk vergist kunnen hebben. Ik zie nog nergens binnen het kabinet een analyse van welke aspecten van de wet mogelijk het heroverwegen waard zijn. Het kabinet is vrij om na deze raad van de burger al dan niet de wet te veranderen en opnieuw aan te bieden aan het parlement. Maar dat de burger zich vergist als deze nee stemt en zich niet vergist als deze ja stemt is een omkering van de waarheid. De burger heeft altijd gelijk. Het kabinet staat in dienst van de burger. Het minste wat het kabinet kan doen is overwegen of het denkbaar is dat het zich vergist heeft.

    • Maurits Willemen
    • August Hans den Boef
    • Esther Bos