Naar de supermarkt? Eerst even je afval inleveren graag

Afval Veel hoogbouw betekent weinig afvalscheiding, want daar is geen ruimte voor verschillende bakken. Dat kan veel beter, bijvoorbeeld door overal kleinschalige afvalstations neer te zetten.

Foto Robin Utrecht

Met een volle boodschappentas naar de supermarkt lijkt de omgekeerde wereld, maar voor Kors van der Wolf is het juist het gedroomde bedrijfsmodel. Want in die tas zitten een flacon van een wasmiddel dat op is, een paar lege petflessen, verpakkingskarton, de reclamefolders van vorige week, wijnflessen van groen glas, de dop van de mayonaisepot, de mayonaisepot (van helder glas), het blik van de doperwten (extra fijn), gebruikte batterijen, chipszakken – leeg, schoenen die niet meer zo lekker zitten, video’s die in geen enkel apparaat meer passen, een kapotte lamp, een oude zonnebril, plastic krimpfolie dat om de komkommers zat, plastic zakjes, plastic tasjes, plastic, plastic, plastic.

„Kom maar op met die rommel”, zegt Kors van der Wolf (54). Hij is directeur van de Retourette. „Van afval naar grondstof”, staat er op zijn kaartje. En: „Samen naar 65% recycling en meer!” Voor bijna alles waar je van af wilt, heeft hij een bak waar het in kan. Als het maar in je boodschappentas past.

Hij noemt de Retourette een ‘winkel’, maar het is dus een winkel waar je iets brengt. Als je naar de supermarkt gaat, neem je mee wat weg moet: de handig naast de Albert Heijn gelegen Retourette op de Nieuwe Binnenweg is al enige tijd zeven dagen per week geopend van acht uur ’s ochtends tot negen uur ’s avonds.

In de testlocatie aan de Nieuwe Binnenweg komen elke week zo’n 2.500 mensen ongeveer 4.000 kilo aan recyclebaar afval brengen. Ook bedrijven uit de omgeving zorgen voor aanvoer. In zijn elektrische vrachtautootje maakt medewerker Ben de Ruijter rondjes door de straat om het bedrijfsafval op te halen dat op gezette tijden op de stoep wordt gezet.

Een brede gleuf

Een man komt met een tas de Retourette binnen. Hij mikt een paar petflessen in de daartoe bestemde bak, een geplette kartonnen doos in een brede gleuf in de achterwand en hij ritst het plastic van een stapeltje wervende folders. „U kunt een nee-sticker op uw brievenbus plakken”, suggereert Van der Wolf. „Ik weet het”, zegt de man, „maar sommige dingen wil ik wél lezen.” Van de weeromstuit doet hij het plastic in de papierbak en het papier bij het plastic. „Geeft niet, dat sorteren we straks wel”, zegt Van der Wolf.

Uiteindelijk moet Rotterdam 75 Retourettes tellen, een op elke 8.000 Rotterdammers. Altijd een afvalverzamelpunt in de buurt. Van der Wolf, die in Nijenrode bedrijfskunde studeerde, zegt: „De gemeente zamelt jaarlijks zo’n 25.000 ton aan recyclebaar materiaal in. Wat overblijft, is restafval. Ik denk dat we met 75 winkels in staat zijn om daar nog eens minstens 20.000 ton materiaal uit te halen dat na recycling als grondstof kan dienen. Het kost 125 euro per ton om afval te verbranden. Met de 2,5 miljoen euro die je zo bespaart, kunnen de kosten van Retourette worden gedekt.”

Kors van der Wolf praat met de gemeente Rotterdam die streeft naar een circulaire economie. Of Retourette daarin een rol speelt, is niet duidelijk. Van der Wolf heeft een bijdrage van de gemeente nodig om de voorziene 75 Retourettes in te richten en te exploiteren: die zou betaald kunnen worden uit wat de gemeente in de berekening van Van der Wolf bespaart. Of Rotterdam daar oren naar heeft, kan op dit moment, zo vlak na de raadsverkiezingen, niet worden gezegd. „Er moet eerst een nieuw college komen”, zegt de woordvoerster van wethouder Eerdmans die in het demissionaire college onder meer over de buitenruimte gaat.

De Retourette aan de Nieuwe Binnenweg, naast de supermarkt, accepteert allerlei soorten afval.

Circulair is ‘de maatstaf’

Niet dat Rotterdam stilzit op het gebied van afvalverwerking, de stad bulkt van de ambitie. „In Rotterdam willen we dat afval op den duur niet meer bestaat. Dat doen we onder andere door afval goed te scheiden”, zegt de gemeente op haar website. Op 16 maart werd de doelstelling concreet zo geformuleerd: „In 2030 is circulair de maatstaf, we willen 3.500 tot 7.000 nieuwe banen creëren in de sector en in 2050 is de stad volledig circulair. Afval bestaat dan niet meer.”

Nu al staan in de stad containers waarin plastic wordt verzameld. Ook drankverpakkingen (vruchtensap, melk, yoghurt) kunnen in deze containers worden geworpen, net als sinds een jaar conservenblikken, bier- en frisdrankblikjes en aluminium schaaltjes en bakjes.

Maar terwijl Retourette en de gemeente zich hard maken voor scheiding van het huishoudelijk afval, investeert de gemeente ook in na-scheiding, dat wil zeggen: het schiften van plastic en drankverpakkingen uit het restafval, dus uit wat we in de container gooien. De gemeente doet dit in de wetenschap dat de Rotterdammers die in hoogbouw wonen (75 procent) veelal geen ruimte hebben om afval thuis te scheiden. In Rozenburg bouwt het afvalenergiebedrijf AVR een installatie die vanaf komend najaar uit plastic en drankverpakkingen in het restafval grondstoffen wint voor nieuwe verpakkingen, auto-onderdelen, speelgoed en bouwmaterialen. In eerste instantie wordt niet meer dan 2 procent van het Rotterdamse restafval uitgeplozen, maar als in 2019 een tweede afvalscheidingsinstallatie is voltooid volgt de rest.

Voor Kors van der Wolf is het argument dat hoogbouwbewoners weinig ruimte hebben om hun afval gescheiden te bewaren een reden te meer om te pleiten voor meer Retourettes, juist in wijken met flatgebouwen en woontorens. Ook de gemeente benadrukt dat de mogelijkheid om het restafval later nog van plastic en karton te ontdoen, niet betekent dat Rotterdammers maar alles bij elkaar kunnen gooien.

In de Retourette aan de Nieuwe Binnenweg loopt een vrouw binnen met een langgerekt hondje. Ze laat oude kranten en lege flessen in de daartoe bestemde openingen vallen. „Zo, opgeruimd.” Het hondje neemt ze mee. „Kom, Fieb”, zegt ze.