Opinie

De kroeg als kieslokaal

Bij verkiezingen in Nederland gaat het er eigenlijk maar primitief aan toe, vindt Christiaan Weijts. “Ik ken de nadelen van stemmen per DigiD of smartphone, maar het zou die dramatische opkomst wel opkrikken.”

Ik kijk altijd verwonderd naar verkiezingen in Afrikaanse landen, waar ze je vinger in inkt dopen tegen fraude, maar in wezen gaat het er ook bij ons onthutsend primitief aan toe. In het Haagse café De Boterwaag zie ik dinsdagavond laat de biljetten, potloden, hokjes en papiercontainers verschijnen. Middeleeuws handwerk, in een tijd waarin belastingaangiften en banktransacties allang online gaan.

Ik drink een biertje met Maarten Hinloopen, eigenaar van zes horecazaken hier aan de Grote Markt. „Op de terrassen hoor ik mensen zó vaak mopperen op de politiek”, vertelt hij, „en als ze dan mogen stemmen, laat de helft het steeds afweten.” Dus nam hij het initiatief tot dit ‘nachtstemmen’. Of het helpt? Druk is het absoluut, maar vooral met een groep die net verderop ‘het ondernemersdebat’ bijwoonde. En met flyeraars van de diverse campagneteams. „Dit mag echt niet, hoor!” Hinloopen knikt naar een jasbutton. Lachend: „Campagnemateriaal in het kieslokaal.”

De meesten in de rij waren anders ook wel gaan stemmen. De beoogde doelgroep zit achterin, een stelletje aan een tafel, onder een ballon met het getal twintig. Ja, zij is jarig. „Stemmen? Oh, maar ik heb m’n stempas niet bij me.”

De mafste stunts verzinnen we om thuisblijvers te lokken – stembussen in musea, in trams, op boten, als drive-in, in kastelen of onderzeeërs – en het helpt amper. Ik ken de nadelen van stemmen per DigiD of smartphone, maar het zou die dramatische opkomst wel opkrikken, zo liet Binnenlandse Bestuur ooit onderzoeken.

Naar het schijnt blijven nu vooral laagopgeleide stemgerechtigden weg. Gekscherend heb ik eens geopperd dat dit geen ramp is, en we beter een IQ-test aan het kiesrecht kunnen koppelen. Maar vanavond zag ik hoe lukraak ook bij weldenkenden de stemkeuze tot stand kan komen. Bij de zaalpeilingen vóór en na het debat bleken behoorlijk veel van de 150 overwegend mannelijke ondernemers op de drempel nog van partijkeuze te zijn gewisseld.

Opvallendste verschil was gemeten bij de Partij voor de Dieren-lijsttrekker, Christine Teunissen. Zij verdubbelde van 5 tot 10 procent. Ze had dan ook wat gisse opmerkingen gemaakt. En zij was om klokslag twaalf uur de eerste die stemde: dames gaan voor. Dat de rest van de raadsleden man was, kan ook hebben meegespeeld, suggereren enkele ondernemers die ik later in de nacht spreek: Teunissen is 32 jaar, tevens jongste Eerste Kamerlid, en ontegenzeggelijk knap.

Het is betrekkelijk zinloos om die laagopgeleiden thuis te laten, als zelfs deze politiek-geïnteresseerden – pilsjes losjes in de hand – zo blindelings stemmen met hun… nou ja, onderbuik.

Christiaan Weijts schrijft op deze plek iedere vrijdag een column. Eenmalig heeft hij van dag geruild met Tom-Jan Meeus.