Spotify’s ongebruikelijke beursgang kan navolging krijgen

Deze rubriek belicht iedere maandag beursfondsen die in de belangstelling staan. Deze keer: Spotify.

Foto David Paul Morris / Bloomberg

Aan de beursgang van een bedrijf gaan vaak maanden van voorwerk vooraf. Eerst moet de organisatie compleet worden doorgelicht, dan wordt er een goed verkoopverhaal voor beleggers op papier gezet en tot slot peilen de begeleidende zakenbanken de interesse in de markt. Ze vragen dan aan grote groepen potentiële investeerders hoeveel aandelen zij willen kopen en tegen welke prijs.

Bij muziekdienst Spotify, die dinsdagmiddag in New York naar de beurs gaat, verliep die voorbereiding net even anders. Het van oorsprong Zweedse bedrijf deed geen wereldwijde promotietour en opende geen orderboek, waarin geïnteresseerde beleggers een bestelling kunnen plaatsen. Zodra de beurs opent, is het bedrijf opeens genoteerd en kunnen huidige eigenaren hun aandelen verkopen.

Spotify mag dan klaar zijn voor de beurs, volwassen is de muziekdienst nog zeker niet.

Die gang van zaken heet in jargon ook wel een direct listing en is bijzonder ongebruikelijk, zeker bij een miljardenbedrijf zoals Spotify. Bij een traditionele beursgang, een zogeheten initial public offering, wordt aan de hand van interesse vooraf bepaald voor welke prijs een aandeel wordt verkocht. Bij Spotify hebben beleggers die houvast niet: pas gaandeweg het handelen wordt duidelijk wat ‘de markt’ voor het aandeel overheeft.

Minder kosten, meer risico

Dat Spotify kiest voor een onorthodoxe beursgang past bij de cultuur van het bedrijf, zegt Fred van der Stappen, medeoprichter van ILFA, een bureau dat ondernemers adviseert op het gebied van financiering. In de muziekwereld passeerde het bedrijf met zijn streamingdienst de gevestigde orde, de platenlabels en radiostations. Op de beurs doet het bedrijf dat nu dus opnieuw. „Dat getuigt van lef”, vindt Van der Stappen. „Ze zeggen nu: laat de markt maar bepalen wat we waard zijn, of de uitkomst nu zwart of wit is.”

Een belangrijk voordeel van zo’n ongebruikelijke beursgang is dat de kosten aanmerkelijk lager zijn, omdat de ingeschakelde banken simpelweg minder hoeven te doen. Bij een traditionele beursgang kunnen die kosten soms oplopen tot 10 procent van het opgehaalde bedrag, weet Van der Stappen. Volgens Financial Times betaalt Spotify ongeveer 35 miljoen dollar aan vergoedingen. Bij het ongeveer even grote techbedrijf Snap, dat op gebruikelijke wijze naar de beurs ging, was dat pakweg 100 miljoen.

„Dit is best spannend. De vraag is nu of de kostenbesparingen de eventuele nadelen overtreffen.”

Tegelijkertijd is een direct listing ook risicovoller. Bij een traditionele beursgang helpen de begeleidende banken bij het ondersteunen van de koers: zodra die onder een bepaald niveau zakt, kopen ze zelf aandelen in om de prijs stabiel te houden. Dat gebeurde naar verluidt onder meer bij de beursgangen van Facebook in 2012 en die van verzekeraar ASR in 2016.

Beursgang zonder zijwieltjes

Die „zijwieltjes” gebruikt Spotify nu niet, zegt Korstiaan Zandvliet, oprichter van financieringsplatform Symbid. „Dat is dus best spannend. De vraag is nu of de kostenbesparingen de eventuele nadelen overtreffen.” Zandvliet verwacht dat de koers van het aandeel daardoor sterker gaat schommelen dan gebruikelijk.

We hebben alle muziek die je maar kunt bedenken binnen handbereik. Hoe kan het dan dat we steeds weer naar dezelfde nummers luisteren?

Hoe Spotify het die eerste dagen op de beurs afgaat, zal volgens het tweetal met belangstelling worden gevolgd. Zowel Zandvliet als Van der Stappen verwacht dat in de toekomst meer bedrijven een niet-traditionele beursgang zullen overwegen, ook buiten de gevestigde aandelenbeurzen om. „En goed voorbeeld doet volgen”, zegt Van der Stappen.

Toch is zo’n plotselinge beursgang niet voor elk bedrijf even geschikt, merkt de eigenaar van adviesbureau ILFA op. Spotify geniet immers grote bekendheid en heeft een „heel begrijpelijk” verdienmodel, waardoor zo’n uitgebreid voortraject misschien minder nodig is. „Maar voor complexere bedrijven zal de oude manier waarde blijven toevoegen.”