SP weet: aan de koers lag het verlies bij verkiezingen niet

De SP evalueerde zaterdag de verloren gemeenteraadsverkiezingen. „De buurten in moet in ons DNA zitten.”

Lilian Marijnissen van de SP tijdens de uitslagenavond van de gemeenteraadsverkiezingen. Foto Piroschka van de Wouw/ANP

„In Veenendaal is de revolutie nog even vier jaar uitgesteld”. SP’er Jan Breur uit de Utrechtse gemeente zegt het en de mensen in de zaal, ook allemaal lokale SP’ers, moeten hard lachen. Bij de gemeenteraadsverkiezingen anderhalve week geleden ging Breurs partij van 2 naar 1 zetel. Dat past in de landelijke trend: de socialisten gingen van 6,1 naar 4,4 procent, verloren iets meer dan 80 zetels ondanks deelname in meer gemeenten.

Hoe kan dat? Daarover sprak zaterdagmiddag de partijraad van de SP, het tweemaandelijkse overleg van partijbestuur en lokale partijvoorzitters. In elk geval had het volgens de aanwezigen niet te maken met de eind vorig jaar aangetreden nieuwe partijleider Lilian Marijnissen. Vanwege een hersenschudding was zij zaterdag afwezig. „Het gaat niet om de koppen, want die zitten er pas net op”, zegt afgevaardigde Theo Coskun.

Het is de tweede verkiezingsnederlaag op rij, maar er is bij de SP ook feest. Want jazeker, er werd verloren, maar ook gewonnen. Dus is er zaterdag ook gejoel over de uitslag van het referendum over de Inlichtingenwet en over de gaskraan in Groningen die dichtgaat. Ook wordt Leon Verdonschot geïnterviewd over de film die hij maakte over de schoonmakersacties. Tussendoor wordt er gediscussieerd over de gemeenteraadsverkiezingen.

„Definitieve conclusies” komen er nog niet – dat is pas bij de volgende bijeenkomst in juni, kondigt partijvoorzitter Ron Meyer aan. Eerst gaat de partij praten. Met politicologen en andere deskundigen van kiesgedrag. Maar vooral met elkaar, in de lokale afdelingen, de regio’s, en de partijraad zaterdagmiddag.

Lees ook het interview met de afgetreden fractievoorzitter van de SP in Rotterdam Leo de Kleijn: ‘De SP heeft geen smoel rond racisme’

Want waarom verloor de SP?

Genoeg redenen, blijkt als de lokale voorzitters het woord krijgen. Er wordt gewezen op de lage opkomst: daar zou vooral de SP last van hebben, want kiezers uit de (arme) buurten waar de partij wil scoren, blijven het vaakst thuis. Er zijn de lokale partijen, waar landelijke SP-stemmers lokaal veel op zouden stemmen – volgens IPSOS deed 27 procent dat; lokalen kregen 33 procent van alle stemmen. Er is Denk en de PVV, vermeende concurrenten. Er is de landelijke trend, hoewel de partij alweer wat beter peilt dan eind vorig jaar, zegt Meyer.

Maar veel belangrijker is de aanwezigheid op straat, vinden SP’ers. De partij moet „gewoon meer actie voeren”, zegt Paul Grevelt uit Cuijk. „Als we niet op straat staan, dan wordt de rekening heel zwaar”, zegt een vertegenwoordiger van de afdeling Arnhem (van 8 naar 3 zetels). Het afgelopen jaar sprak de partij naar eigen zeggen één miljoen mensen in de buurten. Maar, zegt Nicole Temmink uit Amsterdam (van 6 naar 3 zetels), „treurig dat dit vanuit het landelijk bestuur moest komen, want de buurten in gaan moet uit onszelf komen, dat moet in ons DNA zitten.”

En kijk eens naar de wijken waar de SP wél won, zegt bijvoorbeeld de afdelingsvoorzitter van Zutphen (van 5 naar 4), Nils Muller. „Daar voerden we acties. Dat moeten we dus meer doen.” Dat was ook zo in onder meer het Rotterdamse Wielewaal, Leusden en Doetinchem, zeggen partijleden in één van de twee microfoons. Er wordt voor geklapt.

Waar het minder over gaat, is de ideologische koers van de partij. Die is het probleem van de partij ook niet, zegt Martijn Bax uit het Brabantse Asten tijdens de lunch. „Onze thema’s stáán en sluiten aan bij de zorgen van mensen. Ze herkennen hun buurten niet meer.” Bij hem in Asten is er nu een Pools-Turkse supermarkt, zegt hij. „Had je je dat twintig jaar geleden kunnen voorstellen?”

Hij snapt dat er SP’ers zijn die vinden dat de partij „meer smoel” moet krijgen over thema’s als racisme en duurzaamheid – zoals Rotterdammer Leo de Kleijn vrijdag in NRC zei. „Die onderwerpen zíjn ook belangrijk”, zegt Bax, hoewel hij daar in Asten „weinig van merkt”. „Maar wij bestaan voor de schoonmakers, voor de mensen voor wie werken niet meer loont.”

Eén afgevaardigde zegt dat de SP teveel een „partij van de losers is”. Leuk, „verheffen” als ideaal, maar kijk eens naar hoeveel mensen tegenwoordig een goede opleiding hebben, zegt hij. Hij wil een „socialisme met een andere smoel, met andere thema’s.”

„Nee joh!”, roept Jos Swartjes uit Beuningen, al ruim veertig jaar lid. „Dat is toch geen socialisme meer.” Partijvoorzitter Meyer geeft hem in zijn slotwoord gelijk. „Deze verkiezingen veranderen de partijkoers niet.”