NRC checkt: ‘Houtstook veroorzaakt 1 tot 2 procent fijnstof in de lucht’

Aldus Klaas Klunder van Stichting Haarden- en Kachelbranche bij Hart van Nederland.

De aanleiding

Aan het einde van de winter was er weer discussie over overlast door rook uit houtkachels en -haarden. Klaas Klunder van de Stichting Nederlandse Haarden- en Kachelbranche (NHK) pleitte in Hart van Nederland op 13 maart voor een keurmerk voor houtkachels om uitstoot te verminderen. „We praten over 1 tot 2 procent van de totale uitstoot van fijnstof in Nederland, volgens de Gezondheidsraad”, zei hij. We checken deze uitspraak.

Waar is het op gebaseerd?

De NHK verwijst naar cijfers in het rapport Gezondheidswinst door schonere lucht dat de Gezondheidsraad in januari uitbracht. Daarin staat inderdaad een grafiek waarin staat dat de verwarming van woningen en gebouwen door houtkachels gemiddeld verantwoordelijk is voor 1 tot 2 procent van de fijnstof (PM 2,5) in de lucht boven Nederland. PM 2,5 is een categorie fijnstof die de meeste gezondheidsproblemen veroorzaakt.

En, klopt het?

De grafiek in het rapport van de Gezondheidsraad is gebaseerd op een rekenmodel voor de inschatting van de herkomst van fijnstofconcentraties boven Nederland. Dat model werd in 2013 ontwikkeld en beschreven door wetenschappers van TNO. Fijnstofdeeltjes ontstaan voor een groot deel door chemische reacties in de atmosfeer. Daarom levert directe meting van de fijnstofconcentratie niet meteen een betrouwbare schatting op van de uitstoot van een bepaalde bron. Daarvoor is brontoerekening noodzakelijk, waarbij rekening wordt gehouden met de atmosferische verspreiding en de chemische reacties die leiden tot het ontstaan van fijnstof. De berekende concentraties fijnstof liggen echter systematisch lager dan de gemeten concentraties. In het TNO-model kan 37,3 procent van de gemeten fijnstof niet toegewezen worden aan een bron.

Die onzekerheid is vooral groot voor de uitstoot van houtverbranding, schrijft de Gezondheidsraad in een achtergrondstuk bij het rapport. „De emissies van houtstook kunnen een factor 3 tot 5 hoger liggen, wanneer nieuwe inzichten rond de deeltjesvorming door condensatie van vluchtige organische stoffen worden meegenomen.” Daarover is nog academische discussie, maar het geeft aan dat de fijnstofbelasting van houtstook flink hoger kan uitvallen.

Dat beeld wordt bevestigd door de Emissieregistratie van het RIVM. Volgens deze registratie bedroeg de totale uitstoot aan PM 2,5 fijnstof in 2015 16.530.000 kilo. De bijdrage van sfeerhaarden schat men hier in op 1.871.000 kilo. Samen met vuurhaarden die gebruikt worden als hoofdverwarming in het huis (75.170 kilo fijnstof) is de houtstook dus verantwoordelijk voor bijna 12 procent van het fijnstof in de lucht. Deze cijfers gaan alleen over de uitstoot van eigen bodem; de eerder aangehaalde grafiek van de Gezondheidsraad bevat ook de buitenlandse import van fijnstof (42,3 procent). Dit grote deel doet de relatieve bijdrage van houtstook aan de nationale fijnstofbalans een stuk kleiner lijken.

In landelijke jaargemiddelden gaat ook het effect van lokale overlast verloren, terwijl dat juist bij houtstook belangrijk is. Dicht in de buurt van een rokende schoorsteen liggen de fijnstofwaarden (veel) hoger.

Conclusie

De exacte omvang van de uitstoot van fijnstof door verbranding van hout is lastig vast te stellen. Er zit een grote onzekerheid in door weersomstandigheden, variatie in de kwaliteit van het gestookte hout, het soort kachels en de intensiteit van het gebruik ervan. De bijdrage van 1,2 procent die de Gezondheidsraad noemde is waarschijnlijk een onderschatting van de daadwerkelijke uitstoot. Daarom beoordelen wij de uitspraak van de NHK als niet te checken .

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt
    • Sander Voormolen