Column

Burgemeester beroofd van moslimtas

Een politiebericht als alle andere: kort en effen. „Een 56-jarige vrouw uit Den Haag is maandagavond 5 maart van haar handtas beroofd bij tramhalte Om en Bij op de Hobbemastraat.”

Ik sta, drie weken later, op hetzelfde tijdstip bij dezelfde halte, waar tram 6 de smalle straat uitslingert. De Jan Lievenstraat ligt achter mij; daarin verdween de tassendief. Dit is de Schilderswijk, de straten zijn hoog en donker. Winkels heten Saray of Istikbal. Jonge mensen lopen in groepjes voorbij. Een oudere man in djellaba opent zijn voordeur. Scooters staan ingepakt in grijze hoezen.

De vrouw uit het politiebericht is Pauline Krikke, burgemeester van Den Haag. RTL Nieuws kwam daar vorige week achter. Zelf had ze het liever voor zich gehouden, zei ze, omdat de roof „in geen enkel opzicht persoonlijk tegen mij gericht was”. Volgens haar had de dader haar niet herkend.

Een adequate verklaring, maar te saai voor journalisten. Die willen zout op hun eitje.

Politiek commentator Frits Wester van RTL zei dat de gemeenteraadsverkiezingen er „wellicht” mee te maken hadden. Had Krikke het nieuws niet bekendgemaakt omdat de roof anders invloed zou kunnen hebben op de campagne? The Post Online zag er meteen een „doofpot” in.

„Ongetwijfeld”, zei Wester, zou de discussie zijn opgelaaid of de burgemeester „bepaalde wijken ’s avonds laat in haar eentje beter kan mijden”. Op de RTL-site stond: „De Schilderswijk is een van de armste wijken van Nederland en kampt van oudsher met veel sociale problemen en criminaliteit.”

Veel te keurig voor De Dagelijkse Standaard. De Schilderswijk heet daar „een ode aan de jihad en de criminaliteit”. Het blog concludeerde dat in Den Haag „niemand meer veilig is, zelfs bestuurders niet” en kruidde het politiebericht als een moslimprobleem.

De Volkskrant liet de woordvoerder van de burgemeester verklaren dat zij de beroving uit het nieuws had willen houden, omdat ze bij de tramhalte „niet in ambt” was geweest. Onzin, een burgemeester is altijd in ambt. De woordvoerder zou ook de wonderlijke zin hebben gesproken dat de beroving „geen implicaties heeft voor het imago van de Schilderswijk”.

Zo werd een kaal bericht op smaak gebracht in een cultuurstrijd – nog voordat de dader is gepakt. Beide posities worden bepaald door wantrouwen, van het blog ten aanzien van de buurtbewoners, van de krant ten aanzien van het blog.

Het wantrouwen is wederzijds. Ik loop bar Plein, halverwege de Hobbemastraat, binnen. Een klant vraagt of ik „van de AIVD” ben. „Hoezo”, antwoord ik. „Laat maar”, zegt hij. „Je kunt toch niet in mijn hoofd kijken.”

Jutta Chorus (j.chorus@nrc.nl) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Tom-Jan Meeus.