Syrische leger heeft bijna geheel Oost-Ghouta in handen

Militanten van twee rebellengroepen zijn geëvacueerd naar Idlib. Alleen de stad Douma is nog in handen van de salafistische beweging Jaish al-Islam.

Burgers op de vlucht uit rebellenenclave Oost-Ghouta, Foto EPA via Syrische persagentschap Sana.

Het einde is in zicht voor de rebellen in Oost-Ghouta. Twee belangrijke rebellengroepen zijn na onderhandelingen met Rusland akkoord gegaan met een evacuatie naar de noordelijke provincie Idlib. Hierdoor is ongeveer 70 procent van het gebied nu in handen is van het Syrische leger, meldt de BBC.

Het gebied op slechts 10 kilometer afstand van hoofdstad Damascus is sinds 2011 in handen van tegenstanders van de Syrische president Bashar al-Assad en staat bekend als een van de belangrijkste verzetshaarden van het land.

Lees ook: Pas als Oost-Ghouta valt, komt er misschien hulp

Andere rebellenbeweging onderhandelt ook met Rusland

Alleen de salafistische groepering Jaish al-Islam (Leger van de Islam) is nog aanwezig in het gebied. Zij hebben de macht over Douma, een voorstad van Damascus met ongeveer 150.000 inwoners. Ook deze radicale rebellenbeweging onderhandelt met het Russische leger over evacuatie.

De naar schatting achtduizend militanten van Jaish al-Islam willen alleen niet naar de provincie Idlib omdat zij geen goede verhoudingen hebben met radicale groeperingen die daar aan de macht zijn, meldt Al Jazeera. Idlib is de enige provincie in Syrië die nog geheel in handen is van tegenstanders van president Assad.

Militaire tactiek Syrië en Rusland lijkt te werken

Het rebellengebied Oost-Ghouta werd in de afgelopen weken aanhoudend gebombardeerd door Syrië en Rusland. Honderdduizenden burgers moesten schuilen in kelders, scholen en klinieken om te ontkomen aan het geweld. Er vielen zeker vijftienhonderd burgerdoden en meer dan vierduizend gewonden.

Een resolutie van de VN-Veiligheidsraad met de oproep tot een staakt-het-vuren, had weinig effect in Oost-Ghouta. Het enige verschil was dat hulpverleners van het Internationale Rode Kruis op beperkte tijden toestemming kregen om het rebellengebied te bezoeken en voedsel, water en medicijnen uit te delen.

Lees ook: ‘Ze gaan net zolang bombarderen tot mensen het opgeven’

De Syrische en Russische legers volgden een beproefde militaire tacktiek in Oost-Ghouta. Net als tijdens de strijd om Oost-Aleppo zorgden de talloze luchtaanvallen ervoor dat rebellen te verzwakt raakten om het gehele gebied te beheersen. Daardoor kon het leger van president Assad de rebellenenclave in drie stukken hakken en de rebellen dwingen tot onderhandelen.

    • Huib de Zeeuw