Een minimaatschappij binnen de muren van de tbs-kliniek

Op de open dag van de Van der Hoeven kliniek valt vooral de open sfeer op. „Zie je die tralies? Die hebben de patiënten zelf gemaakt.”

De Van der Hoeven kliniek ligt in de Utrechtse wijk Lauwrecht. Foto Olivier Middendorp

Minstens dertig van de veertig bezoekers van de open dag bij de tbs-kliniek Van der Hoeven zijn vrouw en student. Zo ook Charlotte van Oirsouw (21) en Maartje Odekerken (22). Ze studeren rechten in Utrecht. Maartje appte direct Charlotte toen ze over de open dag op Facebook las. „We hebben het vaak over tbs in college”, vertelt Maartje. „Maar je weet niet hoe zo’n maatregel er in het echt uitziet.”

De Van der Hoeven kliniek staat in de Utrechtse wijk Lauwrecht, tegenover een kinderdagverblijf en een grote speeltuin. De kliniek heeft beveiligingsniveau vier, het zwaarste niveau in de forensische zorg, en biedt plek aan 110 patiënten. Deze zaterdag is er een landelijke open dag van tbs-klinieken.

Er was plek voor 1.600 mensen. Binnen een uur zat het vol. „De tbs ligt de afgelopen tijd onder een vergrootglas door incidenten met een dodelijke afloop,” zegt Berto Eelsingh, algemeen coördinator van de Utrechtse kliniek. Hij noemt de affaire Wilhelm S., een tbs’er die in 2005 tijdens verlof ontsnapte en iemand vermoordde. Onlangs was er ook de zaak-Anne Faber, hoewel verdachte Michael P. juist géén tbs had.

„Terecht dat voor incidenten aandacht is, maar in de meeste gevallen gaat het gewoon goed. Vandaag laten we dát zien.”

Drugs en kinderporno

Afgelopen maandag kwam de Van der Hoeven kliniek zelf in het nieuws. Het Algemeen Dagblad schreef dat er drugs en kinderporno de kliniek in werden gesmokkeld. De kliniek noemt de vondst van kinderporno ‘feitelijk onjuist’. Drugs is een ander verhaal. „Daarvan is ook niet voor te stellen dat het nooit binnen is,” zegt Josee Bos, locatiemanager. „Maar we krijgen veel vragen om hier in een drugsvrije omgeving diagnostiek te doen. Zolang we die vraag nog krijgen, zit het goed.” En we hebben meer urinecontroles dan bij het wielrennen, lacht coördinator Eelsingh.

Josee Bos (46) werkt al 23 jaar in de Van der Hoeven kliniek. Ze begon als groepsleider en is nooit meer weggegaan vanwege „de leuke sfeer”. Het is nadrukkelijk geen gevangenis. „De mensen hier zijn patiënten.”

Waar er in de gevangenis een ongelijke verhouding bestaat tussen bewaarders en gedetineerden, wordt er deze kliniek gestreefd naar „zoveel mogelijk gelijkwaardigheid” tussen medewerkers en tbs’ers. Daarom krijgen de patiënten waar het kan zelf verantwoordelijkheid.

„Zie je die stalen spijlen? Door patiënten gemaakt.” Bos wijst naar de witte spijlen achter de ramen. „Die hebben ze zelf gelast en gespoten, in de werkplaats.”

Aan de andere kant van de binnentuin zijn de leefgroepen.
Foto Olivier Middendorp
De witte tralies zijn door de patiënten zelf gemaakt.
Foto Olivier Middendorp
Links: De binnentuin, met aan de overkant de leefgroepen. Rechts: Deze witte tralies hebben de patiënten zelf gemaakt.
Foto’s Olivier Middendorp

Discobol

De open dag begint met een introductie in een zaal waarin Josee Bos en Berto Eelsingh de groep welkom heten. Boven hun hoofd hangt een discobol. „Nee hoor, we doen hier niet aan discofeesten”, vertelt communicatieadviseur Hiske Dibbets (51). „Maar er is wel om de twee jaar een grote theatervoorstelling. De laatste keer deden ze Odysseus, en ze speelden ook Romeo en Julia. Dat heette: Longstay in Love.”

