Van wie kwam toch die éne stem?

Stemmen

Je bent kandidaat-raadslid – voor het algemeen belang of voor de partij. En dan krijg je één stem. Teleurstellend, soms reden tot vreugde.

Stemmen bij de jongste verkiezingen voor de gemeenteraad. Het electoraat mag verdeeld zijn, ook de kandidaat die slechts één stem krijgt wil het algemeen belang dienen. Foto Robin Utrecht/ANP

Op een verkiesbare plek hoefde Peter van der Tol niet te rekenen. Hij kreeg plaats achttien op de VVD-lijst in Deurne toebedeeld. Maar verkiesbaar hoefde voor hem ook niet. De 68-jarige familieman is liefhebber van puzzelen en, sinds kort, van biljarten en heeft genoeg bestuursfuncties. Maar áls hij met voorkeurstemmen in de raad zou worden gekozen, sprak hij met zijn vrouw af, dan gíng hij ook.

Peter van der Tol (68) stond op nummer 18 van de kieslijst van de VVD in Deurne.

Hij kreeg één stem. In totaal. „Niet overdreven veel, nee.”

Bijna elke gemeente telt wel een kandidaat ergens op een partijlijst die bij de gemeenteraadsverkiezingen één stem bemachtigde. Nog altijd beter dan nul, die er ook best zijn. Maar groot kun je het mandaat niet noemen. En de verdenking dat hij ‘vast op zichzelf heeft gestemd’ drukt zwaar op de kandidaat-met-één-stem. Want éígenlijk hoor je je eigen stem aan een ander te gunnen.

„Ik heb meteen aan het comité laten weten dat ik het écht niet zelf ben geweest”, zegt Bert van Rijswijk, nummer 23 op de lijst van PvdA-GroenLinks in Voorst – eveneens één stem. Op jezelf stemmen voelt voor hem „een beetje Erdogan-achtig”. En ook Peter van der Tol was het niet zelf, zegt hij. „En mijn vrouw ook niet.” Wie dan wel? „Tja, de stille minnares misschien?”

Een kleine rondgang langs kandidaat-raadsleden met één stem leert dat ze deel uitmaken van een kleurrijk gezelschap. Goed, het aandeel mannen van middelbare leeftijd met bijbehorende namen (Bert, Jan) lijkt wat oververtegenwoordigd. Maar ook een 20-jarige actieveling op Instagram, in Olst-Wijhe, en een stoere landmachtkorporaal in Raalte behoren tot de club.

Hij kon niet weigeren

De oudste – 90 jaar – is vermoedelijk Simon van Beurden, nummer 32 op de kieslijst voor het CDA in Sint-Michielsgestel. „Als je haar maar een beetje goed zit”, is een van zijn motto’s. Hij was twee periodes voorzitter van de partij toen het CDA in een dip zat. „In de tijd van Verhagen, of hoe heet die vogel.” Langzaam groeide de partij en toen die laatst Van Beurden vroeg of hij voor de verkiezingen op de lijst wilde staan, kon hij niet weigeren. „Wie ben ík?”

Simon van Beurden (90) stond op nummer 32 van de kieslijst van het CDA in Sint-Michielsgestel.

Er volgde een fotosessie met alle partijleden en Van Beurden kreeg vijftig flyers met zijn eigen beeltenis mee. Maar uitdelen bij de Rotary, weet hij, heeft weinig zin. „Al die ouderen daar zijn al gesetteld in hun mening.” Dus werd ’t op zijn koor, en op het pleintje voor zijn huis. Hij belde aan en zei „Joh, ik heb even een cadeautje voor u.” Hij gaf zijn folder en mensen reageerden met „oh, wat aardig”. En zo kwam hij ook bij een vrouw met twee kinderen terecht, die hem op de fiets altijd zo vriendelijk groet. Misschien, denkt hij, heeft zij op hem gestemd.

„Ik ben nog op zoek naar wie het is”, zegt Jan Pieter Vorsteveld, nummer 26 op de lijst van de PvdA in Tilburg. De 65-jarige Vorsteveld is actief bij de waterschappen en lokaal voorzitter van de partij. Hij heeft rozen uitgedeeld en mensen gesproken op straat. En bij de bridge had hij best wat stemmen kunnen ronselen, maar liever bewaart hij die voor de aankomende waterschappen. Een vrouw heeft Vorsteveld niet meer en ook zijn dochter heeft niet op hem gestemd. „Ze neemt haar besluiten zelfstandig, ik zie dat als iets positiefs.”

