Ouderenpartijen vochten elkaar weer de tent uit

Ruzie, twee interne scheuringen, iets te markante kandidaten en nul zetels. Zo is de deelname van 50Plus aan de gemeenteraadsverkiezingen van Amsterdam samen te vatten. De landelijke ouderenpartij legde het af tegen een afsplitsing die ze zelf had helpen oprichten. De Partij van de Ouderen (PvdO), onder leiding van Wil van Soest, behield haar zetel in de raad. „David tegen Goliath”, aldus Van Soest.

50Plus deed op 21 maart voor het eerst in twintig gemeenten mee aan de verkiezingen. Vier jaar geleden had de partij deelname nog af gehouden, tot ergernis van partijleden die lokaal actief wilden worden. Uit die onvrede ontstonden verschillende plaatselijke initiatieven, waaronder de Partij van de Ouderen. Die haalde in Amsterdam met Van Soest (ex-PvdA, ex-Belangen Partij Noord, ex-Boven Y Partij) in 2014 een zetel.

Het idee was dat de PvdO deze ronde op zou gaan in een nieuw te vormen 50Plus-afdeling, maar het zou geen ouderenpartij zijn als er inmiddels geen ruzie was uitgebroken. Lokale 50Plus-leden wilden niet door met Van Soest (81) als lijsttrekker, waarop zij hen uit de PvdO gooide en zelf verder ging. Haar partij is een stichting zonder ledenorganisatie die wordt gerund door Van Soests zoon, eveneens haar betaalde fractiemedewerker.

Leden die door de breuk met Van Soest hoopten zelf voor 50Plus in de gemeenteraad te kunnen komen werden door de selectiecommissie laag of niet op de kandidatenlijst gezet. Ze liepen woedend weg om de partij Samen op te richten.

Ten slotte kwam tijdens de campagne de uiteindelijke nummer 2 op de 50Plus-lijst Caroline Vonhoff (ex-VVD) in opspraak vanwege tweets die zij had verstuurd. Ze noemde bijvoorbeeld de (Joodse) miljardair George Soros een „jodenjager”.

Het resultaat: PvdO haalde met 7.752 nét de kiesdeler van 7.714 stemmen. 50Plus (4.233) en Samen (1.158) bij lange na niet. De landelijke campagneleider van 50Plus wijt het aan „de ongelukkige selectie van kandidaten”.

    • Emilie van Outeren