Dan begint de rondleiding. De bezoekers lopen langs de grote binnentuin. Overal is glas, alles is wit en licht. Aan de andere kant van de binnentuin zijn de leefgroepen. „Als mensen dit voor het eerst zien zeggen ze vaak: het lijkt hier wel Center Parcs”, vertelt Marjolein Ausems (44), hoofd activiteiten. „Maar de patiënten zitten hier opgesloten, 24 uur per dag, gemiddeld acht jaar.” Ook wijst Ausems naar het speciale glas, en vertelt ze dat de technische dienst ooit testte hoe lang het duurde voordat het kapot ging. Dat was een halfuur. „En als je er een harde tik op geeft, gaat er meteen een alarm af. Dat geeft ook aan waar iemand staat te rammen.”

„Je vraagt je toch af: hoe veilig is het nou? De kliniek ziet er niet beveiligd uit”

Anne Doeleman (47) is hier om een stukje te schrijven voor de wijkkrant. „Mijn kinderen zitten op het kinderdagverblijf tegenover”, vertelt ze. „Je vraagt je toch af: hoe veilig is het nou? De kliniek ziet er niet beveiligd uit. Gelukkig is het dat wel.”

Na de tocht door de gang komt de groep bij de sportzaal. De kliniek heeft een dojo [vechtsportzaal, red.], een klimmuur en fitnessapparaten. „Het gaat hier niet om hoe goed iemand kan sporten, maar om de behandeldoelen,” vertelt sportdocent Erik Timmerman (37). „In spelmomenten kun je zien of iemand verbloemt hoe hij zich voelt. Als iemand aangetikt wordt en helemaal losgaat, weet je dat daar dus nog aan gewerkt moet worden.”

In de dojo worden vechtsporten beoefend.
Foto Olivier Middendorp
In de sportzaal gaat het niet om hoe goed iemand kan sporten, maar om de behandeldoelen.
Foto Olivier Middendorp
Links: De dojo, waar vechtsporten worden beoefend. Rechts: In de sportzaal gaat het er niet om hoe goed iemand kan sporten, maar om de behandeldoelen.
Foto’s Olivier Middendorp

Zwembad

„Wow!” klinkt het als de bezoekers de ruimte betreden waar Timmerman het trotst op is: het zwembad, mét sauna. „We mogen zelfs zwemdiploma’s afgeven.”

In een lokaal verderop in de gang maken vier mannen muziek. „Als ik het zelf mag zeggen, ik heb me nog nooit zo goed gevoeld,” zingt de zanger. Drie van de mannen blijken patiënten, de vierde is muziekdocent Hein Franssen (59). Hij vertelt dat de lessen muziek, theater en schilderen ook gelden als behandeling. „Ga maar eens een uur zingen, beter dan een uur bij de psychiater!” roept hij, en ze spelen verder.

De houtwerkplaats is een voorbereiding op de ‘echte wereld’.
Foto Olivier Middendorp
Er is zelfs een zwembad, mét sauna.
Foto Olivier Middendorp
Links: De werkplaats is voorbereiding op echt werk. Rechts: Het zwembad, mét sauna.
Foto’s Olivier Middendorp

Daarna de houtwerkplaats. Dat is één van de plekken in de kliniek waar patiënten werken. Ze krijgen betaald zodat ze zich kunnen voorbereiden op ‘het echte leven’. Ze krijgen een rapportcijfer op basis van hun gedrag, en dat wordt omgezet in geld. En willen ze een ander baantje in de kliniek, bijvoorbeeld in de keuken of de banketbakkerij, dan moeten ze daarop solliciteren.

Muziekbandje met vaders

„Het heeft wel iets knussigs,” zegt Charlotte van Oirsouw als de rondleiding voorbij is. Haar vriendin Maartje Odekerken knikt. De meiden waren niet echt onder de indruk van de drie patiënten in het muzieklokaal. „Het leek gewoon een bandje met vaders,” zegt Van Oirsouw. Odekerken voegt toe dat ze vindt dat de kliniek er goed voor zorgt dat de patiënten zich kunnen ontwikkelen. „Uiteindelijk gaan zij ook weer boodschappen doen. Waarschijnlijk zijn we allemaal wel eens iemand tegengekomen die ooit tbs heeft gehad.”

Was de open dag een tegenoffensief om weerstand te bieden aan het negatieve beeld dat bestaat over tbs? Nee, zegt Hiske Dibbets. „Mensen hebben geen realistisch beeld over tbs-klinieken.” „Ons doel is een veilige terugkeer in de maatschappij,” vult locatiemanager Bos aan. „Hun straf hebben deze mensen al uitgezeten voor ze hier komen.”

    • Charlotte Bouwman