Opinie

    • Menno Tamminga

De bankencrisis op herhaling: Facebook

Arme Mark Zuckerberg. Hij verloor afgelopen week meer dan 10 miljard dollar als gevolg van de koersval van zijn Facebook-aandelen. Als oprichter is hij nog steeds de grootste eigenaar met ongeveer 16 procent van alle aandelen. Zijn vermogen, dat bijna helemaal uit Facebook-aandelen bestaat, was maandag aan het begin van de handel 65 miljard dollar, blijkt uit de ranglijst van persbureau Bloomberg. Armoede staat niet voor de deur.

Zuckerbergs vermogensverlies volgt op het vertrouwensverlies na het uitbreken van een datadiefstal-affaire ruim een week geleden. De Facebook-profielen van misschien wel 50 miljoen Amerikanen blijken in handen te zijn gekomen van de firma Cambridge Analytica, die de informatie gebruikte in de verkiezingscampagne van Donald Trump. Het duurde vijf dagen voordat Zuckerberg op het datalek en het vertrouwensverlies reageerde. Facebook bleek al twee jaar te hebben geweten van het lek, maar dreigde de Britse Observer en de New York Times die het lek onthulden met rechtszaken.

Afgelopen zondag adverteerde Facebook in verschillende Britse en Amerikaanse kranten met excuses. Een lichte buiging van de koning van de digitale media voor de koningin der aarde, de papieren media?

Het vertrouwen van gebruikers en klanten is het cruciale bezit van bedrijven, zou je zeggen. Misschien nog wel waardevoller dan algoritmes en andere geavanceerde software. Want wat is dat nog waard als je (potentiële) klanten en adverteerders je niet vertrouwen?

Dat maakt zo’n Facebook-crisis en de ogenschijnlijke verlamming aan de top zo fascinerend en onbegrijpelijk tegelijk. Is het de Silicon Valley cultuur van ondernemen in een snelkookpan: risico’s nemen, technologische grenzen verleggen, kapitalen verdienen? De agressieve strategie die taxidienst Uber eerder in een bestuurscrisis stortte? Of zo snel gegroeid dat het topkader de interne controle kwijt is.

Lees ook: Deze crisis kan Facebook verwoesten

Maar het probleem kan ook nog wel dieper zitten. Overmoed dat men er toch wel mee weg komt. Een datalek van deze proporties onder de pet houden klinkt als het soort van beleid dat op korte termijn rationeel lijkt. We hebben het lek te pakken. Wat niet weet dat niet deert. Bedrijf en aandelenkoers hebben er geen last van.

Maar dan explodeert de snelkookpan alsnog. Dankzij een klokkenluider. De kortetermijnpolitiek is irrationeel gedrag geweest. Economische modellen en beleidsmaker veronderstellen rationeel gedrag bij consumenten en managers, maar die veronderstelling heeft z’n beperkingen, blijkt nogal eens. Welk bedrijf voert nu een beleid dat leidt tot alarmerend en alles ondermijnend vertrouwensverlies?

In dat opzicht doen Facebook en de reactie van Zuckerberg denken aan de Amerikaanse banken vóór de kredietcrisis van 2008. Ook banken zijn afhankelijk van het vertrouwen van klanten. Van hun spaarders. Maar banken bleken niet zo rationeel, moest Alan Greenspan, de voorzitter van het stelsel van Amerikaanse centrale banken, achteraf tot zijn verbijstering erkennen. Hij was een liberale kampioen in een liberale era. Hij was er van uitgegaan dat bankdirecteuren hun eigen belang zouden nastreven en dus hun aandeelhouders en het kapitaal van hun instellingen zouden bewaken. Dat extra regels om hen in toom te houden onnodig waren. Het bleek anders. De overheid moest de banken redden. Toch extra regels.

Dat staat Facebook nu ook te wachten. Politiek rumoer. Hoorzittingen. Onderzoeken. Blaffende privacy waakhonden die ook kunnen bijten. Nieuwe regels, extra controles. Minder bewegingsvrijheid. Weg status als beurskampioen.

Menno Tamminga schrijft op deze plaats elke dinsdag over ondernemingsbeleid en economie.
    • Menno Tamminga