Uitslag referendum brengt eenheid coalitie in gevaar

Referendum inlichtingenwet

D66 en ChristenUnie willen de uitslag niet negeren, CDA en VVD wel. Opeens ligt er een serieus politiek risico voor de eenheid van de coalitie.

ANP

Eensgezind en vastbesloten waren ze van tevoren, de regeringspartijen VVD, CDA, D66 en ChristenUnie. Het referendum over de nieuwe inlichtingenwet was een verplicht nummer – afgedwongen door een groep studenten – maar zou geen politiek probleem worden. Ze verdedigden eensgezind de wet die inlichtingendiensten ruimere bevoegdheden geeft om informatie te verzamelen en te delen met buitenlandse diensten. Peilingen gaven tot een paar dagen voor het referendum aan dat een ruime meerderheid zou instemmen met de nieuwe wet.

En toen was er de stemming. Na telling van 93,5 procent van de stemmen stonden de tegenstemmers donderdagavond met 48,7 procent nipt boven de voorstanders (47,3 procent). De opkomst was 51,5 procent, ruim boven de drempel van 30 procent die het referendum rechtsgeldig maakt. Het kabinet Rutte II moet de wet nu „heroverwegen”.

En dat doet pijn in de coalitie. Bij de Tweede Kamerfracties D66 en ChristenUnie leeft het gevoel dat deze uitslag niet gegeneerd kan worden. CDA en VVD nemen een harder standpunt in: deze wet is te belangrijk om aanpassingen te overwegen. Opeens ligt er een serieus politiek risico voor de eenheid van de vierpartijencoalitie. Vrijdag spreekt de ministerraad voor het eerst over de uitslag. Welke opties heeft het kabinet?

Optie één: de wet intrekken

Dit is de meest radicale interpretatie van het ‘nee’ van de kiezer. Maar het lijkt ook een recept voor crisis in Den Haag. CDA-leider Buma had de kiezer vooraf al gewaarschuwd dat hij vindt dat deze wet er hoe dan ook moet komen. „Dat zeg ik nu nog”, zei hij donderdag stellig. De VVD lijkt er hetzelfde in te staan. Fractievoorzitter Klaas Dijkhoff zei donderdag over het ‘nee’ van de kiezer: „Je kunt zorgen hebben en belangen afwegen en dan ben ik nog steeds voor de wet.”

D66 en ChristenUnie zijn minder stellig, maar ook deze partijen hebben de wet voluit verdedigd in de aanloop naar het referendum. De regeringspartijen vinden bovendien allemaal – net als vrijwel alle oppositiepartijen – dat de huidige Wiv uit 2002 gemoderniseerd moet worden. Toen ging de meeste communicatie nog door de lucht en niet over de kabel. De nieuwe wet geeft de diensten de mogelijkheid op grotere schaal communicatie af te tappen van de kabel, waar bijvoorbeeld jihadisten tegenwoordig communiceren. De wet intrekken betekent dat dit allemaal voorlopig niet geregeld wordt.

Optie twee: de wet wijzigen

Dit was de inzet van het tegenkamp bij het referendum. De boodschap van partijen als GroenLinks en organisaties als Bits of Freedom was: ook wij zijn niet tegen een nieuwe wet, maar wel tegen déze wet. Zij pleiten er bijvoorbeeld voor het artikel over het op grote schaal verzamelen van kabeldata te schrappen. En ze willen de mogelijkheid om ongelezen berichten te delen met buitenlandse inlichtingendiensten uit de wet halen. De kans dat ze hun zin krijgen lijkt vooralsnog niet erg groot. CDA en VVD willen ook hier niet aan. Buma zei donderdag dat de politiek de wet, die hij heel belangrijk vindt voor de veiligheid, niet „moeilijker moet maken”. D66 en ChristenUnie houden zich op de vlakte: ze wachten het standpunt van het kabinet af. Hoe dan ook kost een wetswijziging veel tijd.

Lees meer over wat de politiek zou kunnen doen: De wet aanpassen? Hoe dan?

Optie drie: een ‘inlegvel’

Dat is een softe variant van verandering: geen echte wetswijziging, maar aanvullende afspraken over de uitvoering. Na het raadgevend referendum over het associatieverdrag van de EU met Oekraïne in 2016 zocht premier Rutte naar dit „geitenpaadje”. Uiteindelijk leidde dat tot een inlegvel bij het Europese verdrag dat zelf ongewijzigd bleef. Nu zou zo’n inlegvel neerkomen op opnieuw onderhandelen over passages in het regeerakkoord. Daarin had D66 namelijk al een soort inlegvel bedongen waarin staat dat er van het „willekeurig en massaal verzamelen van gegevens” geen sprake mag zijn. En heronderhandelen over het regeerakkoord is politiek dynamiet: als de een wat krijgt, wil de ander al snel ook wat.

Optie vier: niets doen

Het referendum was raadgevend en daarmee een advies van de kiezer dat het kabinet niet hoeft over te nemen: het is genoeg het besluit te „heroverwegen”. Eindelijk een oplossing waar Buma en Dijkhoff wél blij van worden. De vraag is of dit genoeg is voor D66 en ChristenUnie, die meer geneigd lijken gevolgen te verbinden aan de referendumuitslag. D66 staat bovendien onder druk als verliezer van de gemeenteraadsverkiezingen, voormalig voorstander van referenda en voormalig tegenstander van de nieuwe wet. De vraag is daarom: hoe hoog wil D66 deze kwestie opspelen om de eigen politieke geloofwaardigheid te redden? .