'We roepen: stop met de gaswinning. Dan gaat het stoppen, en denk je: wat nu eigenlijk?'

Reacties Groningen

Het besluit over het einde van de gaswinning vinden de Groningers „helemaal top”. Een eindeloze onzekerheid is vervangen door een afzienbare onzekerheid.

Ovens, fornuizen en gaskachels – sommige Groningers hebben al afscheid genomen van het gas. Foto’s Daniel Niessen

Misschien weet Klaas Ebels uit Appingedam wel minder dan ooit waar hij aan toe is met zijn huis. De afgelopen maanden wist hij niet anders dan dat het rijtjespand in de wijk Opwierde-Zuid tegen de grond zou gaan omdat het niet bevingsbestendig is. Donderdag bleek dat het plan van minister Eric Wiebes (Economische Zaken, VVD) om de Groningse gaswinning binnen twaalf jaar naar nul te brengen, de hele boel op z’n kop kan zetten.

Wiebes laat instituten als TNO doorrekenen welk effect zijn maatregelen hebben op de enorme versterkingsoperatie die de provincie Groningen treft. Want: bij een gaswinning die minder lang doorgaat, is er een kans dat er minder zware bevingen zullen voorkomen. En misschien hoeft Ebels’ huis – net als dat van vele andere Groningers – dan wel helemaal niet versterkt te worden.

En toch is Ebels niet geïrriteerd over de onduidelijkheid. „Ik was erg verbaasd over de aankondiging, en met mij een heleboel anderen, we hadden niet verwacht dat de winning zo snel zou worden afgebouwd. Ik ben ook erg benieuwd wat er met mijn huis gaat gebeuren. Maar ik vind het besluit alleen maar mooi.”

In Groningen is donderdag een eindeloze onzekerheid vervangen door een afzienbare onzekerheid. Met het historische besluit van het kabinet om een expliciete einddatum voor de gaswinning te noemen, valt voor veel bewoners van de provincie een last van hun schouders. De kritische belangengroep Groninger Gasberaad jubelde bij monde van voorzitter Jan Wigboldus tegen het Dagblad van het Noorden: „Dit is helemaal top, hier zit een blij mens.” In het provinciehuis werd donderdag na een speech van commissaris van de koning René Paas het Groningse volkslied ingezet.

Volgens Wiebes laat de gaswinning in Groningen de afgelopen jaren „een grotere voetafdruk achter” dan maatschappelijk aanvaardbaar is en moet ze daarom stoppen. Hij noemde daarbij expliciet de omvangrijke versterkingsoperatie, die ervoor moet zorgen dat bewoners bij een ‘grote klap’ levend hun huis kunnen verlaten. Tot donderdag was de bedoeling dat de komende jaren onder leiding van Nationaal Coördinator Groningen (NCG) Hans Alders duizenden huizen onder handen genomen zouden worden – soms simpelweg door sloop en herbouw.

Daarmee zouden hele dorpen van aanzicht veranderen – een miljardenoperatie, betaald door de gaswinner de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM).

Steunbalken

In Opwierde-Zuid ontstonden spanningen tussen bewoners toen na berekeningen bleek dat sommigen een heel nieuw huis zouden krijgen, anderen alleen een aantal steunbalken. Het dorp Overschild kreeg te horen dat waarschijnlijk een groot deel van de huizen gesloopt zou worden.

Voor Groningen is misschien wel de belangrijkste conclusie van donderdag dat er nu een kans is dat dát niet meer hoeft. Door Wiebes’ plannen kan de aard van Alders’ klus – waar uit veiligheidsoverwegingen al eerder mee is begonnen – nu definitief worden vastgesteld. In zijn Kamerbrief en persconferentie liet de minister duidelijk merken te hopen op een minder omvangrijke versterkingsoperatie, eentje die er vooral is ter „overbrugging”, tot het einde van de gaswinning.

„Groningen moet Groningen blijven”, bezwoer Wiebes meerdere keren. En: „[de] versterkingsoperatie heeft de afgelopen jaren zeer veel gevraagd van de Groningers”.

De kans op een bescheidener operatie speelde volgens Wiebes zelfs expliciet mee bij de keuze om de gaswinning verder af te bouwen dan de door het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) gewenste 12 miljard kuub per jaar; bij dat niveau zou de tot nu toe flink vertraagde versterkingsaanpak nog erg lang duren. „Het kabinet durft niet te vertrouwen op een kwantumversnelling van deze operatie.”

Voorwaarde daarvoor is een nieuwe, gunstiger versterkingsnorm: eentje waarbij door een lagere gaswinning en een lagere kans op bevingen minder huizen versterkt hoeven te worden. Wiebes heeft TNO, het SodM, NEN, en het KNMI donderdag gevraagd om aan de hand van zijn besluit zo’n norm te ontwikkelen. Tegen de zomer moet duidelijk zijn wat de norm wordt, daarna gaat Wiebes in gesprek met de regio over welke ingrepen nodig zijn.

Daarmee krijgen belangengroepen het Groninger Gasberaad en de Groninger Bodembeweging alsnog een beetje gelijk. Zij pleitten eind 2017 al, tevergeefs, voor een herijking van de plannen van Alders, die volgens hen te zeer zouden ingrijpen in gemeenschappen en dorpsgezichten. Er kon beter minder gas gewonnen worden. „Naar verwachting hoeft er in dat geval veel minder versterkt te worden”, stelde de Bodembeweging. Dat er sowieso nog maar weinig van de versterking van de grond is gekomen, zou in dit geval bijna een geluk bij een ongeluk zijn.

Klaas Ebels gaat de komende tijd nog eens rustig nadenken over wat er donderdag nu precies gebeurd is. Ergens verwacht hij wel dat zijn huis gewoon nog gesloopt zal worden – er zijn al zo veel voorbereidingen getroffen. „We hebben zaterdag nog een bijeenkomst gehad met de woningcorporatie. Die waren toch echt al wel in een vergevorderd stadium. Maar ik weet het niet. We roepen allemaal: stop met de gaswinning. En dan gaat het stoppen, en dan denk je opeens: wat nu eigenlijk?”

Correctie (12-04-2018): in een eerdere versie van dit stuk stond dat Jan Wigboldus voorzitter was van de Groninger Bodembeweging. Hij is voorzitter van het Gasberaad. Ook stond er een zin over het dorpje Oudeschild. Dat moet Overschild zijn.