Opinie

Uiteindelijk zal Erdogan een deal met Assad sluiten

Erdogans buitenlandbeleid is een mix van islamitisch activisme en agressief nationalisme. Maar bij hevige oorlog is hij niet gediend. Behoud van presidentschap is zijn motief, meent .

Turkse soldaten na verovering Syrische regio Afrin. Foto Aref Tammawi / EPA

Operatie Olijftak is vanuit Turks perspectief tot nu toe voorspoedig verlopen. Binnen twee maanden werd de Syrische regio Afrin veroverd zonder al te veel slachtoffers bij het Turkse leger of de door Turkije gesteunde Syrische rebellen. De vraag is wat er nu gaat gebeuren. Wat wil de Turkse president Erdogan precies bereiken in Syrië?

De Turkse interventie in Noord-Syrië wordt op dit moment gesteund door een meerderheid van de Turken. Dat geldt niet alleen voor de aanhangers van Erdogans regerende AKP en voor de achterban van de nationalistische oppositiepartij MHP. Ook een behoorlijk deel van de grootste oppositiepartij, de CHP, kan zich vinden in de poging om middels een militaire operatie de Koerdische strijders van de YPG zo ver mogelijk weg te jagen van de Turks-Syrische grens.

Dat heeft alles te maken met de in Turkije breed gedragen opvatting dat de Syrische YPG een verlengstuk is van de Turkse PKK, een terroristische organisatie waartegen de Turkse staat al meer dan dertig jaar strijdt. Ook veruit de meeste niet-Turkse deskundigen zijn het er overigens mee eens dat een dergelijke sterke band bestaat tussen de YPG en de PKK.

Het eeuwige slachtoffer

Het is dan ook geen verrassing dat Erdogan bij zijn publieke optredens steun zoekt voor de Turkse invasie in Noord-Syrië door te appelleren aan de angst dat een sterke YPG-aanwezigheid langs de Turks-Syrische grens zou betekenen dat Turkije uiterst kwetsbaar wordt voor PKK-aanvallen vanuit Syrië – zoals dat al jaren vanuit Irak gebeurt.

Erdogan doet er echter alles aan om de steun voor Operatie Olijftak niet alleen te baseren op anti-PKK sentimenten. De huidige militaire operaties passen ook perfect in het streven van de Turkse president om Turkije te presenteren als het eeuwige slachtoffer van perfide pogingen van buitenlandse machten en hun binnenlandse handlangers om Turkije kwaad te berokkenen.

Lees ook: Erdogans ‘historische triomf’ bij Afrin baart buitenland zorgen

Zo vergeleek hij afgelopen week bij een herdenking de legendarische Turkse overwinning in 1915 op de Britse en Franse marine bij Çanakkale met het succes in Afrin. Toen en nu moest Turkije zich te weer stellen tegen “terreurgolven”. In 1915 stond de onafhankelijkheid van Turkije op het spel en dat is volgens Erdogan nu weer het geval.

Die vergelijking met het roemruchte verleden is sinds de mislukte coup van juli 2016 een vast onderdeel van Erdogans toespraken. Daarin verbindt hij agressief Turks nationalisme steeds vaker met islamitische begrippen als „heilige oorlog” en „jihad”. Het is een uitgekiende ideologische mix die ervoor moet zorgen dat de brede steun onder conservatieve en nationalistische Turken voor militaire acties zo lang mogelijk in stand blijft en afstraalt op de, in Turkse ogen, onbuigzame leider van het bedreigde land. Want voor Erdogan staat alles wat hij zegt en doet in dienst van één ambitie: het winnen van de presidentsverkiezingen in 2019.

Een volger van Poetin

Dat hoeft echter helemaal niet te beteken dat Turkije na Afrin zonder aarzelen verder Syrië in zal trekken zoals Erdogan nu beweert. Hij weet dat Operatie Olijftak alleen mogelijk was omdat Rusland het groene licht gaf en Turkse vliegtuigen toeliet in het door Moskou beheerste luchtruim boven Afrin. Erdogan beseft ook dat voor Poetin alle militaire manoeuvres tot doel hebben het aan de macht houden van de Syrische president Assad. Dat betekent dat een blijvende bezetting door Turkije van grote delen van Syrië onwenselijk is.

Het lijkt er veel meer op dat Poetin zowel Turkije als de YPG uiteindelijk wil dwingen zaken te doen met Assad. De Syrische Koerden weten dat ze alleen met Damascus afspraken kunnen maken over een beperkte vorm van autonomie in het Noord-Oosten van Syrië waar Koerden de meerderheid vormen. Andere delen van Syrië die nu nog door de YPG beheerst worden zoals de streek rond Manbij zullen daarom opgegeven moeten worden.

De enige manier

Erdogan beseft drommels goed dat het sluiten van een deal met Assad de enige manier is om de YPG blijvend weg te houden van de Turks-Syrische grens. Daarom zal Turkije bereid zijn de nu veroverde gebieden op termijn over te dragen aan de Syrische regering in ruil voor Syrische troepen aan de Turks-Syrische grens.

Die uitruil van belangen tussen Turkije, de Syrische Koerden en Assad kan nog wel even op zich laten wachten. In de tussentijd zullen we nog veel oorlogszuchtige retoriek van Erdogan horen. Maar ruim vóór de verkiezingen zal hij een overwinning willen claimen en dat kan alleen na een akkoord met Assad. Een langdurige Turkse aanwezigheid in Syrië of een jarenlange oorlog met de YPG passen niet in dat scenario.