Erdogans ‘historische triomf’ bij Afrin baart buitenland zorgen

Turkse Interventie in Noord-Syrië

Turkije wil de inname van Afrin aangrijpen om de Koerdische militie YPG uit de hele grenszone met Syrië te verdrijven. Gevluchte Koerdische bewoners vrezen dat ze naar hun huizen kunnen fluiten.

Koerdische man loopt door Afrin, maandag 19 maart. Foto Khalil Ashawi / Reuters

‘We hebben historie geschreven in Afrin’. Dat was het oordeel van de regeringsgezinde media in Turkije. Veel kranten vergeleken de Turkse verovering van de Koerdische enclave in Syrië met de historische Turkse zege bij Canakkale in de Eerste Wereldoorlog in 1915. ‘100 jaar geleden Canakkale, 100 jaar later Afrin’, kopte Yeni Safak. De krant vergeleek president Erdogan met vader des vaderlands Atatürk en publiceerde foto’s van Turkse militairen die historische foto’s uit 1915 uitbeelden.

Buiten Turkije daarentegen overheerste bezorgdheid, ook omdat Erdogan zei de hele grenszone met Syrië onder Turkse controle te willen brengen. Het buitenland had ook meer aandacht voor plunderingen door Syrische rebellen in Afrin, die onder bevel staan van het Turkse leger. Zondag hadden ze zonder tegenstand de Koerdische stad ingenomen. Maandag reden de rebellen rond in gestolen tractoren, met aanhangwagens vol buitgemaakte huisraad. Een woordvoerder van Erdogan zei de berichten over plunderingen „zeer serieus” te nemen.

Lees ook: Erdogan: Turkse leger gaat verder in Syrië

De rebellen zijn een losse verzameling gematigde én streng-islamitische groepen, die Turkije heeft samengevoegd onder de vlag van het Vrije Syrische Leger. De meesten zijn Arabieren en Turkmenen, wat de etnische spanningen in Noord-Syrië verder op scherp zet. Afrin is een overwegend Koerdische enclave die bekendstaat als bastion van de Syrisch-Koerdische strijdgroep YPG. Veel Koerden die zijn gevlucht uit Afrin vrezen dat hun huis zal worden geconfisqueerd door Arabieren of Turkmenen.

De Verenigde Naties schatten dat er ruim 100.000 burgers uit Afrin zijn ontheemd, op een totale populatie van naar schatting 323.000 voor de Turkse operatie begon. De meesten zijn gevlucht naar gebieden die in handen zijn van het regime of van de YPG, Maar daar is een groot gebrek aan opvang.

Internationaal groeit de druk om de ontheemden zo snel mogelijk te laten terugkeren. Ankara zegt niet van plan te zijn in Afrin te blijven, maar de enclave te zullen overdragen aan lokaal bestuur. Daarbij geldt het gebied in de provincie Aleppo, dat Turkije vorig jaar veroverde op IS, als model. Dat wordt bestuurd door Syrische dissidenten, in nauwe samenspraak met de Turkse autoriteiten – zo is de grensstad Jarablus aangesloten op het Turkse elektriciteitsnet. In Afrin moeten ook Koerdische rivalen van de YPG in het bestuur komen.

„De Turkse autoriteiten lijken nu bezig hun aanwezigheid een vriendelijk, lokaal gezicht te geven”, schrijft Syrië-expert Aron Lund in een analyse voor het persbureau IRIN. „Maar Afrin heeft een decennia oude reputatie als een bolwerk van de [Turks-Koerdische guerrillabeweging] PKK. Veel ontheemden zullen niet willen – of niet kunnen – leven onder Turkse controle, vooral gezien het discriminerende beleid van Ankara tegen zijn eigen Koerdische minderheid.”

Lees ook: Afrin valt zonder slag of stoot

Bovendien is de vraag hoe stabiel Afrin zal zijn nu de YPG zich richt op een guerrilla tegen de Turkse en Arabische ‘bezettingsmacht’. Maandag vielen er elf doden toen een boobytrap ontplofte in een leegstaand gebouw in Afrin. Daarnaast verspreidden pro-Koerdische media beelden van twee verrassingsaanvallen van de YPG op Turkse troepen in Afrin.

Erdogan heeft aangekondigd met het Turkse leger en zijn bondgenoten het hele Turks-Syrische grensgebied op de YPG te zullen veroveren. Na Afrin „zullen we oprukken naar Manbij, Ayn al-Arab, Tel Abyad, Ras al-Ain en Qamishli totdat deze terreurcorridor volledig is verwijderd”. Ook dreigde Erdogan het offensief voort te zetten in Noord-Irak, als Bagdad niet optreed tegen de PKK in de regio.

Als het Turkse leger inderdaad doorstoot naar Manbij, dreigt er een confrontatie met de Verenigde Staten. Want anders dan in Afrin wordt de YPG in Manbij wél beschermd door Amerikaanse troepen. De Turkse regering zegt met de VS een akkoord te hebben gesloten over de terugtrekking van de YPG uit Manbij. Maar Washington ontkent dit.

De onzekerheid wordt vergroot doordat de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken is vervangen door Mike Pompeo, de voormalige directeur van de CIA, die Turkije na de mislukte coup „een totalitaire islamitische dictatuur” noemde. Door te dreigen met een aanval op Manbij voert Erdogan de druk op de VS op om tot een vergelijk te komen.

    • Toon Beemsterboer