Grote brand in Jemen verwoest ‘enorme hoeveelheid’ hulpgoederen

De brand trof enkele loodsen van het Wereldvoedselprogramma van de Verenigde Naties in de havenstad Hodeidah.

Foto Abduljabbar Zeyad

Bij een grote brand in de Jemenistische havenstad Hodeidah zijn zaterdag enkele loodsen van hulporganisaties compleet uitgebrand. Volgens een medewerker van het voedselprogramma van de Verenigde Naties zijn daardoor “enorme hoeveelheden” brandstof, hulpgoederen en voedsel verloren gegaan, schrijft Reuters. Aan die goederen is in het door oorlog getroffen Jemen een groot tekort.

In de loodsen lagen onder meer honderdduizenden matrassen, zo melden havenmedewerkers aan het persbureau. Die waren bedoeld voor de zeker twee miljoen inwoners die door de oorlog hun huis zijn verloren. Onduidelijk is volgens persbureau AP nog hoeveel van de loodsen van het Wereldvoedselprogramma exact zijn uitgebrand.

Na ruim twee jaar oorlog kampt Jemen met de ergste humanitaire crisis van dit moment. Hoe is het zover gekomen?

Aanvankelijk hadden brandweerdiensten grote moeite het vuur onder controle te krijgen, zegt een overheidsfunctionaris tegenover persbureau AP. “Inmiddels hebben we het vuur onder controle en proberen we te voorkomen dat het overslaat naar andere gebouwen, zoals fabrieken, bedrijven en opslagen van andere organisaties.”

Slecht onderhoud

Wat de oorzaak van de brand is, kon de functionaris nog niet zeggen. Het vermoeden bestaat dat de vlammenzee is veroorzaakt door kortsluiting, als gevolg van slecht onderhoud, zegt hij. De haven van Hodeidah is voor het noodlijdende volk van Jemen een belangrijk vervoerscentrum: het grootste deel van voedsel en medicijnen komt via die plek het land binnen.

In Jemen woedt al drie jaar een oorlog tussen de internationaal erkende regering en de shi’itische Houthi-rebellen, die worden gesteund door Iran. Door de constante gevechten heeft het land te kampen met een grote humanitaire crisis. Volgens schattingen van de VN hebben meer dan 22 miljoen Jemenieten hulp nodig. In Jemen wonen ongeveer 27,5 miljoen mensen.

    • Joost Pijpker