Wat is Paaseiland zonder zijn beelden?

Jaarlijks maken honderdduizend toeristen de oversteek naar Paaseiland om de wereldberoemde moai-beelden te aanschouwen. De vraag is of deze beelden de stijgende zeespiegel zullen overleven.

Ruim honderdduizend toeristen bezoeken het eiland jaarlijks.

Een archeologisch paradijs, duizenden kilometers verwijderd van het bewoonde land, riskeert zijn belangrijkste bron van inkomsten te verliezen. Jaarlijks reizen zo’n honderdduizend toeristen naar het eilandje ter grootte van Texel, verstopt in de wateren tussen Chili en Nieuw-Zeeland. Maar de grootste rijkdommen aanwezig, de indrukwekkende beelden die over het water uitkijken, dreigen opgeslokt te worden door de zee.

The New York Times maakte een multimediaal verhaal over Paaseiland, dat strijdt tegen de almaar stijgende zeespiegel. De kliffen waarop de wereldberoemde moai-beelden al eeuwenlang staan, slijten langzaam maar zeker weg, om in de toekomst onvermijdelijk in het water te verdwijnen.

Zonder ingrijpen kan de Indonesische hoofdstad Jakarta in 2025 gezonken zijn. Wat Jakarta nodig heeft, is een eigen Afsluitdijk.

Tijdscapsules en angst

Het eiland telt slechts zesduizend bewoners, toch zet het jaarlijks meer dan 70 miljoen dollar om dankzij de groepen toeristen die de oversteek maken. De bezoekers reizen bijna vierduizend kilometer voor de witte stranden, de indrukwekkende kliffen en de archeologische wonderen. Drie zaken die de stijgende zeespiegel niet zullen overleven.

Lees en zie bij The New York Times hoe bewoners van Paaseiland omgaan met de komst van het water, de bedreiging van hun belangrijkste inkomstenbron en het mogelijke verdwijnen van een van ‘s werelds belangrijkste archeologische vondsten. Met tijdscapsules, versnelde opgravingen en de angst voor het verlies van een cultuur. Zoals bewoner Camilo Rapu zegt:

“Je voelt je machteloos. Je kunt de beenderen van je voorouders niet eens beschermen.”