Opinie

    • Wilfried de Jong

Het fallussymbool in de pits

De mannetjes in hun overalls kunnen op verjaardagen trots over hun beroep vertellen: ze zijn monteur in de Formule 1 en werken samen met Max of Kimi. De mannetjes houden van sleutelen. Ze snappen de romantiek van een garagemuur vol sleutels, keurig in volgorde van grootte en omrand met een dikke viltstift.

Een bolide moet net zo exact lopen als een uurwerk in handen van een horlogemaker. In de trainingen zoeken de mannetjes naar de juiste afstelling. Tijdens de race is de pitstop hun zenuwenklus, in een paar seconden moeten er vier banden gewisseld worden.

Het belangrijkste wapen is een wheel gun.

Het ding lijkt op een zware boormachine met een duimdikke kabel eraan. Maakt meer dan 10.000 toeren. Het fallussymbool in de pits. De pitspoezen zijn van het toneel verdwenen, maar dat weerhoudt de mannetjes er niet van om als cowboys in overalls met hun ‘gun’ in de aanslag te staan.

De Grand Prix van Melbourne was een saaie race. Niemand kon passeren op dit circuit. Max Verstappen bracht zichzelf vroeg in de problemen en reed zielloos op een zesde plek. Alleen de opwinding rond de pitstop kon de wedstrijd nog dragelijk maken.

Daar kwam Kevin Magnussen van het team Haas aan. De vier mannetjes hadden hun wheel gun in de aanslag. De bolide kwam precies op de goede plek tot stilstand. De mannetjes doken op de wielen.

Zzzzzz!

Wheel guns on fire. Los die schroef. Oude banden weg. Nieuwe banden erop. Zzzzzz! Auto omlaag. Gas, en weg was Magnussen alweer.

De mannetjes schreeuwden en keken de auto na. Aan de paniek zag je: één wiel was niet goed vastgedraaid. Ze werden ter plekke een jaartje ouder. Even later stond Magnussen stil op de baan.

De tweede bolide van het team – met Romain Grosjean achter het stuur – kwam aangereden. De mannetjes moesten weer aan het werk.

Zzzzzz! Los. Zzzzzz! Vast.

De auto scheurde weg. Een van de mannetjes in de pits zwaaide wild met zijn armen in de lucht. Wat? Nóg een keer fout? Schroefdraad en wielnaaf hadden kennelijk weer ruzie. Grosjean viel sputterend uit.

Niet de hoge snelheid bepaalde deze race, maar juist het moment dat twee bolides stilletjes een paar decimeter boven het asfalt hingen.

De mannetjes grepen naar hun hoofd, verpakt in een helm. Door hun vizier heen zag ik verslagen gezichten. De wheel guns lagen als stille getuigen in de hoek.

Zie ze liggen op hun rug; de mannetjes in hun hotelbed, starend naar het plafond. In hun hoofd draaide onophoudelijk de schroefkop van de wheel gun. Zzzzz! Het was een duizelingwekkend toerental maar verdomme: het klonk niet goed.

Een wheel gun kun je niet aanwijzen als hoofdschuldige, beseften ze. Dit was hun fout.

De mannetjes woelden en konden de slaap niet vatten.

Wilfried de Jong is schrijver en programmamaker.
    • Wilfried de Jong