De rituelen van een noordoosterstorm

Vanuit Princeton, New Jersey, schrijft over wat haar opvalt. Vandaag: hoe de sneeuw het dagelijks leven elk jaar weer platlegt.

Als Nederlander ben je al gauw wantrouwend. Als het een dag gaat sneeuwen en de noodtoestand wordt afgekondigd, zijn de instanties zich waarschijnlijk aan het indekken. Er mocht eens een sneeuwvlokje op het spoor vallen. Maar ik heb mijn les geleerd met superstorm Sandy, vijf jaar geleden. Honderd mensen vonden de dood, onder wie twee jongetjes in de leeftijd van onze zonen die thuis aan het spelen waren. Er viel een boom op hun huis.

Deze week is het weer zover. Onze dochter komt thuis in een T-shirt en korte broek met de mededeling dat het morgen sneeuwvrij is. Een nor’easter, het equivalent van onze zuidwesterstorm. Alles gaat dicht.

Om twee uur ’s nachts kijk ik uit het raam. Geen vlokje te zien. ’s Ochtends ligt er een flinterdun laagje sneeuw op het gras te smelten in de waterige zon. Ik plaag mijn dochter dat de school zich heeft bedacht en dat ze alsnog moet gaan.

Maar echt gerust ben ik er niet op. Om elf uur begint het dan toch echt te sneeuwen. Rond de lunch ligt er een dik pak. Alle takken zijn bedekt met een donzen deken. Dan steekt de noordoosterstorm op.

We lopen naar buiten met de hond, die als een dolle door de verse sneeuw rolt. Ik hoor ineens een knal hoog boven me. Er scheurt een enorme tak van de dennenboom af, die vlak voor me valt. Het witte hout is net een wond, waardoor je in de ziel van de boom kijkt. De tuin verandert al snel in een slagveld van afgebroken takken. Dan gaat het bliksemen en donderen. Thundersnow, had het weerkanaal aangekondigd. Wolken lichten spookachtig op.

Van alle Amerikaanse staten lijkt New Jersey het meest op Nederland. Qua oppervlakte de helft, verder even rijk, verstedelijkt en dichtbevolkt. Alleen staan hier heel veel meer bomen. In de zomer geven ze schaduw, in de herfst betoverende kleuren.

Maar de winterse mix van sneeuw, ijs en storm is dodelijk. Vele bomen begeven het. Ze vallen op auto’s, huizen, wegen, treinsporen en mensen. Ze vallen vooral op elektriciteitskabels, die hier niet onder de grond liggen, maar over hoge palen zijn gedrapeerd. Een gammel systeem. Je kunt er dan ook op wachten tot het mis gaat.

En ja hoor, om twee uur valt bij ons de elektriciteit uit. Grote gedeelten van de stad en de staat zijn nu zonder stroom. Het hele sociale leven valt stil. Vluchten worden afgezegd, wegen, zelfs hele wijken afgesloten. Bij ons gaat de stroom al snel weer aan, maar niet op de school, zodat de volgende dag opnieuw sneeuwvrij is. Hoera!

Na drie achtereenvolgende nor’easters zitten een half miljoen mensen aan de oostkust nog steeds zonder stroom. Een vriendin logeert al een week met haar pasgeborene in een hotel. Maar niemand maakt zich er echt druk om. Men is het gewend. Elke winter hetzelfde gedonder.

De sneeuw is nu langzaam aan het smelten. Vandaag loopt iedereen weer in een T-shirt en korte broek. Maar een nieuwe sneeuwstorm is op komst. We proberen ons staande te houden. Samen met een miljard bomen.

Reacties naar pdejong@ias.edu.