Grapperhaus: Imam lastig te vervolgen om uitspraken over Aboutaleb

Imam Fawaz Jneid, die de Rotterdamse burgemeester Aboutaleb „een afvallige” en „vijand van de islam” noemde, bleef net binnen de grenzen van de wet.

Hoe rechtstatelijk kun je zijn in het bestrijden van gevaren voor de rechtstaat? Met die vraag worstelde de Tweede Kamer dinsdag. Tijdens het wekelijkse Vragenuur debatteerde de Kamer, op initiatief van de PvdA, over de uitspraken van imam Fawaz Jneid. Hij had de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb een „afvallige” en een „vijand van de islam” genoemd.

Walgelijk, vond minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie, CDA). Maar níét strafbaar. Volgens de minister gaat Jneid met zijn uitspraken „langs de grens van de wet”, maar gaat hij er bewust net niet overheen. Dat maakt het volgens Grapperhaus lastig Jneid te vervolgen: hij blijft „net binnen de grenzen van de vrijheid van meningsuiting”.

Natuurlijk, erkende Grapperhaus: de wet kan aangepast worden om het „haatzaaien” van Jneid wel strafbaar te maken. Maar gevolg daarvan is volgens hem dat de vrije meningsuiting „beperkt” wordt. Ook mensen die minder heftige uitspraken doen zouden daardoor strafbaar kunnen zijn, hield Grapperhaus de Kamer voor.

De Tweede Kamer zag daarom een machteloze minister die Jneid wel aan wíl pakken, maar er niet de mogelijkheden voor denkt te hebben. Zoals ook Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding Dick Schoof maandagavond bij Nieuwsuur gefrustreerde was dat Jneid de wettelijke grens net niet over gegaan was.

Of kan de minister toch meer doen? Kamerleden denken van wel. SGP’er Kees van der Staaij vroeg zich af of een „digitaal gebiedsverbod” mogelijk is - een verwijzing naar het gebiedsverbod dat Jneid sinds augustus vorig jaar heeft voor enkele Haagse wijken. Grapperhaus ziet daar weinig in: Jneid kan ook buiten Nederland „zijn webcam aanzetten” en zijn volgelingen bereiken. Kamerleden van de VVD, PVV en Forum voor Democratie denken dat de uitspraken van Jneid wel strafbaar zijn, en willen dat de rechter ze gaat toetsen.

Binnenkort debatteert de Tweede Kamer uitgebreider over de kwestie. Buiten de plenaire zaal, voor tv-camera’s en journalisten, leek Grapperhaus later op de middag alsnog op een mogelijke wetswijziging te hinten om Jneid te kunnen vervolgen. „Maar we zullen dan wel iets van onze vrijheid inleveren.”