Brieven

‘Nora Spreekt’ is ongeloofwaardig en belerend

Eerder deze maand werd het tendentieuze ‘Nora Spreekt’ gelanceerd (‘Nora’ wil op sociale media ‘islamofobie’ tegengaan, 6/3). ‘Nora’ bleek te zijn opgezet door Enis Odaci, eindredacteur van de website Nieuw Wij. Een man die zich verschuilt achter een fictieve moslima en op sociale media ‘islamofobe uitspraken’ aan de kaak stelt. Ik was met stomheid geslagen. Stichting Democratie en Media dacht er anders over en verstrekte subsidie aan deze mansplainer.

Vrouwen van kleur, moslim of niet, kunnen voor zichzelf spreken. Ze hoeven niet gered te worden door een man die pretendeert islamofobie aan te kaarten en anderen op te voeden tot tolerante, multiculturele burgers, maar ondertussen door zijn werkwijze de polarisatie juist in de hand werkt. De moslimvrouwen die ik ken zijn niet gevormd door mannen, noch hebben zij baat bij een mannelijke spreker die nauwelijks kritiek kan incasseren, maar wel namens hén allemaal de discussie over polarisatie en islamofobie voert.

Odaci gaf in de Volkskrant toe dat hij niet eens de moeite neemt een krant volledig te lezen, maar wel al cherrypickend stukken over islam en de angst daarvoor belicht. Natuurlijk zie je louter het negatieve als je alleen de stukken leest die jij stigmatiserend vindt. Zo negeer je de verhalen die er óók zijn en juist voor verbinding zorgen. Etnische profilering en islamofobie worden extra onderstreept door deze aanpak.

Project Nora is ongeloofwaardig en vormt juist uitstekende oorlogsbuit voor islamhaters. Bovendien zijn er tegenwoordig voldoende goedgebekte, intellectuele vrouwen van kleur met authentieke ideeën. Vrouwen die niet zitten te wachten op een belerende man die over de ruggen van moslimvrouwen subsidie ontvangt. Dat de subsidie niet naar de zichtbare vrouwen zelf gaat, is bedroevend.


journalist