Schrijver die vol mededogen dichtte op eenzame uitvaarten

F. Starik (1958-2018)

De dood was altijd al een obsessie van de vrijdag overleden dichter F. Starik. ‘Elk moment kan het afgelopen zijn’, schreef hij in zijn laatste bundel Staat (2015).

F. Starik in 2013 Foto Patrick Post

Het belangrijkste kunstwerk van de dichter F. Starik overleeft zijn vroege dood vermoedelijk ruimschoots. Het project De Eenzame Uitvaart, waarvan hij aanjager en gezicht was, heeft inmiddels een flinke groep dichters gemobiliseerd, die de uitvaarten van in eenzaamheid gestorvenen opluisteren met een gedicht. „Het is in Beuysiaanse zin een ‘sociale sculptuur’”, zei Starik twaalf jaar geleden in NRC. „Kunst moet nuttig zijn en hiermee verandert er daadwerkelijk iets.” Vrijdag is F. Starik op 59-jarige leeftijd in Amsterdam overleden aan een hartstilstand.

Zijn overlijden kwam onverwacht, maar de dood was altijd al zijn obsessie. Zijn vaders vroege overlijden wakkerde die fascinatie aan. Die had niet per se met een zwaarmoedige inborst te maken, maar eerder met memento mori: ‘Elk moment kan het afgelopen zijn’, schreef hij in zijn laatste bundel Staat (2015).

Expressieve poëzie

Frank Starik, pseudoniem van Frank von der Möhlen, werd in 1958 geboren, studeerde fotografie aan de Rietveld Academie en was muzikant, beeldend kunstenaar en schrijver van meer dan tien dichtbundels. Hij werkte ook als fotograaf mee aan Maximaal, de geruchtmakende bundel van de dichtersgroep ‘de Maximalen’. Dat collectief, met Joost Zwagerman en Pieter Boskma als bekendste pleitbezorgers, schoof eind jaren tachtig het heersende minimalisme en de hermetische poëzie terzijde, en pleitte voor expressieve poëzie, voor opwindende lyriek die de werkelijkheid uitdrukte.

Die gedachte bleef Starik als dichter altijd trouw: zijn lyriek is uitgesproken aards, alledaagse woorden in toegankelijke zinnen. Verzette Starik zich in zijn officiële debuut Nepvuur (1987) nog tegen de zinloosheid van het bestaan, later gaf zijn poëzie vooral blijk van mededogen. Dat uitte zich met name in De Eenzame Uitvaart, oorspronkelijk een Gronings initiatief van de dichter Bart FM Droog, waarvoor Starik in 2002 in Amsterdam de ‘Poule des Doods’ oprichtte. Verschillende steden in Nederland en Vlaanderen namen het Amsterdamse succes over, gerenommeerde dichters als Menno Wigman, Judith Herzberg en Anneke Brassinga sloten zich aan. ‘Hier, vandaag, zitten er drie mensen in een zaal/ voor de man in het bushok. Niemand huilt./ Er is niets aan de hand’, schrijft Starik in het lange gedicht ‘Nergens veilig’, dat voortkwam uit het uitvaartgedicht voor de zwerver die omkwam toen een boom op een bushokje stortte.

Lees hier een interview met F. Starik uit 2006 over De Eenzame Uitvaart

Verwijt van oppervlakkigheid

Starik kreeg in 2009 de Amsterdamprijs voor de Kunst mede dankzij dit project, en was geliefd als stadsdichter in Amsterdam van 2010 tot 2011. Door critici werd hij niet altijd gewaardeerd: de woorden die hij gaf aan herkenbare taferelen leverden hem soms het verwijt van oppervlakkigheid op. Stariks gedichten waren ‘een beetje willekeurig, een beetje slordig, een beetje melig ook’, luidde de kritiek in NRC op zijn bundel Door (2013), het was ‘heel gewone poëzie’.

Maar juist dat gewone wist Starik ook in treffende regels te vatten. Bijvoorbeeld nog bij zijn laatste uitvaartgedicht, afgelopen dinsdag, voor een 93-jarige man die een vermogen bezat maar in soberheid stierf. Starik dichtte: ‘Geen overdreven sjieke dingen eten,/ geen jacht, geen villa met een hek/ om de mogelijkheden die mogelijkheden zijn gebleven, /gewoon, klein leven.’

Aanvulling (19 maart 2018): In een eerdere versie van dit stuk stond niet vermeld dat ‘De Eenzame Uitvaart’ oorspronkelijk een Gronings initiatief is van dichter Bart FM Droog. Hierboven is dat aangepast.

    • Thomas de Veen