Belangrijker vindt hij dat zijn partij in twee collegeperiodes is gekelderd van elf naar vijf naar twee zetels in de raad. Wát een teleurstelling. Hoe ’t komt? „Vertel het me maar.” Hij heeft er met de partij vrijdagavond direct over gesproken. En morgen weer. Vooral over hoe het verder moet, want met zo’n kleine fractie wordt alle dossiers bijhouden lastig. „We zullen een steeds groter beroep moeten doen op vrijwilligers.”

‘Ik doe het niet voor mezelf’

De kandidaat-met-één-stem heeft vaak een prima verklaring voor het gebrek aan mandaat. „Ik ben lijstduwer, ik doe het niet voor mezelf”, is de meest gehoorde. Voor VVD-kandidaat Peter van der Tol geldt dat hij ‘van buitenaf’ is komen wonen in een klein dorp, Liessel. „Ik woon er pas twintig jaar. En zonder familie die hier is geboren. Dan blijft je toch altijd ‘die meneer’.”

De 85-jarige Bert van Rijswijk „hobbelt zo’n beetje mee” in zijn partij. Hij is slecht ter been en heeft alleen achter zijn eigen raam een biljet kunnen plakken. Hij is blij dat hij niet gekozen is. „Dan had ik in het donker naar die vergaderingen gemoeten.”

Carin Schrader, nummer 23 op de lijst voor GroenLinks in Zutphen, moest plotseling verhuizen en was dáár al haar tijd en energie aan kwijt. En Jetty Stelling, tiende op de lijst voor D66 in Zutphen, verloor onlangs haar beide ouders. „Die hele ratrace van de verkiezingen kon ik er niet bij hebben.”

Carin Schrader (55) stond op nummer 23 van de kieslijst van GroenLinks in Zutphen. Foto’s Merlin Daleman

Voor beiden was het de eerste keer dat ze meededen. Schrader, 55 jaar, is thuishulp, voorheen therapeut, en wil een steentje bijdragen aan de maatschappij. Ze is nu fractiesecretaris en die rol past haar misschien wel beter dan die van raadslid. „Ik ben afwachtend, analyserend, dienend, zo steek ik in elkaar. Maar als je in de raad zit, moet je assertief zijn, mensen in de hoek praten. Daar kom ik nu wel achter. Dat kan ik niet. Nóg niet.”

Jetty Stelling, 58 jaar, is blij verrast. „Dus ik heb gewoon een stém gekregen?” Ze voelt zich steeds meer verbonden met Eemnes, het dorp waar ze ooit naartoe verhuisde. Ze dacht ‘laat ik eens buiten de gebaande paden gaan’ en meldde zich als kandidaat bij D66. „Ik heb ook wel wat stokpaardjes. Duurzaamheid, vrouwenemancipatie. Maar ik ben óók nog een beetje zoekend. Gemeentepolitiek blijkt vooral heel praktisch. Wat te doen met de gevaarlijke kruising? De zonnepanelen op het landje van de boer?”

Aan idealisme ontbreekt het de kandidaat-met-één-stem niet. Neem de 90-jarige Van Beurden, die op zijn eigen CDA-flyer drie statements mocht plaatsen. Punt één: versnelde woningbouw. Twee: eenzaamheid. Punt drie: het boerenbestaan. „Mensen, laat je niet misleiden door die milieufreaks!”

Het algemeen belang

Pijler van Bert van Rijswijk (PvdA-GroenLinks) is kleinschaligheid. „Ik werkte jarenlang als vrijwilliger bij de molenaar. Maar ik ben vertrokken toen de stichting tot behoud van de molens begon over omzetverhoging. Al het geld in de samenleving gaat naar dure salarissen voor een paar mensen in de top. Daar heeft helemaal níémand wat aan.”

Het algemeen belang staat ook voor Jan Pieter Vorsteveld bovenaan. En juist dát belang staat in het lokaal versnipperde politieke landschap zo onder druk, vindt de Tilburgse PvdA-voorzitter. „Mijn partij wil verbindend zijn, maar het electoraat splitst zich op. Het is uiteengevallen in groepen die allemaal kiezen voor een deelbelang. In Tilburg heb je nu zelfs een partij die opkomt voor het belang van één wijk. Ze wil beter onderhoud. Ten koste van andere wijken.”

Heeft Vorsteveld dan geen énkel idee wie er op hem heeft gestemd? „Ik vermoed een goeie kameraad, iemand binnen de partij.”

Jetty Stelling: „Mijn dochter was ziek, dus die niet. De buurman misschien?”

Peter van der Tol: „Ik had een afspraak met iemand van de partij: als ik op jou stem, stem jij op mij. Daar heeft-ie zich aan gehouden.”

Carin Schrader: „Ik heb op mezelf gestemd. Ik zag mezelf op die lijst staan en dacht: ik wil het toch één keer hebben gedaan. Ja zeg, het kón.”

    • Freek Schravesande