Column

Actrice om niet te vergeten

Stéphane Audran dinsdag op 85-jarige leeftijd overleden – ik las het nieuws een dag later op de site van The New York Times, die haar herdacht in een royale necrologie. Ook de Britse kranten lieten zich niet onbetuigd. Terecht, want zij was een formidabele actrice, een van de grote sterren van de Franse, en dus de Europese, cinema. Onbegrijpelijk daarom dat de Nederlandse media het lieten afweten.

Bij mij maakte het bericht de nodige herinneringen los aan een periode waarin ik de betere speelfilm begon te ontdekken. Het was aan het einde van de jaren zestig, ik werkte in de stad Groningen, waar enkele bioscopen veel goede, buitenlandse films brachten.

Zo kwam ik in aanraking met de films die de Franse regisseur Claude Chabrol in die periode met zijn vrouw Stéphane Audran maakte. Films als Les biches, La Femme infidèle, Le Boucher, Juste avant la nuit. Intense films met veel suspense en erotiek, ik vond ze boeiender dan veel films van Hitchcock, ook omdat Chabrol het drama in herkenbare burgermanskringen durfde te situeren.

In La Femme infidèle laat Chabrol een gerespecteerd man een moord plegen op de minnaar van zijn vrouw, gespeeld door Audran. Zij besluit haar huwelijk te redden en verschaft haar man stilzwijgend een alibi. Aan de oppervlakte kabbelt het leven als een onaanzienlijk stroompje, maar daaronder woeden niet geringe passies. Ik herinner me van die films vooral veel keurige maaltijden waarbij de getrouwde eters elkaar in stilte haten.

In Le Boucher is Audran een uit Parijs afkomstige lerares die in een plattelandsstadje een nogal verlegen slager leert kennen. Ze begint te vermoeden dat hij een moordenaar is.

Audran was een veelzijdige actrice, ze kon zwoele, sensuele vrouwen spelen, maar ook lichte, komische rollen waren aan haar besteed. „Ik houd van uitdagingen, ik spring graag in het onbekende”, zei ze eens.

Chabrol portretteerde haar bij voorkeur als begeerlijke, maar toch ietwat afstandelijke bourgeoisdame die veel troeven in haar mouw hield. Zij was tot hun scheiding in 1980 de muze van Chabrol. Ze had een kort huwelijk met de acteur Jean-Louis Trintignant voordat ze in 1964 met Chabrol trouwde.

Op internet circuleert een filmpje uit 1971 waarop ze in hun huiskamer over film filosoferen, nadat ze – als heuse echtelieden! – eendrachtig hun tuin hebben gefatsoeneerd. Chabrol heeft het hoogste woord, Audran vult aan waar nodig. Mij viel op hoezeer zij vooral een trótse indruk kon maken.

De jaren zeventig zijn aangebroken, hun samenwerking, die 23 films omvat, beleeft de grootste bloeiperiode. Hoeveel films ze daarna ook gemaakt en gespeeld hebben, het niveau van die vroege periode hebben ze, voor zover ik het kan overzien, zelden meer gehaald. Audran, die ook nog met Luis Buñuel werkte, verwierf bij het grote publiek vooral vermaardheid met haar hoofdrol als kokkin- huishoudster in het Denemarken van 1870 in Babette’s Feast uit 1987.

Audran had één kind, zoon Thomas – ook een acteur – uit het huwelijk met Chabrol. Hij maakte bekend dat zijn moeder na een langdurige ziekte thuis was overleden. Chabrol stierf al in 2010. Op dat filmpje uit 1971 zitten ze er nog bij alsof ze het eeuwige leven hebben, en als filmkunstenaars is dat hopelijk ook zo.