Tom Smith tijdens een optreden met Editors in Frankrijk, 2016.

Foto Hugo Marie

‘Editors zijn nergens zo groot als in Nederland’

Pop

De Britse groep Editors heeft een nieuw album uit (Violence), treedt dinsdag 27 maart op in de Ziggo Dome en staat op 17 juni op Pinkpop. „We maken duistere muziek om er licht in te laten schijnen.”

Een simpele verklaring heeft Tom Smith er niet voor, waarom het nieuwe album van zijn groep Editors Violence moest gaan heten. Zanger, gitarist en toetsenman Smith (36) is een vriendelijke en welbespraakte gentleman, die zelden op een krachtterm of een onbezonnen daad betrapt kan worden. Hij is vader van twee jonge zoons, die hij elke dag naar school brengt als hij niet op tournee is. Geweld en onmin gaat hij zo veel mogelijk uit de weg. Toch vrat er iets aan hem, bij het maken van Editors’ zesde album. Er zaten geesten in zijn kast die op de deur bonkten.

‘Brutal’ is het woord dat hij gebruikt om de artistieke ommezwaai van Editors aan te duiden. „We waren enthousiast aan een nieuw album begonnen en het was al bijna af, toen er iets begon te knagen. Er miste een krachtige verwijzing naar de stand van zaken in de wrede wereld van vandaag. Al ben ik er de songschrijver niet naar om daar heel expliciete nummers over te maken. Teksten houd ik liever abstract, zodat mensen er hun eigen interpretatie aan kunnen geven. Vooral de sfeer van de muziek moest de toestand in de wereld weerspiegelen.”

De band uit Birmingham gaf de bijna voltooide nummers in handen van producer Benjamin Power, die onder zijn artiestennaam Blanck Mass een reputatie heeft voor ruige, elektronisch gemanipuleerde mixen. Power ging er mee aan de slag en gaf de muziek een schrille, industriële gloed. Te extreem en monotoon, vonden de vijf bandleden toen ze de mixen van Power terugkregen. Om de zaak in balans te brengen brachten ze producer Leo Abrahams aan boord, die vooral het emotionele en melodieuze in Editors’ muziek naar boven haalde. „Precies de combinatie die we zochten”, zegt Smith. „Het roboteske van Powers en het warm menselijke van Abrahams. Onze muziek is er contrastrijker door geworden.”

Editors, met in het midden Tom Smith.

Foto Rahi Rezvani

Vriendenclub

Een storm van nietsontziende fuzzgitaarklanken daalt neer over ‘Hallelujah (So Low)’, een van de meest heftige nummers op Violence. De industriële accenten doen niet af aan het grootse en statige geluid waarop Editors sinds debuutalbum The Back Room (2005) patent hebben. Met meeslepende songs als ‘Bullets’ en ‘Smokers Outside the Hospital Doors’ werden ze een gewilde festivalact. De komende shows in Ziggo Dome en op Pinkpop ervaren ze nog steeds als iets heel bijzonders, zegt Smith. „Nergens zijn we zo groot als in Nederland, met België als een goede tweede. Het is elke keer weer een uitdaging om aan een show van dat formaat te beginnen. Ik zie het als mijn heilige opdracht om verbinding met het publiek te maken, hoe groot de zaal of hoe uitgestrekt het festivalterrein ook mag zijn. Een geconcentreerd publiek trekt ons omhoog en geeft ons energie.”

Lees ook de analyse van hun muziek: De 13 liefdes van de Editors

Tom Smith heeft het nog altijd over „de echtscheiding” als hij spreekt over het vertrek van gitarist en medeoprichter van de band Chris Urbanowicz in 2012. Diens plek werd ingenomen door twee nieuwe muzikanten, toetsenman Elliott Williams en gitarist Justin Lockey. Met oudgedienden Russell Leetch (bas) en Ed Lay (drums) is Editors weer de hechte vriendenclub die ze op zeker moment niet meer waren, zegt Smith. „Het nummer ‘Magazine’ stamt nog uit de periode dat het allemaal niet zo soepel liep. Het was bestemd voor ons derde album In This Light and On This Evening (2009) en we hebben verschillende malen vergeefs geprobeerd er een bevredigende opname van het maken. De breuk met Chris was onvermijdelijk, want we waren een span paarden geworden die de kar in verschillende richtingen wilden trekken. Het feit dat we ‘Magazine’ nu wel de power hebben kunnen geven die er potentieel altijd al in zat, tekent de effectiviteit van deze bezetting. Het voelt fantastisch dat alle neuzen weer één kant op staan.”

De geesten in mijn songs staan voor de angsten die ieder mens wel eens voelt

Gelijkgestemden

Smiths onwrikbare positivisme lijkt moeilijk te rijmen met de geesten die zijn teksten bevolken, in donkere songs van het nieuwe album als ‘Cold’ („Be a ghost tonight”) en ‘Counting Spooks’ („We’re holding it together/ counting spooks forever”). Popmuziek is op zijn best als er diepe menselijke emoties uit spreken, vindt hij. „Je zult me niet zo gauw horen zingen over mijn zaterdagavond op de dansvloer, of andere triviale zaken die als vrijblijvende soundtrack voor dagelijkse bezigheden kunnen dienen. Ik ben altijd op zoek naar inhoud in een popsong. Het boeit mij hoe een band als R.E.M. succesvol kon zijn met de sombere liedjes van hun album Automatic For The People, vol van compassie en oprechte emotie. De geesten in mijn songs staan voor de angsten die ieder mens wel eens voelt, en hoe je ze te lijf kunt gaan door ze eerst te benoemen. Ik schets een duistere wereld om er licht in te laten schijnen.”

De grote refreinen en aanstekelijke meezingmelodieën in Editors’ muziek sluipen er vanzelf in, merkt hij op. „In het begin verbaasde het me hoe grote groepen stoere jongens luidkeels mee konden brullen met een tekstregel als „people are fragile things”, uit ons nummer ‘Munich’. Inmiddels ben ik er aan gewend dat onze concerten samenkomsten zijn geworden van gelijkgestemden. Het nummer ‘Papillon’ is een ijkpunt in onze show, waaraan we kunnen afmeten of het publiek er echt bij is of niet. Een complex nummer, dachten we toen we het maakten. Hoe mis kun je het hebben. Elke keer dat we het spelen wordt het fanatieker meegezongen, door mensen die van zichzelf niet wisten dat ze zo hard konden zingen.”