Recensie

Ook Eindhoven heeft nu een hippe foodmarkt

vindt het gezellig op de Gourmet Market in Eindhoven; het is kleinschalig en overzichtelijk, en de truffel-teriyakisaus is er best lekker.

Bijzonder

Truffel-pizza, truffel-zalm. Truffel-tournedos. Truffel met patat. Truffel is the name of the game hier op de Down Town Gourmet Market in Eindhoven. Dat is een verzameling eetstalletjes van uiteenlopend pluimage die blijkbaar allemaal tegelijk de truffeltapenade ontdekt hebben. (Voor de duidelijkheid: waar ik truffel zeg, bedoel ik natuurlijk gehakte champignons met truffelolie. En u weet: truffelolie heeft geen ruk met truffel te maken. Stop de tijd. Eén joker.)

De Gourmet Market is zo’n centrale eethal met collectieve zitplaatsen en een cirkel individuele horeca-ondernemers eromheen – voor ieder wat wils, kleine hapjes, goede streetfood, voor een aardig prijsje. Dat concept kennen we uit onder meer Stockholm, Barcelona en Copenhagen. En is eerder al eens slecht nagedaan in Rotterdam en Amsterdam.

De Markthal in Rotterdam zit in een grappig gebouw, maar heeft geen sfeer en een teleurstellend aanbod – het is eigenlijk meer een soort winkelcentrum. In de Amsterdamse Foodhallen kun je beter eten, het bruist ook meer. Alleen, de liefdeloze commercie druipt ervan af en dan is er ook al snel geen lol meer aan.

In Eindhoven is het gezellig. Het is kleinschalig, de boel is te overzien. Eetstalventers kunnen zeggen: waar zit u ongeveer, kom ik het zo brengen. De centrale-barbediening komt zelfs af en toe aan tafel een bestelling opnemen (voor de wijn hoeft u niet te komen, maar ze hebben aardige biertjes – onder andere Urthel van de tap). Het geheel is leuk aangekleed met hangende plantjes. Ze draaien ongegeneerd Aha, George Michael, Guns n’ Roses, Amy Winehouse, The Pointer Sisters en Stevie Wonder door elkaar – clichés zijn niet voor niets clichés, kom maar door.

Het eten is schappelijk geprijsd, voor drie tientjes kun je goed vol zitten. De kwaliteit is helaas wat minder. Ik heb niet alles voor u kunnen proeven – de ijsjes en pannenkoeken heb ik gelaten, evenals de hamburgers, frites en salades. Maar dan nog blijft er genoeg over dus ik rausj er even doorheen met u.

Op de kaart

Op de koelkast van de taco-stand staat ‘life’s to short to eat bad taco’s’. Laten we het daarbij houden. De uitbater van de Spaans-Indonesische Spado-stal heeft van de babi ketjap en rendang een soort soep weten te maken (met stukken aardappel). De gado gado is koelkastkoud.

Dan de categorie ‘niet vies, niets bijzonders’. De Vietnamees maakt een aardige summer roll met garnaal en ei en frituurt garnalen gewikkeld in kip met gepofte rijst eromheen. Ik vermoed dat de pulled pork bij Mr. Meat wordt aangemaakt met ketchup. De kippendijen zijn erg zout, maar lekker crispy. De varkensbuik niet. De Turk is de Turk, altijd steady en het aanbod is aanzienlijk – safe bet.

Wat ik u wel durf aan te raden zijn de mantu’s, Afghaanse dumplings, gevuld met rundergehakt, kip of paddestoelen. Het wonton-achtige vel is een tikje soggy en ze spuiten er veel yoghurt en tomatensaus over. Maar de vulling is smakelijk gekruid. Hetzelfde geldt voor de empanada’s aan de anders kant van de zaal: smakelijk gekruid. En mooi bros, niet te dik deeg.

De beste stal van de Gourmet Market (tevens de grootste) is de C Food Bar. Op de website wordt flink gekoketteerd met verantwoordelijkheid en duurzame vis. Beetje gek dat je dan gekweekte gamba’s uit Vietnam serveert. Maar de geelvintonijn is volgens de visboer lijngevangen bij de Malediven. Daar zit inderdaad een van de weinige MSC-gecertificeerde tonijnvisserijen. Ik heb het certificaat niet gezien, maar over die gamba’s liegen ze ook niet. Dus, hulde.

Ook niet onbelangrijk: het smaakt heel behoorlijk. Te beginnen met de gegrilde sardines – simpel, doeltreffend. De fish and chips zijn van Europese heek (ook duurzaam te krijgen). Het dunne beslagjasje is crispy en bruin, de vis is heet maar niet doorgeslagen en lekker sappig. Hetzelfde geldt voor de cuisson van de à la minute gebakken zalm.

En… ik zou mezelf glashard hebben uitgelachen als ik het niet zelf had geproefd, maar – eerlijk is eerlijk – die truffel-teriyakisaus is best te pruimen.