Opinie

    • Lars Duursma

Laat politicus niet z'n eigen vragen bedenken

De NOS zet haar eigen geloofwaardigheid op het spel door politici de regie te geven over debatten, schrijft Lars Duursma.

Lijsttrekkers bijeen aan de vooravond van de verkiezingen voor de Tweede Kamerverkiezingen vorig jaar. Foto Phil Nijhuis

Journalist: „We willen u graag interviewen!” Politicus: „Dat doe ik alleen als ík de vragen mag verzinnen.”

Journalist: „Geen enkel probleem! Neemt u zelf maar wat leuke vragen mee, dan mag u ze hier beantwoorden.”

Dat is, kort samengevat, de aanpak van de NOS bij verkiezingsdebatten. Bij het Radio 1-debat mocht elke politieke partij zelf een stelling meenemen waarover werd gedebatteerd. Bij het afsluitende televisiedebat zal dat dinsdagavond niet anders zijn. Ook tijdens de landelijke verkiezingen vorig jaar koos de omroep voor deze werkwijze.

Normaal is het niet

Maar dat het vaker gebeurt, betekent niet dat het normaal is. Zoals geen enkele serieuze journalist de geïnterviewde zijn eigen vragen laat bedenken, is het ronduit bizar dat de NOS het formuleren van debatstellingen uitbesteedt aan campagneteams. De publieke nieuwsorganisatie gooit zo op het belangrijkste moment van ons democratisch proces de journalistieke principes overboord.

Het is namelijk naïef om te denken dat politieke partijen in campagnetijd dezelfde belangen hebben als de kiezer. Politici willen debatteren over onderwerpen waarop zij zich goed kunnen profileren. Dat zijn niet noodzakelijkerwijs de onderwerpen die voor de kiezer belangrijk zijn of waarbij de kiezer daadwerkelijk een keuze heeft. Bovendien hebben politici groot belang bij het mijden van thema’s die gevoelig liggen bij hun achterban.

De gemeente Tubbergen, speerpunt van het CDA

Dat is precies waarom een onafhankelijke organisator de stellingen van een debat moet bepalen, zodat doorslaggevend is op welke thema’s de kiezer werkelijk iets te kiezen heeft. Nieuw is dit uitgangspunt niet: zo’n beetje alle lokale verkiezingsdebatten werden de afgelopen weken op deze manier georganiseerd.

De keuze van de NOS leidde bij het radiodebat tot fascinerende taferelen. Sybrand Buma had de volgende stelling meegenomen: „Maak Nederland net zo veilig als Tubbergen.” Waarom Tubbergen? Omdat het CDA deze verkiezingen een reclamespotje heeft gelanceerd met deze gemeente in de hoofdrol. En wat is er nou mooier dan een spotje en een radiodebat die elkaar optimaal versterken. Het legde prachtig bloot hoe het campagneteam het debat zag: als een gratis advertorial.

Helaas voor Buma gooide Marianne Thieme roet in het eten. Volgens haar is Tubbergen „dé bioindustriegemeente van Nederland”. Ze legde de nadruk op de grote kippenfabrieken, die volgens haar beslist niet bevorderlijk waren voor de veiligheid. Het gaf vooral verwarring.

Toen Baudet niet kwam, koos D66 snel andere stelling

En zo was er wel meer mis met de stellingen. Alexander Pechtold bracht deze in: „Als we de tweedeling in ons land willen stoppen, moeten we beginnen in onze steden en dorpen.” Wat hij precies wilde, bleef onduidelijk, behalve dan dat het volgens hem belangrijk was dat mensen elkaar tegen blijven komen in hun gemeente. Goh.

Aanvankelijk wilde de D66-leider het overigens over discriminatie hebben, aangezien hij zich zo lekker kon profileren ten opzichte van Thierry Baudet. Maar nadat die zich had teruggetrokken voor het debat, werd de stelling direct vervangen.

Wie een debat organiseert, krijgt al snel kritiek. De een vindt dat te weinig kandidaten zijn uitgenodigd, de ander te veel. De een vond het debat te kort of vluchtig, terwijl de ander juist klaagt over slaapverwekkend lange discussies. En bij lokale verkiezingen is er de terugkerende vraag in hoeverre je landelijke politici aan het woord moet laten.

De essentie van journalistiek

Over al die dingen kun je discussiëren: er zijn meerdere manieren om een verkiezingsdebat te organiseren. Maar dit raakt de essentie van journalistiek. Zoals een journalist nooit mag accepteren dat de geïnterviewde de vragen bedenkt, mag een nieuwsorganisatie nimmer toestaan dat politieke partijen de stellingen aandragen. Wie zulke journalistieke basisprincipes schendt, verpest niet alleen het debat maar zet haar geloofwaardigheid op het spel.

    • Lars Duursma