Opinie

    • Hugo Camps

Gestolde tijd

The Passion had perfect van de Bijlmer naar de Ronde van Vlaanderen verplaatst kunnen worden. Vlaanderens Mooiste is ook een lijdensverhaal. Dit jaar met de verrijzenis op Paaszondag, waardoor de analogie nog indringender wordt. Zondag verschijnen de mannen aan de finish in hun zondags kostuum, de vrouwen in bloemenjurken, kinderen in witte sokjes en gevlochten haren. Feest! De renners zelf blijven in hun kleffe koerstenue. Beulen van het passieverhaal.

Je kan de Ronde ook vergelijken met de Elfstedentocht, nu dan van heuvelrug naar heuvelrug. Met de Muur, de Oude Kwaremont en de Paterberg als scharnieren van de calvarietocht. Maar ook: kasseien als ornament van de volksziel. Het hele parcours is een blauwdruk van de gebroken Vlaamse volksaard. Het slingert, versmalt, verstuift met draaien en keren en laat beren los op de Bosberg. De Ronde bij slecht weer is een apocalyps.

Waar er op het middaguur nog tijd is voor een paasmenu met twee soorten vlees en brede groentekrans, wordt de idylle vanaf drie uur in quarantaine geplaatst tot de finish van de klassieker. Je hoort alleen nog kreten van vallende renners, de klank van metaal op metaal, een vloek uit de volgwagen. In de uren dat de koers gemaakt wordt, slaat de neutronenbom toe. Rennerskoppen verschillen weinig van elkaar. Je kan Yves Lampaert perfect inruilen voor Sebastian Langeveld. Pas op de lastige kasseistroken met klimpercentages vervelt de mollige menigte van het peloton in identiteiten. Dan krijgen benen gezichten.

Kasseien verdragen geen vlieggewichten. Kinderkoppen, in hun schots en scheve misère, vragen om renners met dikbildijen. Lucifers halen het einde van de Ronde niet. Ze worden weggeblazen door mannen van het robuuste slag: Peter Sagan, Niki Terpstra, Sep Vanmarcke, Greg Van Avermaet, Philippe Gilbert, Alexander Kristoff … Nieuw is dat de veldrijders in aantocht zijn voor de Ronde en Parijs-Roubaix. Wout van Aert voorop, maar ook krachtpatser Mike Teunissen, zoals bleek in de kletsnatte Dwars door Vlaanderen. De Nederlandse crosser is in no time een certitude voor de klassiekers geworden.

De Ronde is sinds jaar en dag de ultieme hoogmis voor koersend Vlaanderen. En daarom een tikje incestueus. Vlaamse stoempers maken er graag een onderlinge ballotage van. Dat lukt niet altijd, want de Waal Philippe Gilbert overklaste vorig jaar nog de hele meute. En Fabian Cancellara wist ook wel hoe je de Oude Kwaremont en de Muur moest opvlammen. Sagan kan alles. Mijn uitgesproken favoriet is evenwel Terpstra. De renner van Quickstep, de ploeg die als een armada door het voorjaar klieft, verkeert in bloedvorm. Nog belangrijker, hij heeft leren socialiseren. Van eikel tot copain, het scheelt in de gunfactor. Terpstra imponeerde reeds in Harelbeke.

Tot het kransje favorieten hoort natuurlijk ook Van Avermaet die nog steeds jaagt op het eerste grote succes in het voorjaar. Het bezorgt hem koude lava in het bloed.

De Ronde is ouderwets van parcours en emotie. Hartslagmeters en andere prullaria doen er niet toe. De Ronde is ook de jubelzang van het platteland. Servais Knaven heeft dat eens mooi gezegd: „Je rijdt langs velden en wegen. Niet dat je gedag zegt tegen de beesten, maar je ziet ze wel staan. Een mooie koe in de wei is als een schilderij – er gaat rust van uit.”

Koeien en kasseien: de Ronde is gestolde tijd.

Hugo Camps is journalist, columnist en schrijver.
    • Hugo Camps